The Future

Today
1. Homeworkcheck

2. Grammar 2: The Future

3. Homework time
Goal:

- je kunt in 3 zinnen de future toepassen.




1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolvmbo k, g, tLeerjaar 2

In deze les zitten 23 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Today
1. Homeworkcheck

2. Grammar 2: The Future

3. Homework time
Goal:

- je kunt in 3 zinnen de future toepassen.




Slide 1 - Tekstslide

Homework check

41 t/m 44

 


Slide 2 - Tekstslide

The future!

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Tekstslide

Do you see those clouds? It _______________________ (rain) a lot today!
A
rains
B
is raining
C
is going to rain
D
will rain

Slide 6 - Quizvraag

Uitleg
is going to rain

want je maakt een voorspelling met bewijs, je ziet de wolken (clouds)

Slide 7 - Tekstslide

I found out that P!NK is coming to The Netherlands next year. I ________________________ (see) her!
A
see
B
am seeing
C
am going to see
D
will see

Slide 8 - Quizvraag

Uitleg
am going to see

want het gaat over een plan dat je voor de toekomst hebt. 

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Tekstslide

Oof! That bag looks really heavy. I ________________ (help) you with that!
A
help
B
am helping
C
am going to help
D
will help

Slide 11 - Quizvraag

Uitleg
will help

want je biedt aan om te helpen.

Slide 12 - Tekstslide

When I grow up, I ___________________ (live) in a huge house.
A
live
B
am living
C
am going to live
D
will live

Slide 13 - Quizvraag

Uitleg
will live

want je maakt een voorspelling voor de toekomst, maar je hebt er geen bewijs voor, je denkt/hoopt het.

Slide 14 - Tekstslide

To be going to + verb
I am going to go
You are going to walk
He is going to sleep
She is going to work
It is going to rain
We are going to play
They are going to eat

Slide 15 - Tekstslide

Future: present simple
  1. tijden volgens vast schema
  2. aankomsttijden,openingstijden etc

The shops open at 9 am.

Slide 16 - Tekstslide

Future Simple
Vorm
Gebruik
Example:
Infinitief + (s)
Vaststaande gebeurtenissen in de toekomst die onderdeel zijn van een dienstregeling, rooster, of ander schema. 
The train arrives at six o'clock.

Does the supermarket close at 6 o'clock?

Our next class starts in twelve minutes.
Future: Present Simple

Slide 17 - Tekstslide

Future present simple (TB p. 121)

  • tijden volgens een vast schema:
  • dienstregeling
  • rooster
  • reisschema

Slide 18 - Tekstslide

Future present simple

The trains to brussel .........(vertrekken) from platform 6.
A
Departs
B
Depart
C
Departing
D
departed

Slide 19 - Quizvraag

Future tense: Present Simple

Wanneer gebruiken?
A
Gebruik bij tijden (klok)
B
Gebruik bij afspraken met vaste tijd/plaats
C
Gebruik bij plannen of voorspelling met bewijs
D
Gebruik bij beloftes of voorspelling zonder bewijs

Slide 20 - Quizvraag

Fill in the Future tense with the Present Simple:
The bus.....at 9:00 pm.
A
leaves
B
leave
C
is leaving
D
left

Slide 21 - Quizvraag

Fill in the Future tense with the Present Simple:
The shop ..... at 8:00 am.
A
opened
B
opens
C
open
D
is opening

Slide 22 - Quizvraag

Homework:
- maken: opdr. 48

Voorbereiden(om te spreken in de les) 
opdr. 50 + 51

Slide 23 - Tekstslide