Sensor 2KM 1.1 Water

Waterzuivering
1.1 Water, mengsels en concentratie
Aan de slag met pen en papier
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
Nask / TechniekMiddelbare schoolmavoLeerjaar 2

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 4 videos.

Onderdelen in deze les

Waterzuivering
1.1 Water, mengsels en concentratie
Aan de slag met pen en papier

Slide 1 - Tekstslide

Doelen van deze les:
Aan het eind van dezeparagraaf moet je de volgende dingen kunnen:
  • Kunnen uitleggen wat de waterkringloop is. (verdamping, wolken, regen, rivier, zee)
  • Kunnen uitleggen het verschil  tussen zoet en zout water en hoe zoet uit zout water ontstaat.
  • De termen oppervlaktewater en grondwater kunnen omschrijven.
  • De term mengsel kunnen omschrijven en het verschil tussen mengsels uitleggen

Slide 2 - Tekstslide

Water
Beantwoord alleen de volgende vragen en schrijf ze op:
Waar komt regen vandaan?
Kun je zeewater drinken?
Is kraanwater een zuivere stof of een mengsel?

Slide 3 - Tekstslide

Waterkringloop
Waar gebeurt wat?
verdamping = vloeibaar → gas
condensatie = gas → druppels
neerslag = water valt terug

Slide 4 - Tekstslide

Cloud seeding

Slide 5 - Tekstslide

Waterkringloop
Wat is eerst?
verdamping = vloeibaar → gas
condensatie = gas → druppels
neerslag = water valt terug

Slide 6 - Tekstslide

Waterkringloop
Zoet of zout water?
zoet = weinig zout
zout = veel zout
Hoe ontstaat het?

Slide 7 - Tekstslide

Verschillende soorten mengsels
Een mengsel bestaat dus uit verschillende soorten moleculen.
We kennen 3 soorten mengsels met water:




   oplossing               suspensie                             emulsie


                                               

                                                                                                  

Slide 8 - Tekstslide

Medicijnen in drinkwater?

Slide 9 - Tekstslide

Medicijnen in drinkwater?

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Video

Slide 12 - Video

Slide 13 - Video

Welke stoffen zijn een mengsel?
A
Water
B
Zout
C
Zeewater
D
Suiker

Slide 14 - Quizvraag

welke van onderstaande woorden is geen fase?
A
vast
B
ijs
C
gas
D
vloeibaar

Slide 15 - Quizvraag

Sleep de woorden aan de rechterkant naar het juiste zwarte vlak.
homogene mengsels
heterogene
mengsels
beton
brons
azijn
stoom
verf
sinaasappelsap
mayonaise
koffie
cola
zuivere lucht

Slide 16 - Sleepvraag

Slide 17 - Video

Toelichting
In de uitlegvideo wordt de formule iets anders toegepast dan in jouw handboek. In de video wordt het mengsel oftewel de vloeistof al omgerekend naar liters. In het boek wordt dat tijdens de berekening van de formule gedaan. (x1000 mL staat aan het eind van de formule)
Je mag beide methodes gebruiken. Alleen niet door elkaar heen!

Slide 18 - Tekstslide

Noteer de formule waarmee je de concentratie kunt uitrekenen.

Slide 19 - Open vraag

Deze vraag heb ik nog:

Slide 20 - Open vraag