HEY 5.2 Zouten in water

5.2 Zouten in water
Les 1
1 / 35
volgende
Slide 1: Tekstslide
ScheikundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 35 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

5.2 Zouten in water
Les 1

Slide 1 - Tekstslide

Vandaag
Je leert wat er op microniveau gebeurt als een zout in contact komt met water.
Je leert hoe je de oplosbaarheid van een zout in water bepaalt en hoe je oplosvergelijkingen en indampvergelijkingen opstelt. 

Eerst even herhaling van vorige paragraaf!

Slide 2 - Tekstslide

Wat is de formule van het hydroxide-ion?
A
OH-
B
S2-
C
O2-
D
NH4+

Slide 3 - Quizvraag

Wat is de verhoudingsformule van natriumfosfaat?
A
Na(PO4)3
B
Na2CO3
C
Na3PO4
D
NaF

Slide 4 - Quizvraag

Wat is de naam van PbO2?
A
loodoxide
B
lood(II)oxide
C
lood(IV)oxide
D
looddioxide

Slide 5 - Quizvraag

Zouten oplossen
Zout oplossen: valt uiteen in losse ionen en deze ionen kunnen vrij bewegen
--> elektrische geleiding

Veel zouten goed oplosbaar in water

Slide 6 - Tekstslide

Hydratatie
Ionen laten elkaar los en worden omgeven door watermoleculen --> gehydrateerde ionen

Slide 7 - Tekstslide

Oplosvergelijking
Oplosvergelijking:
zout (s) -> +ion (aq) + -ion(aq)

Aqua geeft aan dat er een 
mantel van water om het ion zit


Slide 8 - Tekstslide

natriumchloride oplossen in water:
  • wat is de formule van natriumchloride?
  • NaCl
  • oplosvergelijking:
  • NaCl (s) -> Na+ (aq) + Cl- (aq)

aluminiumnitraat oplossen in water:
  • wat is de formule van aluminiumnitraat?
  • Al(NO3)3
  • oplosvergelijking:
  • Al(NO3)3 (s) -> Al3+ (aq) + 3NO3- (aq)

Slide 9 - Tekstslide

Zouten herkennen aan kleur
Sommige zouten kun je herkennen aan hun kleur als je ze oplost in water. 

Koper geeft een blauwe kleur
IJzer(II) geeft een lichtgroene kleur
IJzer(III) geeft een lichtbruine kleur
BiNaS 65B

Slide 10 - Tekstslide

Zouthydraten
Zouthydraat: watermoleculen opgenomen in het kristalrooster van een zout 
Kristalwater: het opgenomen water
Omkeerbare reactie: afstaan van kristalwater is endotherm 
(je moet het dus verwarmen om het kristalwater te verwijderen)

Blauw kopersulfaat
en
Wit kopersulfaat:


Slide 11 - Tekstslide

Opnemen - afstaan kristalwater
Opnemen van kristalwater is een exotherme reactie (er komt dus energie vrij).
Afstaan van kristalwater is een endotherme reactie (je moet er energie instoppen).

Slide 12 - Tekstslide

kristalwater openemen/afstaan
Het opnemen van kristalwater is meestal een exotherm proces


het afstaan van kristalwater is dan dus een endotherm proces

Slide 13 - Tekstslide

Kristalwater naamgeving
.Bekende stoffen die kristalwater bevatten:
  • Blauw kopersulfaat; CuSO4 . 5H2O (s)     kopersulfaatpentahydraat
  • Soda Na2CO3 . 10H2O (s)                                natriumcarbonaatdecahydraat
  • Gips; CaSO4 . 2H2O (s)                                     calciumsulfaatdihydraat
  • Aluin; KAl(SO4)2 . 12H2O (s)     



Slide 14 - Tekstslide

Aan de slag!
5.2 Zouten in water lezen
Maken opdr. 17 t/m 23

Vergeet je nakijkwerk niet!

Slide 15 - Tekstslide

5.2 Zouten in water
Les 2

Slide 16 - Tekstslide

Huiswerkcheck
5.2 Zouten in water lezen
Maken opdr. 17 t/m 23

Vergeet je nakijkwerk niet!

Slide 17 - Tekstslide

Wat gebeurt er met een zout wanneer je dit oplost in water?
A
Niks
B
Verdwijnt
C
Valt uit elkaar in ionen
D
Ionen blijven aan elkaar

Slide 18 - Quizvraag

Hoe noem je een ion wat in water is opgelost?
A
Gehydrateerd ion
B
Opgelost ion
C
Zout
D
Zoutoplossing

Slide 19 - Quizvraag

Wat is de formule van zinknitraat?
A
Zn(NO3)2
B
ZnNO3
C
Zn2NO3
D
Zn(NO3)3

Slide 20 - Quizvraag


Welke hydratatie zie je hiernaast?
A
Hydratatie van een positief ion
B
Hydratatie van een negatief ion
C
Dat is niet op te maken uit dit plaatje.

Slide 21 - Quizvraag

Leerdoelen
Je leert wat er op microniveau gebeurt als een zout in contact komt met water.
Je leert hoe je de oplosbaarheid van een zout in water bepaalt en hoe je oplosvergelijkingen en indampvergelijkingen opstelt. 


Slide 22 - Tekstslide

Wat gebeurt er als een zout in water komt?
- ion rooster val uit elkaar in losse ionen 

Slide 23 - Tekstslide

Oplosvergelijking 
.



Belangrijk: ALTIJD de fases aangeven!!!
Getallen die eronder staan, zet je na de pijl voor het ion

Slide 24 - Tekstslide

Oplosbaarheid 
Niet alle zouten lossen op.
Als de ionbinding te sterk is, komen die ionen niet los

Binas tabel 45A!
Belangrijke symbolen: g (goed oplosbaar), s (slecht oplosbaar) en r (reageert met water)

Slide 25 - Tekstslide

Slide 26 - Tekstslide

Voorbeeld

Oplosvergelijking van lood(II)jodide
  • lood(II)jodide: PbI2
  • kijk bij Pb2+ en I-
  • deze is slecht oplosbaar
  • dus er is GEEN oplosvergelijking

Slide 27 - Tekstslide

4 zouten met een oxide-ion (O2-) reageren in water:
O2- neemt H+ van water op en wordt OH-

Na2O + H2O -> 2OH- + 2Na+
K2O + H2O -> 2OH- + 2K+
CaO + H2O -> 2OH- + Ca2+
BaO + H2O -> 2OH- + Ba2+

Slide 28 - Tekstslide

Indampvergelijking
Wanneer een zout is opgelost, kun je deze oplossing
ook indampen. Het water verdampt, de lossen ionen
trekken weer naar elkaar en worden een vast zout

Indampvergelijking:
+ion (aq) + -ion(aq) -> zout(s)
  • Voorbeeld
    bariumbromide-oplossing indampen:
    Ba2+ (aq) + 2Br- (aq) -> BaBr2 (s)

Slide 29 - Tekstslide

De oplosvergelijking van
zinknitraat is:
A
Zn2+(aq)+2NO3(aq)Zn(NO3)2(s)
B
Zn(NO3)2(s)Zn2+(aq)+2NO3(aq)

Slide 30 - Quizvraag

De indampvergelijking van
een zinknitraat-oplossing is:
A
Zn2+(aq)+2NO3(aq)Zn(NO3)2(s)
B
Zn(NO3)2(s)Zn2+(aq)+2NO3(aq)

Slide 31 - Quizvraag

Hoe is de oplosbaarheid van magnesiumfosfaat?
A
goed
B
matig
C
slecht

Slide 32 - Quizvraag

Hoe is de oplosbaarheid van ammoniumfluoride?
A
goed
B
matig
C
slecht

Slide 33 - Quizvraag

De oplosvergelijking van aluminiumfosfaat, , is:
AlPO4
A
Al3+(aq)+PO43(aq)AlPO4(s)
B
AlPO4(s)Al3+(aq)+PO43(aq)
C
Dit zout lost slecht op.
D
AlPO4Al3++PO43

Slide 34 - Quizvraag

Aan de slag!
5.2 Zouten in water lezen
Maken opdr. 24 t/m 29

Slide 35 - Tekstslide