Geluid 1: wat is geluid/frequentie?

Geluid
1 / 48
volgende
Slide 1: Tekstslide
Natuurkunde / ScheikundeMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 2

In deze les zitten 48 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 80 min

Onderdelen in deze les

Geluid

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen

1. Je kan uitleggen wat geluid is
2. Je kan uitleggen wat een geluidsbron is
3. Je kan uitleggen hoe het geluid vanuit een geluidsbron zich verspreid
4. Je kan uitleggen wat frequentie is.

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een voorbeeld van een grootheid?

Slide 3 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een voorbeeld van een eenheid?

Slide 4 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Dichtheid
Massa
Afstand
g
g/cm3
m

Slide 5 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is geluid?

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

0

Slide 7 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Wat is geluid?
A
Een luchtje
B
Een trilling
C
Een snaar
D
Een drum

Slide 8 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 9 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Hoe komt het geluid via jouw stembanden in mijn trommelvlies?
A
Doordat de lucht trilt
B
Doordat jij trilt
C
Doordat je stembanden trillen
D
Doordat er hard gepraat wordt

Slide 10 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een geluidsbron?
Je mag ook voorbeelden noemen

Slide 11 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

geluidsbron: iets dat geluid maakt

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Trilt een hoge toon sneller dan een lage toon?

Leg je vinger op je keel.
Je mag nu 10 seconden lang je stem van een lage toon naar een hoge toon blijven veranderen.
GO!
timer
0:10

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat viel je op?

Slide 14 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een trilling?

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Frequentie
Is hoe vaak het geluid per seconde trilt
Geluid met een hoge toon trilt heel vaak per seconde
Als geluid vaak per seconde trilt, dan heeft het een hoge frequentie

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

frequentie
Een hoge toon heeft een hoge frequentie
Een lage toon heeft een lage frequentie
De eenheid van frequentie is Herts (Hz)

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Frequentie
Frequentie is het aantal trillingen per seconde.
Het symbool voor frequentie is de kleine letter f. 
De frequentie wordt gemeten in hertz (Hz). 

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke toon klinkt hoger?

Een toon met een frequentie van 200 Hz
Een toon met een frequentie van 150 Hz
Een toon met een frequentie van 600 Hz

Slide 19 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Frequentiebereik; Het bereik van geluid.
Groen is het frequentiebereik van de mens!
20 Hertz (Hz) tot 2000 Hertz (Hz)

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Geluid horen

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Geluid horen

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Geluid horen

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Frequentie (bereik)
Frequentie = de hoeveelheid trillingen per seconden
De eenheid is hertz (Hz)


Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Frequentiebereik
Groen is het frequentiebereik van de mens!
20 Hertz (Hz) tot 2000 Hertz (Hz)

Slide 25 - Tekstslide

Het frequentiebereik is het gebied tussen de laagst en de hoogst bereikbare frequentie van een apparaat, bijvoorbeeld een luidspreker, geluidsdrager of toongenerator.
Trillingstijd en frequentie




Golflengte                              
Trillingstijd              T              
Frequentie               f            
λ

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Amplitude

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Amplitude
De maximale uitwijking vanaf de ruststand heet de amplitude. 

Een grotere geluidssterkte heeft een grotere amplitude. 

Een zacht geluid heeft een kleine amplitude. 

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

 Amplitude en frequentie
.






Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Gehoordrempel
  • Onze oren horen niet alle tonen even goed
  • Om een lage toon te horen moet het geluid hard zijn
  • In de gehoordrempel kun je zien hoe hard het geluid moet zijn (qua toonhoogte) om het te kunnen horen
  • Onze oren zijn het gevoeligst van tonen 1000-5000 Hz.
  • Mensen horen het beste bij 4000 Hz. 

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Gehoordrempel/pijngrens
De geluidssterkte waarbij je een toon begint te horen is de gehoordrempel.

Bij 50 Hz is deze 
34 dB.
Bij de pijngrens gaan je oren pijn doen.

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Gehoordrempel en pijngrens
De gehoordrempel en pijngrens zijn niet voor elke frequentie hetzelfde. 
Dat kun je zien in de grafiek hiernaast:
Hoofdstuk 8. Geluid
§8.3 Geluidssterkte

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Decibel is de eenheid waarmee je de sterkte van geluid meet. 0dB betekend geen geluid en de rest zie je hiernaast.
Decibel kun je meten met een decibelmeter.

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

8.3 Geluidssterkte
  • De geluidssterkte heeft als eenheid decibel (dB)
decibelmeter
De geluidssterkte is afhankelijk van de afstand tot het geluid.

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

samenvatting
frequentie( aantal trillingen per sec) in Hertz
geluidssterkte (amplitude) in decibel

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

1
2
Geluidssnelheid

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

rekenen met geluidssnelheid
geluidssnelheid is 340 m/s
Dus het geluid van de donder is 340 m/s. 

Stel je telt 6 seconden, hoever is het onweer van je vandaan?

Slide 37 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Geluidssnelheid
afstand = geluidssnelheid x tijd 

s = v * t 

Slide 38 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Geluidssnelheid
afstand = geluidssnelheid x tijd 

s = v * t 
s = 340 * 6 = 2040 m
  = 2 km

Slide 39 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Geluidssnelheid berekenen
Voor het berekenen van de afstand die geluid aflegt, kan je ook een formule gebruiken:

s = v x t

s = de afstand die het geluid aflegt (m)
v = de geluidssnelheid (m/s)
t = de tijd (s)

Slide 40 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

9.2 Geluidssnelheid 

Slide 41 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Afstand berekenen
Geluidssnelheid vaak bekend, afstand berekenen

Afstand = snelheid x tijd 

Slide 42 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

centrale eenheid

Slide 43 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De eenheid kun je vervangen door een andere eenheid, de manier van omrekenen blijft gelijk!

Slide 44 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Eenheden omrekenen 

Slide 45 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Eenheden omrekenen 

Slide 46 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 47 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 48 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies