H2 Geld genoeg?
Paragraaf 2.1 Hoe geef jij je geld uit?
H2 Geld genoeg?
Paragraaf 2.1 Hoe geef jij je geld uit?
Voorkennis
Waar denk jij aan bij uitgaven?
Leerdoelen vandaag
Je weet welke verschillende soorten uitgaven er zijn.
Je kunt een budgetplan opstellen.
Je kunt een reservering berekenen.
Je weet welke gevolgen jouw bestedingen hebben voor anderen.
Soorten uitgaven
Het Nibud geeft voorlichting over verstandig omgaan met geld.
Het helpt mensen om hun inkomsten en uitgaven in balans te houden.
Uitgaven worden verdeeld in drie soorten:
Dagelijkse uitgaven: uitgaven die regelmatig terugkomen.
Vaste lasten: uitgaven die je met vaste regelmaat betaalt.
Incidentele uitgaven: grotere uitgaven die niet vaak voorkomen.
Uitgavens
Dagelijkse uitgaven
Vaste lasten
Overdrachtsinkomen
Voordoen
Slide tekst
Zelf oefenen
Begroting
Om te controleren of je genoeg geld hebt, maak je een begroting.
Een begroting is een overzicht van alle verwachte inkomsten en uitgaven.
Zijn inkomsten en uitgaven gelijk? Dan is de begroting in balans.
Zijn de uitgaven hoger dan de inkomsten? Dan ontstaat er een begrotingstekort.
Zijn de inkomsten hoger dan de uitgaven? Dan ontstaat er een begrotingsoverschot.
Inkomsten en uitgaven vergelijk je vaak per dezelfde periode, bijvoorbeeld per week, per maand of per jaar.
Voordoen + zelf oefenen
Reserveren
Voor een grote uitgave, zoals een vakantie of een laptop, kun je geld reserveren.
Reserveren betekent dat je regelmatig een bedrag opzijzet.
Zo voorkom je dat je in één keer een groot bedrag moet betalen.
Door elke maand te sparen, kun je een toekomstige uitgave betalen zonder geldtekort.
Voordoen + Zelf oefenen
Maak het verschil met je geld
Met je geld maak je keuzes tussen uitgeven of sparen.
Het is belangrijk om te weten waar je geld naartoe gaat.
Je kunt ook letten op de invloed van je geld op mensen en het milieu.
Banken gebruiken spaargeld om leningen te verstrekken.
Je kunt bijdragen aan een beter milieu met jouw geld!!
Voordoen + Zelf oefenen
Aan het werk!
Maken opdrachten 2.1: 1, 3, 7 en 10
Maken Rekenopdrachten: 2, 3 en 5
Klaar?
Veel fout? -> Maken herhalingsopdrachten 2.1
Veel goed? -> Maken plusopdrachten 2.1
minute
second
Leerdoelen checken
Je weet welke verschillende soorten uitgaven er zijn.
Je kunt een budgetplan opstellen.
Je kunt een reservering berekenen.
Je weet welke gevolgen jouw bestedingen hebben voor anderen.