1.1. Het leven van de jagers-verzamelaars (2)


Arm en rijk
Hoofdstuk 1
1 / 31
volgende
Slide 1: Tekstslide
Mens & MaatschappijMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 1

In deze les zitten 31 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les


Arm en rijk
Hoofdstuk 1

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Programma
  • Introductie                              (5 min)

  • Theorie                                      (15 min)
- Paragraaf 1.1 (Het leven van een jager-verzamelaar)


  • Opdracht leerwerkboek     (20 min)
  • Bespreken/afsluiten            (10 min)

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

H1 Arm en Rijk
Par. 1.1. Het leven van jagers-verzamelaars
  • De eerste mensen in Nederland.
 


Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen
Aan het einde van de les kan de leerling...
  1. Het verschil tussen geschreven bronnen en ongeschreven bronnen herkennen en beschrijven.
  2. Uitleggen wat prehistorie is.
  3. Uitleggen wat een archeoloog is en wat diegene doet.
  4. Beschrijven wat een samenleving is.





Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

1.1 Het leven van jager-verzamelaars.
Begrippen:
- Archeoloog.
- Middel van bestaan.
- Nomaden.
- Samenleving (samenleving van jagers- en verzamelaars).
- Tijd van jagers en boeren.
- Werktuig.
- Zelfvoorzienend. 
- Prehistorie

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

  • Jij wil onderzoek doen naar hoe mensen vroeger leefden. 

  • Waaraan kan jij zien hoe mensen vroeger leefden?



Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Bronnen van onze kennis
Hoe kom je er achter hoe mensen vroeger leefden?
  1. Geschreven bronnen. Bijvoorbeeld (dagboeken en kranten).
  2. Ongeschreven bronnen. Bijvoorbeeld (werktuigen en grotschilderingen)

Hoe noem je de tijd waaruit we geen geschreven bronnen hebben?
  • Prehistorie (voor de uitvinding van het schrift).

Maar wie zijn deze mensen die ongeschreven bronnen vinden, opgraven en bestuderen?
  • Archeoloog.
  • Dat zijn dus wetenschappers die opgravingen doen en deze bestuderen.

Bronnen van onze kennis
  • Hoe kom je er achter hoe mensen vroeger leefden?
  1. Geschreven bronnen. Bijvoorbeeld (dagboeken en kranten).
  2. Ongeschreven bronnen. Bijvoorbeeld (werktuigen en grotschilderingen)
  • De tijd waaruit we geen geschreven bronnen hebben noemen we...
  • De prehistorie (periode voor de uitvinding van het schrift).

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Prehistorie
• Mensen konden toen niet schrijven. • Informatie op basis van: gevonden voorwerpen, grottekeningen en andere opgravingen.

Deze ongeschreven bronnen worden door wetenschappers gevonden, opgraven en bestudeerd.
Hoe worden deze mensen genoemd?

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Onze 'oer-moeder'..?
Hoe wordt zo een persoon genoemd?

Slide 9 - Tekstslide

Reconstructie: het onderzoeken hoe een gebeurtenis zich precies heeft voltrokken
Onze 'oer-moeder'..?
  • Archeoloog
  • Wetenschappers die opgravingen doen en deze bestuderen.
  • Doordat archeologen dingen opgraven en bestuderen weten wij  veel over hoe de mensen vroeger leefden. Net als....

Slide 10 - Tekstslide

Wat graven archeologen op? 
Van ouder gesteente tot menselijke overblijfselen. 

Waarom doen ze dat?
- Dit doen ze omdat wij op deze manier veel te weten kunnen komen over hoe mensen vroeger leefden.

Hoe doen ze dat?
Zij hebben hiervoor hun gereedschap. Dit moet heel precies en stapsgewijs gebeuren anders kan je je vondst beschadigen. 

Reconstructie: het onderzoeken hoe een gebeurtenis zich precies heeft voltrokken
Onze 'oer-moeder'..?
  • Net als Trijntje...
  • Opgegraven door een archeoloog.
  • Tijd van jagers en verzamelaars.
  • Oudste mens gevonden in Nederland.

  • Een reconstructie


Slide 11 - Tekstslide

Reconstructie: het onderzoeken hoe een gebeurtenis zich precies heeft voltrokken

Slide 12 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Trijntje...
  • Wie heeft Trijntje opgegraven?
  • Een archeoloog (iemand die opgravingen doet en deze bestudeert).

