1V: Marche 7 : 60 + 61

Bienvenue :)
  • Telefoon thuis of in de kluis
  • Kauwgom in de prullenbak
  • Jas uit, over je rugleuning
  • Petje/capuchon af
  • Tas op de grond naast je
  • Klaar voor de les met boek + schrift + schrijfgerei 
1 / 28
volgende
Slide 1: Tekstslide
FransMiddelbare schoolvwoLeerjaar 1

In deze les zitten 28 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 5 videos.

Onderdelen in deze les

Bienvenue :)
  • Telefoon thuis of in de kluis
  • Kauwgom in de prullenbak
  • Jas uit, over je rugleuning
  • Petje/capuchon af
  • Tas op de grond naast je
  • Klaar voor de les met boek + schrift + schrijfgerei 

Slide 1 - Tekstslide

Bienvenue :)
  • Telefoon thuis of in de kluis
  • Kauwgom in de prullenbak
  • Jas uit, over je rugleuning
  • Petje/capuchon af
  • Tas op de grond naast je
  • Klaar voor de les met boek + schrift + schrijfgerei 

Slide 2 - Tekstslide

Bienvenue :)
  • Telefoon thuis of in de kluis
  • Kauwgom in de prullenbak
  • Jas uit, over je rugleuning
  • Petje/capuchon af
  • Tas op de grond naast je
  • Klaar voor de les met boek + schrift + schrijfgerei 

Slide 3 - Tekstslide

Bonjour!
Bonjour!

Slide 4 - Tekstslide

Le programme
Artistes françaises!
Welke artiest heb jij gekozen?
Tijdsbepalingen
exercices 60, 61 et 62

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Video

Lesdoelen
Aan het eind van deze les,
... heb je de dagen van de week geleerd.
... ken je nieuwe woorden die te maken hebben met tijd, seizoenen en andere tijdsbepalingen.
... heb je kennisgemaakt met Franse klassiekers!

Slide 7 - Tekstslide

Welke franstalige artiest heb jij onderzocht? En wat vind leuk/mooi je aan hem of haar?

Slide 8 - Open vraag

La météo: sleep het juiste weer naar het juiste plaatje.
Il neige
Il y a du soleil
Il pleut
Il fait -5 degrés

Il y a du vent


Slide 9 - Sleepvraag

Un siècle
We maken exercice 60 (p. 130).

Vertaal het berichtje in je schrift!

Slide 10 - Tekstslide

Sleep de seizoenen naar de goede plek.
zomer
herfst
winter
lente

Slide 11 - Sleepvraag

Les jours de la semaine
Vertaal de dagen van de week naar het Frans. Sleep blauw naar rood!
On est quel jour?
> On est....
woensdag
donderdag
vrijdag
zaterdag
dinsdag
maandag
zondag
mardi
vendredi
mercredi
lundi
samedi
jeudi
dimanche

Slide 12 - Sleepvraag

Les saisons, les jours et les mois
We maken exercice 61 en  62
(p. 131).

We kijken de filmpjes en leren een hele hoop nieuwe woorden!!

Slide 13 - Tekstslide

Combinez les mois
décembre
janvier
mai
juin
mars
avril
février
août
juillet
septembre
novembre
octobre
Januari
April
mei
juli
December
maart
februari
juni
augustus 
november
september
oktober

Slide 14 - Sleepvraag

leerlinglkr / pxmnax
kies: 1V verbes:  -er + avoir en être
timer
5:00

Slide 15 - Tekstslide

Zinsvolgorde
tijd           onderwerp   alle ww.           LV             MV             plaats

Aujourd'hui je vais acheter un cadeau pour ma mère à Rotterdam.
Vandaag ga ik een cadeau kopen voor mijn moeder in Rotterdam.

Hier, mon père a fait une randonnée avec moi dans la forêt.
Gisteren heeft mijn vader een wandeling gemaakt met mij in het bos.

Slide 16 - Tekstslide

Zet deze zin in de goede volgorde:
nous - Hier - sur les artistes françaises - en classe - avons appris

Slide 17 - Open vraag

chansonniers français
Vormingsopdracht

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Video

Slide 20 - Video

Slide 21 - Video

Slide 22 - Video

Welke versie sprak jou het meest aan?
Jacques Brel
Édith Piaf
cover van Lady Gaga
Barbara Pravi
of toch... Charles Aznavour?

Slide 23 - Poll

Les devoirs
Apprendre: FIX 1 t/m 125 NF/NF + woordgroep 6
Faire: ex. 58 + 59

Oefen de werkwoorden 
op  Verbuga!

login: leerlinglkr
wachtwoord: pxmnax

Kies één van de 1V competities

Slide 24 - Tekstslide

Slide 25 - Tekstslide

Lesdoelen
Aan het eind van deze les,
... ken je kleuren in het Frans
... weet je waar het woord 'alfabet' vandaan komt
... heb je op een grappige manier nagedacht over je eigen naam
... weet je hoe de accenten in het Frans heten

Slide 26 - Tekstslide

Lesdoelen gehaald?
😒🙁😐🙂😃

Slide 27 - Poll

Wat was het leukste onderdeel van vandaag? Noem 3 nieuwe woorden met accenten die je vandaag hebt geleerd!

Slide 28 - Open vraag