Vaardigheidslessen Spreken

Deelvaardigheid Spreken B1/B2
les 4: onderbreken en oe-uu-ui
Mevrouw Vivan
ISK ROC-Mondriaan 2025-2026
1 / 33
volgende
Slide 1: Tekstslide
NT2ISK

In deze les zitten 33 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Deelvaardigheid Spreken B1/B2
les 4: onderbreken en oe-uu-ui
Mevrouw Vivan
ISK ROC-Mondriaan 2025-2026

Slide 1 - Tekstslide

- tongbrekers en instructie werkvorm printen
- A3 vellen met cirkels voor bedenken van de woorden
- touwen maken met 1, 3, 5 m en totaal 10
Interactie

'ik vind het eng om iemand aan te spreken'
Correctheid

'ik gebruik de verkeerde lidwoorden (en aanwijswoorden) als ik praat'
Vorige week...

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Verstaanbaarheid

'ik praat te zachtjes'
Verstaanbaarheid

'ik spreek de oe, ui en uu niet goed uit'

Deze week!

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Verstaanbaarheid

'ik spreek de oe, ui en uu niet goed uit'
Is het 'erg' als je deze klanken niet goed uitspreekt?

  • Nee: als iemand gewoon begrijpt wat het woord is, maakt het niet zo uit --> Mevrouw, ik zag een maus! (muis 🐭)

  • Soms: als iemand daardoor niet (helemaal) begrijpt wat je bedoelt --> Mevrouw, ik ben loe vandaag. (lui 😴)

  • Ja: als het ervoor zorgt dat het een ander woord is --> huur - hoer / muis - mus (🐭-🐦‍⬛)


Slide 4 - Tekstslide

stoplicht: is het erg?
welk licht is het meeste aan? groen > het maakt niet zo uit
het onzekere komt vooral van jezelf 

waarom kunnen mensen de klank niet? Omdat het niet in hun moedertaal zit
Kan je het leren?
ja, door erg veel te oefenen (met tongbrekers) 

Welke woorden met de oe/uu/ui kennen jullie?

Bedenk in jouw groepje per vraag minimaal drie antwoorden. 2 minuten per vraag.

  • 1: schrijf in de blauwe cirkel 15 woorden met de oe 📚

  • 2: schrijf in de groene cirkel 15 woorden met de ui 🏠

  • 3: schrijf in de oranje cirkel 15 woorden met de uu 🕙
timer
2:00

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

oe
oe

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

oe - tongbreker

ik vloek en zoek het boek en de broek in de hoek

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

eeeeeeeeee-uuuuuuuu
ui

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

ui - tongbreker

het bruine kuiken luistert thuis of de muis buiten fluit

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

vorm je lippen voor oe                maar zeg 'ieeeeeee'
uu

Slide 10 - Tekstslide

worden vaak uitgesproken als oe
uu (lange klank) - tonbreker

ik huur een muur met vuur voor een uur dat is duu

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Interactie

'ik praat te zachtjes''
Wat is 'te zachtjes' eigenlijk?
Klassikaal bespreken.

  • 1: in welke situaties is het normaal om zachtjes te praten of te fluisteren?

  • 2: hoe komt het dat sommige mensen bijna altijd zachtjes praten?

  • 3: wat gebeurt er als je te zachtjes praat?

Slide 12 - Tekstslide

te zachtjes betekent eigenlijk niet passend bij de situatie, niet dat je altijd te zacht praat
mensen passen zich aan aan omgevingsgeluid
Welk volume gebruiken mensen als ze praten?
fluisteren
zachtjes praten
normale stem 
1 op 1 
normale stem in een groep
buitenstem
roepen en schreeuwen
0 m
1 m
3 m
5 m
> 10 m

Slide 13 - Tekstslide

hoeveel geluid eromheen is
hoe dichtbij de andere persoon is
hoe hard de gesprekspartner praat
Het boek in de hoek is zoek!
??????!!!
Oefenen! 10 minuten, daarna bespreken.

1: Maak duo's en pak een touw. Kies wie als eerste gaat praten en wie gaat luisteren.

2: Oefen de tongbrekers van oe, ui en uu door ze steeds harder te zeggen! Kan jouw partner het goed horen?

3: Wissel van plek en begin opnieuw met fluisteren.
👂🏼 Stap 1: fluisteren

🚩 Stap 2: 1 meter

🚩 Stap 3: 3 meter

🚩 Stap 4: 5 meter

🔚 Stap 5: 10 meter!
timer
10:00

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

einde les 2
Mevrouw Vivan
ISK ROC-Mondriaan 2025-2026

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Deelvaardigheid Spreken B1/B2
les 3: aanspreken en lidwoorden
Mevrouw Vivan
ISK ROC-Mondriaan 2025-2026

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Je staat bij de bushalte. Je ziet dat een vrouw haar pasje laat vallen. Wat zeg je?

Slide 18 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Interactie

'ik vind het eng om iemand aan te spreken'
Correctheid

'ik gebruik de verkeerde lidwoorden (en aanwijswoorden) als ik praat'

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Correctheid

'ik gebruik de verkeerde lidwoorden (en aanwijswoorden) als ik praat'
Hoe weet je eigenlijk wat de juiste lidwoorden zijn?

Nou: niet... want er zijn geen regels voor

Maar wat je wel weet:

  • meervoud is altijd 'de' (de tafels)
  • verkleinwoorden zijn altijd 'het' (het tafeltje)
  • de aanwijswoorden horen bij de lidwoorden:



Slide 21 - Tekstslide

ga altijd uit van wat je wel weet en onthoud ook: het verkeerde lidwoord is geen ramp! de betekenis blijft hetzelfde
Interactie

'ik vind het eng om iemand aan te spreken'
Wat is er eigenlijk eng aan iemand aanspreken?

Bedenk in jouw groepje per vraag minimaal drie antwoorden. 3 minuten per vraag.

  • 1: waarom vinden mensen het eng om een onbekende aan te spreken?

  • 2: wat zijn situaties of plekken waarin je een onbekende aan moet spreken?

  • 3: wat zijn zinnetjes die je kan gebruiken om een onbekende aan te spreken?
timer
3:00

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Ieder duo krijgt een opdracht met:
3 woorden en 1 situatie met ongemakkelijkheid 
10 minuten tijd om voor te bereiden

  • Bedenk samen een zin waarmee je iemand kan aanspreken in die situatie.

  • Schrijf een korte dialoog waarin je de drie woorden gebruikt. Zeg het juiste lidwoord of het juiste aanwijswoord erbij!

  • Oefen het aanspreken en de dialoog. Daarna doen jullie het voor de klas. 

  • Als jullie het aandurven: maak een dialoog waarin het fout gaat! Iemand wordt boos, iemand snapt je niet, iemand doet heel gek...



timer
10:00

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Situatie: 
'Je loopt in de school en je bent op zoek naar een lokaal. Je spreekt een docent aan om te vragen waar het lokaal is. De docent heeft veel haast en heeft haar handen vol met zware spullen, ze heeft eigenlijk geen tijd om jou te helpen'

3 woorden: lokaal, administratie, wc

Bedenk een aanspreekzin: ....................................................................................


Dialoog:
Sorry, mag ik u wat vragen? 
- Ja?
Weet u waar dit lokaal is? A103.
- Ja, dat lokaal is naast de administratie. Loop naar die wc's en dan rechtsaf. 
Oké, dank u wel. Weet u ook tot hoe laat de school open is?
- Nee, kijk op het informatiebord in de gang, daar staat het. 
Goed, dank u wel. 
- Ik heb haast, succes, doe-doei! 
Doei. 

VOORBEELD OPDRACHT
VOORBEELD
UITWERKING

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Uitvoeren opdrachten voor de klas

  • Waar is deze situatie?

  • Wat is de aanspreekzin?

  • Wat maakte aanspreken moeilijk/ongemakkelijk?

  • Extra: waren de lidwoorden goed?



Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

einde les 2
Mevrouw Vivan
ISK ROC-Mondriaan 2025-2026

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Deelvaardigheid Spreken B1/B2
les 1: het probleem in kaart
Mevrouw Vivan
ISK ROC-Mondriaan 2025-2026

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoeveel procent van de tijd dat jij praat, spreek je Nederlands? Eerlijk zijn!
0-50 % van de tijd
50-75% van de tijd
75-90% van de tijd
90-100% van de tijd

Slide 29 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Wat is eigenlijk 'Spreken op niveau B1'?

Europees Referentiekader Taal



UITLEG

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is eigenlijk 'een probleem' bij Spreken? 

1: problemen met correctheid
alles wat te maken heeft met grammaticaal goede zinnen maken

2: problemen met verstaanbaarheid
alles wat te maken heeft met of iemand goed kan horen wat je zegt

3: problemen met interactie
alles wat te maken heeft met een gesprek goed voeren

4: problemen met inhoud en samenhang
alles wat te maken heeft met een duidelijk en logisch verhaal

5: algemene problemen
UITLEG

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

5x 'een probleem met spreken'

  • Stap 1: Individueel. Pak steeds één post-it met een zin. Plak de post-it bij het juiste probleem

  • Stap 2: Klassikaal bespreken

  • Stap 3: 5 groepjes maken. Bie iedere poster één groepje. Het groepje gaat brainstormen over oplossingen. Jullie bedenken minimaal vijf oplossingen. 10 minuten.

  • Stap 4: Klassikaal bespreken. 

  • Stap 5: Individueel. Maak het werkblad: je gaat opschrijven welke drie deelproblemen voor jou het meest herkenbaar zijn en waarom.
WERKVORM

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

einde les 1
Mevrouw Vivan
ISK ROC-Mondriaan 2025-2026

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies