Oppervlakte en omtrek

omtrek & oppervlakte
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
RekenenPraktijkonderwijsLeerjaar 1

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

omtrek & oppervlakte

Slide 1 - Tekstslide

Lesdoel
Aan het einde van de les kun je uitleggen hoe je de omtrek en oppervlakte kunt berekenen. 

Slide 2 - Tekstslide

We gaan beginnen met het uitrekenen van de omtrek 
en
oppervlakte

Slide 3 - Tekstslide

omtrek is er dus omheen

Slide 4 - Tekstslide

oppervlakte is dus er op

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Video

Stel: Je plaatst een hek om de tuin. Hebben we hier te maken met de omtrek of oppervlakte?
A
Omtrek
B
Oppervlakte

Slide 8 - Quizvraag

Ik wil om de hele buitenkant van de tuin een lang lint met gekleurde lampjes ophangen.
A
Omtrek
B
Oppervlakte
C
Allebei
D
Geen van beide

Slide 9 - Quizvraag

Ik ga mijn dak bedekken met nieuwe dakpannen.
A
Omtrek
B
Oppervlakte
C
Allebei
D
Geen van beide

Slide 10 - Quizvraag

Ik wil het plafond van de huiskamer witten. Hoeveel verf heb ik ervoor nodig?
A
Omtrek
B
Oppervlakte
C
Allebei
D
Geen van beide

Slide 11 - Quizvraag

Ik ga het schoolplein helemaal opnieuw betegelen met rubberen tegels. Verder zet ik er een hek omheen.
A
Omtrek
B
Oppervlakte
C
Allebei
D
Geen van beide

Slide 12 - Quizvraag

Oppervlakte
Hoe bereken je de oppervlakte?

lengte x breedte = oppervlakte

Dat noem je:
m² = vierkante meter

Slide 13 - Tekstslide

Oppervlakte

Slide 14 - Tekstslide

Hoe reken je op de oppervlakte van een figuur uit?
4
A
lengte + breedte
B
lengte x breedte
C
lengte x diepte
D
lengte x hoogte

Slide 15 - Quizvraag

De oppervlakte van de klas meet je in
6
A
cm2
B
m2
C
dm2
D
ha

Slide 16 - Quizvraag

Wat is de
oppervlakte
van dit figuur?
1
A
6 cm²
B
12 cm²
C
10 cm²
D
8 cm²

Slide 17 - Quizvraag

Wat is de
oppervlakte
van dit figuur?
3
A
9 cm²
B
12 cm²
C
10 cm²
D
18 cm²

Slide 18 - Quizvraag

Ik heb een rechthoek van 6 cm bij 10 cm. De oppervlakte van deze rechthoek is?
7
A
60 cm2
B
32 cm2
C
40 cm2
D
24 cm2

Slide 19 - Quizvraag

Aan de slag!
In tweetallen:

De docent geeft aan van welk vlak je de 
oppervlakte en omtrek moet berekenen.
- schrijf het antwoord op 
- schrijf de de rekensom op
- schrijf een voorbeeld op waarom het belangrijk kan zijn om de oppervlakte en omtrek van het vlak te berekenen
timer
15:00

Slide 20 - Tekstslide