IB_FR_ZMYP3- Periode_1-Cours_5 20251009

1 / 48
volgende
Slide 1: Tekstslide
FransMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1

In deze les zitten 48 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Startklaar
Enlevez votre manteau. 
Mettez votre téléphone portable dans votre sac à dos.
Écouteurs dans vos sacs à dos.
Posez vos sacs à dos par terre.
Posez votre ordinateur portable fermé dans le sac à dos.
Mettez votre matériel scolaire sur la table.
timer
5:00

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

S'il vous plaît,

Fermez votre ordinateur.
Close your laptop.
Sluit je computer af.

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Tijdens de les.../ Pendant le cours...

... vous êtes silencieux lorsque le professeur parle.
... vous êtes silencieux lorsqu'un camarade de classe parle.
... écoutez ce que le professeur dit et suivez les instructions.
... vous êtes amical à tout moment.
... vous participez activement.

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 6 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welkom bij LA French
Unit 1: How do other people live?
Qu'est-ce qu'il y a autour de moi?
Learner Profile:
Communicators
ATL (Action: Teaching and learning through inquiry):
Communication/Collaboration/Reflection skills
Related concepts:
Context
Key concept:
Communication
Statement of Inquiry : As we learn a new language, we establish connections that not only enrich our communities but also situate our culture within the context of our surroundings and the era we live in.
Global context:
Identity formation

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Programma
  • Voorkennis/ Connaissances préalables
  • Leerdoelen opstellen/ Objectifs d’apprentissage
  • Correctie van de oefeningen/ Correction des devoirs
  • Instructie/ Instructions
  • Aan de slag/ Au travail
  • Reflectie en leerdoelen check/ Réflexion et vérification des objectifs d'apprentissage

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Overzicht periode 1
Week 1
Week 2
Week 3
Week 4
Week 5
Quels mots en français peut-on utiliser pour parler de la maison ?
What French words can we use to talk about the house?




Qu'est-ce qu'il y a autour de moi?
What is around me?





Comment c'est chez moi?
What is my place like?
Qu'est-ce qu'il y a dans ta ville?
What is there in your city?
Comment peut-on communiquer efficacement pour savoir le bon chemin ?
How can we communicate effectively to find the right way?

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Overzicht periode 1
Week 6
Week 7
Week 8
Week 9
Week 10
Week 11
Comment c'est chez toi?
What is your home like?

SA

Comment c'est chez moi?
What is my home like?
Peut-on influencer le monde autour de nous?
Can we influence the world around us?

Ville ou campagne?
City or countryside?

Révision/
Content review

Examen/
Test

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

SA/ PO 
16 Octobre

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Homework
Correction

Slide 13 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Homework
Correction
Question 1

Slide 14 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Correction
exercice 1
1. Il n’y a pas de cinéma en ville.
2. Il n’y a pas d’école près de la bibliothèque.
3.Il n’y a pas de supermarchés dans le quartier.
4. Il n’y a pas de parc derrière le musée.
5. Il n’y a pas de pharmacie à côté de la poste.

Slide 15 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Homework
Correction
Question 2

Slide 16 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Correction
exercice 2
1. Ce n’est pas la maison de Pierre.
2. Ce ne sont pas les livres de la bibliothèque.
3.Ce n’est pas le cinéma du centre-ville.
4.Ce n’est pas l’hôpital de la ville.
5.Ce ne sont pas les élèves de l’école.

 

Slide 17 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Homework
Correction
Question 3

Slide 18 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Correction
exercice 3
1. Pierre vient de rentrer à la maison.
2.Je viens d’aller à la pharmacie.
3.Nous venons de voir un film au cinéma.
4.Tu viens d’acheter du pain à la boulangerie.
5.Ils viennent d’arriver à l’hôpital.


 

Slide 19 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Homework
Correction
Question 4

Slide 20 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Terugblik-opdracht

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Ouvrez votre ordinateur.
Open your laptop.
Open je computer.

S'il vous plaît

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Conjuguez au passé récent.
elle (manger)
A
Elle venir de manger.
B
Elle va manger.
C
Elle vient de manger.
D
Elle mange.

Slide 23 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Traduisez:
Je viens de manger un hamburger.
A
Ik heb een hamburger gegeten.
B
Ik eet een hamburger.
C
Ik heb net een hamburger gegeten.
D
Ik ga een hamburger eten.

Slide 24 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Conjuguez au passé récent.
vous (jouer de la guitare)
A
Vous jouez de la guitare.
B
Vous venez jouer de la guitare.
C
Vous allez jouer de la guitare.
D
Vous venez de jouer de la guitare.

Slide 25 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

passé récent = venir + de + infinitief

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Zet de woorden in de juiste volgorde: ils / ne / un cadeau / d’acheter/ pas / viennent
A
Ils ne viennent pas d’acheter un cadeau.
B
Ils d’acheter ne viennent pas un cadeau.
C
Ils un cadeau ne viennent pas d’acheter.
D
Ils ne viennent pas un cadeau d’acheter.

Slide 27 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is de futur proche?
A
Tegenwoordige tijd
B
Nabije toekomst
C
Verleden tijd

Slide 28 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoe maak je de futur proche?
A
avoir + hele werkwoord
B
Aller + hele werkwoord
C
être + werkwoord

Slide 29 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Futur Proche

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Terugblik-opdracht - Sleep de vertaling naar de plaatjes.
(naar) links
(naar) rechts
ver (weg)
dichtbij

Slide 31 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Terugblik-opdracht
Première 
Deuxième 
à droite 
à gauche 
Tout droit 
Troisième 
La rue 
Rechtsaf 
Eerste 
Linksaf 
Rechtdoor 
De straat 
Tweede 
Derde

Slide 32 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen
  • Je sais dire où se trouvent les choses dans une maison./ I know how to say where things are in a house./ Ik weet waar de dingen in een huis staan.
  • Je sais poser des questions./ I know how to ask questions./ Ik weet hoe ik vragen moet stellen.
 
 

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Instructie

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Les prépositions de lieu.

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


L'écureuil est ... l'arbre.
A
à gauche de
B
sur
C
à droite de
D
dans

Slide 36 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies



La souris est .... le cube.
A
à gauche de
B
devant
C
sur
D
derrière

Slide 37 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies



La lampe est .... le meuble.
A
sur
B
sous
C
devant
D
derrière

Slide 38 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


L'homme est...
A
sous le lit
B
dans le lit
C
sur le list
D
à côté du lit

Slide 39 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 40 - Video

Deze slide heeft geen instructies

le lit
l'ordinateur
la fenêtre
l'armoire
la table de nuit
le fauteuil
le tapis

Slide 41 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Je sais dire où se trouvent les choses dans une maison./ Ik weet waar de dingen in een huis staan.
😒🙁😐🙂😃

Slide 42 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

De vraagwoorden

Slide 43 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Les questions/Vragen
Que
=
Wat
Comment
=
Hoe
=
Waar
Quelle
=
Wat/Welke
(Avec) qui
=
(Met) wie
Quand
=
Wanneer
Pourquoi
=
Waarom
Combien
=
Hoeveel

Slide 44 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Répondez aux questions.
-Tu habites OÙ?
- COMMENT ça va?
- Tu as COMBIEN de frères et soeurs?
- Ton anniversaire, c'est QUAND?
- QU'EST-CE QUE tu préfères, la pizza ou la crèpe?
- POURQUOI tu aimes ça?
- QUI est ton ami?
– QU'EST-CE QUE tu n’aimes pas manger ?

Slide 45 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Je sais dire où se trouvent les choses dans une maison./ Ik weet waar de dingen in een huis staan.
😒🙁😐🙂😃

Slide 46 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Reflectie
  • Je sais dire où se trouvent les choses dans une maison./ I know how to say where things are in a house./ Ik weet waar de dingen in een huis staan.
  • Je sais poser des questions./ I know how to ask questions./ Ik weet hoe ik vragen moet stellen.

Slide 47 - Tekstslide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende Unit. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag op basis van het Learner Profile en de ATL-skills. Dit wordt vastgelegd in Toddle. Samen blikken docent en leerlingen vooruit aan de hand van de JdW-planner.

Slide 48 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies