SO2 PA Oefenen EB1

SO2 PA Oefenen
- woordenschat E en F
- Phrases-clés G
- de lidwoorden
- het werkwoord "avoir"
1 / 27
volgende
Slide 1: Tekstslide
FransEnseignement Secondairel'âge 12

In deze les zitten 27 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

SO2 PA Oefenen
- woordenschat E en F
- Phrases-clés G
- de lidwoorden
- het werkwoord "avoir"

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Video

De lidwoorden
Kies tussen le, la et les

Slide 3 - Tekstslide

.......... cousin de ma mère s'appelle Guilaume.
A
les
B
le
C
la
D
l'

Slide 4 - Quizvraag

........ oncle de Sophie est prof.
A
l'
B
la
C
le
D
les

Slide 5 - Quizvraag

Tu prends ....... photo ?
A
le
B
les
C
l'
D
la

Slide 6 - Quizvraag

J'aime ....... musique de Daft Punk.

Slide 7 - Open vraag

....... dessins de Jules sont très beaux.

Slide 8 - Open vraag

De lidwoorden
Kies tussen un, une of des

Slide 9 - Tekstslide

des
une
un
musique
problème
messages

Slide 10 - Sleepvraag

Het persoonlijk voornaamwoord
Weet je het nog?
Kijk goed !

Slide 11 - Tekstslide

Het persoonlijk voornaamwoord
je, j' = ik                                          nous = wij 
tu = jij                                       vous = jullie, u
il = hij                                      ils = zij (m/mv)
elle = zij                             elles = zij (vr/mv)
on = wij/men                                                      

Slide 12 - Tekstslide

hij
zij
wij, men
jij
ik
tu
on
elle

il
je, j'

Slide 13 - Sleepvraag

Het werkwoord "avoir"
Weet je het nog?
Kijk goed !

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Video

Vous ................. une grande famille.
A
ont
B
avez
C
a
D
avons

Slide 16 - Quizvraag

tu .............. un frère?
A
as
B
a
C
ai
D
ont

Slide 17 - Quizvraag

Julien ............. un problème.
A
ont
B
as
C
a
D
avez

Slide 18 - Quizvraag

Sébastien et Nicolas ................ des profs sympathiques.

Slide 19 - Open vraag

j'........... quatorze ans.

Slide 20 - Open vraag

Wordenschat
E en F

Slide 21 - Tekstslide

la ..................... d'Émilie s'appelle Annabelle.
A
on rigole
B
grand-père
C
cousine
D
demain

Slide 22 - Quizvraag

................... pour le cadeau !!!
A
souvent
B
alors
C
toujours
D
merci

Slide 23 - Quizvraag

echt
gek
mooi
helpen
de tuin
aider
beau
fou
le jardin
vraiment

Slide 24 - Sleepvraag

Vertaal het woord "beaucoup"

Slide 25 - Open vraag

Vertaal het woord "de rien"

Slide 26 - Open vraag

Vertaal in het Frans het woord "wij lachen"

Slide 27 - Open vraag