Leefde Trijntje voor of na de uitvinding van het schrift?
  •  Vóór de uitvinding van het schrift. Mensen konden in de tijd van jagers-verzamelaars nog niet lezen en schrijven. 

Hoe werd de tijd genoemd waarin het schrift nog niet was uitgevonden en waarin Trijntje dus leefde?
  • De pre-historie.



Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Trijntje... 

  • Leefde samen met een groepje van 25 man. Zij leefde in de tijd van Jagers en verzamelaars.

  • De manier waarop mensen in een grote groep samenleven noemen we een maatschappij of een... samenleving. 

Hoe noemen we een samenleving waarin mensen als nomaden leven van jagen en verzamelen?
  • Samenleving van jagers en verzamelaars.  

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Aan de slag:

Basis/Kader:
Blz. 15
Opdracht 6 t/m 9.

Kader/Mavo:
Opdracht 5 t/m 8.

Ben je klaar... Maak herhaling. 


timer
15:00

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De geschiedenis is opgedeeld in hoeveel tijdvakken?
A
4 tijdvakken
B
6 tijdvakken
C
10 tijdvakken
D
14 tijdvakken

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

In welk tijdvak zitten de jagers en verzamelaars?
A
1e tijdvak: monniken en ridders.
B
3e tijdvak: steden en staten.
C
1e tijdvak: jagers en verzamelaars.
D
1e Tijdvak: Jagers en boeren.

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoe kwamen jagers en verzamelaars aan voedsel?
A
De mannen die eetbare planten verzamelden.
B
De mannen en vrouwen die samen gingen jagen.
C
De vrouwen die noten en bessen verzamelden.
D
De vrouwen en kinderen die gingen vissen.

Slide 19 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Waarom waren jagers en verzamelaars nomaden?
A
Jagers-verzamelaars vonden het nooit leuk om lang op één plek te blijven.
B
Als het eten ergens op was moesten zij naar een andere plek verhuizen.
C
Zo konden zij hun familie bezoeken.
D
Alle antwoorden zijn JUIST.

Slide 20 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoe wordt het genoemd als mensen zelf zorgen voor alles wat nodig is om te leven?
A
Werktuigen
B
Nomaden
C
Zelfvoorzienend
D
Middel van bestaan

Slide 21 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Werktuig
Nomade
Middel van bestaan
Manier om aan voedsel te komen. Bijvoorbeeld door te jagen of eten te verzamelen uit de natuur.
Voorwerp waarmee je iets doet of maakt. Bijvoorbeeld: pijlpunten, bijl, speer.
Rondtrekkend persoon, zonder vaste woonplaats.

Slide 22 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat voor werktuig zou jij meenemen als jij moest gaan jagen?

Slide 23 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

De tijd voor de uitvinding van het schrift noem je de..?
A
Tijd van de jagers-verzamelaars
B
Prehistorie
C
Historie
D
Tijd van jagers en boeren.

Slide 24 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Stelling:
Het tijdvak jagers en boeren vond plaats in de prehistorie.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 25 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Stelling:
Ook uit ongeschreven bronnen kunnen wij informatie vandaan halen over het verleden.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 26 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Geschreven bronnen
Ongeschreven bronnen

Slide 27 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hiernaast zie je een archeoloog aan het werk.

Wat bestudeert een archeoloog?
A
Het verleden door er boeken over te lezen.
B
Het verleden door oude voorwerpen en gebouwen op te graven.
C
Het verleden door gesprekken te voeren en interviews te houden.
D
Alle antwoorden zijn onjuist.

Slide 28 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

De manier waarop mensen in een grote groep samenleven noemen we...
A
Nomaden
B
Zelfvoorzienend
C
De prehistorie
D
Een samenleving

Slide 29 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is landbouw...
A
Voedsel telen op een vast stuk land
B
Akkerbouw en veeteelt
C
Beide antwoorden zijn juist

Slide 30 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen
Aan het einde van de les kan de leerling...
  1. Het verschil tussen geschreven bronnen en ongeschreven bronnen herkennen en beschrijven.
  2. Uitleggen wat prehistorie is.
  3. Uitleggen wat een archeoloog is en wat diegene doet.
  4. Beschrijven wat een samenleving is.





Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies