Bienvenue au cours de français
Bienvenue au cours de français
Bienvenue
Au programme:
kennismaken
plattegrond
Hoe ziet een les eruit?
Wat heb je nodig?
Boek doornemen
inloggen LessonUp
Qui est votre prof?
KLD
d.kloos@rsg-sneek.nl
ma, di, do
De les Frans
Wat verwacht ik:
wacht bij de deur tot ik zeg dat je naar binnen mag
groet als je binnenkomt (Bonjour!)
blijf zitten tot de bel gaat
Ga op je vaste plek zitten, pak je spullen en kijk op het bord wat de startopdracht is en ga daarmee aan de slag
wees voorbereid --> leer je woordjes, maak je opdrachten
respect
Wat heb je nodig tijdens de les Frans?
een goed humeur
je boek
een schrift
markeerstiften
opgeladen laptop
agenda
Het boek
Livre d'activités A
chapitre 1,2,3
herhalingchapitre 4
Livre d'activités B
chapitre 5,6,7
herhaling chapitre 8
Welke Franse woorden ken je al?
Wie is er afgelopen zomer naar Frankrijk op vakantie geweest?
Oui
Non
Hoe zeg je in het Frans 'hallo'?
Bonjour
Bonsoir
Coucou
Salut
Waarom zou je Frans moeten (willen) leren?
Wat hoort bij elkaar?
ik heet
het boek
de pen
tot ziens
Au revoir
Je m'appelle
Le stylo
Le livre
Les devoirs
Neem de volgende keer je boek A + schrift mee.
maken
blz 6 opdracht 1C
blz 9 opdracht 4b
Wat is de juiste uitgang? Il (aimer) le chocolat
aimes
aiment
aimez
aime
En hier? Nous (adorer) Harry Styles
adores
adorent
adorons
adorez
Les devoirs
Huiswerk volgende les
Maken vanaf blz 10
opdracht 1a,2,3a,4,9,12b
Les verbes en -er --> blz 186
Bienvenue au cours de français
Bienvenue H3C / G3A
Au programme:
kennismaken
plattegrond
Hoe ziet een les eruit?
Wat heb je nodig?
quiz .....
Qui est votre prof?
KLD
d.kloos@rsg-sneek.nl
ma, di, vrij
De les Frans
Wat verwacht ik:
wacht bij de deur tot ik zeg dat je naar binnen mag
groet als je binnenkomt (Bonjour!)
blijf zitten tot de bel gaat
Ga op je vaste plek zitten, pak je spullen en kijk op het bord wat de startopdracht is en ga daarmee aan de slag
wees voorbereid --> leer je woordjes, maak je opdrachten
respect
Wat heb je nodig tijdens de les Frans?
een goed humeur
je boek
een schrift
markeerstiften
opgeladen laptop
agenda
je mapje met inhoud
Waarom leer je Frans volgens jou?
Pourquoi on apprend le français à l'école?
Je kan het gebruiken als je op vakantie gaat.
Het is een wereldtaal (francophonie).
Een taal hoort bij een cultuur. Leer je daar iets van.
Meertalig zijn is een goed brein gymnastiek.
Je kan het later in je werk gebruiken.
Het is een prachtige taal.
Het maakt vooral je wereld groter!!
Ik vind het vak Frans...
Leuk
Leuk maar wel moeilijk
Horrible!!!
Geen mening.
Mijn niveau voor Frans is...
Goed
Gemiddeld
Slecht
Ik vind lees en luistervaardigheid best moeilijk
Ik denk dat ik Frans ga kiezen volgend jaar.
Oh Hell no!!!!!!
Ik twijfel nog....
OUI!!!!
Ik weet het niet.
Lesdoelen/buts
Aan het eind van de les:
- Weet ik wat ik ga dit jaar leren en waarom.
- heb ik een snelle opfriscursus gehad
Je bent zelfstandig aan het werk en je weet niet wat je moet doen bij exercice 3, bv. Je vraagt om hulp.
Je ne comprends pas.
J'ai une question.
Voulez-vous répéter s'il vous plait?
Je peux aller aux toilettes s'il vous plait?
Je bent vergeten tijdens de pauze naar de wc te gaan, maar je moet echt heel nodig. Wat vraag/zeg je?
Je ne comprends pas.
Tu peux répéter s'il vous plait?
J'ai une question.
Je peux aller aux toilettes s'il vous plait?
Aan het einde van het jaar, heb je
Alle basis grammatica geleerd. In jaar vier is alleen herhaling of verdieping.
Veel woordenschat en standaard zinnen geleerd en kan praten over:
jezelf en social media
je vrije tijd
jezelf redden op reis
jezelf reden in een restaurant
Strategieën geleerd met leesvaardigheid:
Titel en plaatjes, markeren, vragen lezen, eerste en laatste zin, niet alles vertalen...
Herken je veel vraag/signaal woorden en hun belang met leesvaardigheid.
Wij hebben
nous sommes
nous avons
nous allons
nous avez
Maak de volgende zin ontkennend:
'Vous mangez au restaurant ce soir?"
'Vous mangez pas au restaurant ce soir?"
'Vous mangez ne pas au restaurant ce soir?"
'Vous n'mangez pas au restaurant ce soir?"
'Vous ne mangez pas au restaurant ce soir?"
Maak de volgende zin ontkennend:
"C'est mon film préféré. "
C'est ne pas mon film préféré
Ne c'est pas mon film préféré.
Ce n'est mon film préféré.
Ce n'est pas mon film préféré
93
Soixante-trois
Soixante-treize
Quatre-vingt-trois
Quatre-vingt-treize
Gebruik het juist bezittelijk voornaamwoord:
" {Zijn} soeur a 3 enfants"
son
sa
ses
ma
zij zijn...
ils/elles ont
ils/ elles avons
ils/ elles sont
ils/elles sommes
Zet het werkwoord in présent :
"Tu {adorer} le foot"
adores
adorer
adore
adorez
Zet het werkwoord in de présent:
"Vous {jouer} au poker"
jouez
joue
joué
jouer
Wat zijn de uitgang van de présent van werkwoorden op -er
-e / -es / -e / -ons / -ez / -ent
-es / -es / -e / -ons / -ez / -ont
es / -e / -e / -ons / -ez / -ent
Answer D
Kies de juiste vorm:
"Sophie a un pantalon ... "
noire
noir
noires
noirs
Kies de juiste vorm:
"Il a deux {...} soeurs"
grande
grand
grandes
grands
nu
jamais
parfois
toujours
maintenant
Grâce à
Dankzij
toch
nog
misschien
Voilà la leçon est finie
Pour la prochaine leçon, tu as besoin de:
ta bonne humeur
ton livre
ton cahier
ta trousse
ton ordinateur chargé
Les devoirs pour G3A:
leren apprendre A blz 48 + herhalen werkwoorden op - er