Hoofdstuk 3 Retourgoederen en emballage

Hoofdstuk 3 Retourgoederen en emballage
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide
StudielessenPraktijkonderwijsLeerjaar 2,3

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Hoofdstuk 3 Retourgoederen en emballage

Slide 1 - Tekstslide

Dit gaan we leren
Wat zijn retourgoederen en wat doe je ermee?
Retourgoederen klaarzetten.
Wat staat op een retourbon?
Een retourzending controleren.
Wat is emballage?
Emballage controleren.
Hoe kun je rekening houden met het milieu?
Rekenen met statiegeld. 

Slide 2 - Tekstslide

Wat is retourneren?

Slide 3 - Open vraag

Wanneer retourneer je een product?

Slide 4 - Woordweb

Waarom retourneer je goederen?
Levering is kapot.
Je hebt goederen niet besteld.
Meer artikelen gekregen dan besteld.
Er is iets mis mee.
Artikelen zijn over de THT-datum.
Het emballage is. 

Slide 5 - Tekstslide

Retourgoederen klaarzetten
Vaak haalt de leverancier de retourgoederen zelf op.
Van tevoren klaarzetten. Vaak op een speciale plek.


Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Tekstslide

Retourzending controleren

Slide 8 - Tekstslide

Welke verpakkingsmaterialen ken jij?

Slide 9 - Woordweb

Slide 10 - Video

Wat is emballage?

Slide 11 - Open vraag

Emballage bon

Slide 12 - Tekstslide

Emballage
- Speciale omverpakking die je verschillende keren kunt gebruiken.
- Verpakking met waarde (statiegeld). Voorzichtig omgaan met emballage. 
- Emballage moet terug naar de leverancier.
- Bewaren op speciale afdeling van het magazijn.
- Chauffeur van leverancier haalt het op. Neemt mee naar het bezorgen van goederen. 

Slide 13 - Tekstslide

Rekening houden met het milieu.

Verpakkingsmaterialen opnieuw gebruiken.
Zorgen voor weinig afval.

Slide 14 - Tekstslide

Aan het werk
Opdracht: 1 t/m 13
Blz. 36 t/m 46

Deze opdrachten hoeven NIET: 7

Slide 15 - Tekstslide