Waarheid les 2 - 2021 -

Vorige keer:

-> Wat is waarheid?
Is gras groen een waarheid? Leven nemen slecht een waarheid?
-> Welke definitie van waarheid hanteer je?
-> Wat zijn de  drie grote (historische) denkwijzen over waarheid?
Pre-modernisme
Modernisme
Post-modernisme
1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
GodsdienstMiddelbare schoolvwoLeerjaar 6

In deze les zitten 23 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Vorige keer:

-> Wat is waarheid?
Is gras groen een waarheid? Leven nemen slecht een waarheid?
-> Welke definitie van waarheid hanteer je?
-> Wat zijn de  drie grote (historische) denkwijzen over waarheid?
Pre-modernisme
Modernisme
Post-modernisme

Slide 1 - Tekstslide

Les 2: Verschillende wegen de waarheidsberg op

Lesdoelen:
1. Leg de volgende theorieën rond waarheid uit en geef een voorbeeld.
A/ Correspondentietheorie
B/ Coherentietheorie
C/ Pragmatische theorie
D/ Conventietheorie
2. Probeer in eigen woorden uit te leggen - met een voorbeeld - hoe je maatstaf  van waarheid anders moet (?) zijn per situatie.

Slide 2 - Tekstslide

Opdracht:

Bekijk deze website (en de filmpjes)
https://npokennis.nl/story/19/wat-is-een-complottheorie
Beantwoord de volgende vragen:
1) Leg een verband tussen  complottheorieën en post-modernisme
2) Welke complottheorieën zijn aanwezig in
jouw omgeving?
3) Wat is  een complottheorie die wel eens waar
zou kunnen zijn? Of > waar je aanhanger van bent.

Slide 3 - Tekstslide

Welk tekeningetje
past
bij welke denkwijze?
Leg uit waarom

Slide 4 - Open vraag

Slide 5 - Tekstslide

"Waarheid is te definiëren via de wetenschappelijke methode"
A
Pre-modernisme
B
Modernisme
C
Post-modernisme

Slide 6 - Quizvraag

"Echte waarheid komt van bovenaf"
A
Pre-modernisme
B
Modernisme
C
Post-modernisme

Slide 7 - Quizvraag

"Waarheid is subjectief"
A
Pre-modernisme
B
Modernisme
C
Post-modernisme

Slide 8 - Quizvraag

Correspondentietheorie:

-> Iets is waar; als het correspondeert (=overeenkomt) met de realiteit/feiten.
-> Gras is groen want gras is waarneembaar groen
-> De waarheid kan dus gecontroleerd worden
Modernistisch.


Slide 9 - Tekstslide

Er zijn verschillende theorieën om de waarheid te benaderen.

Denk als: verschillende zijden van de Everest waarvandaan je de berg kan  beschrijven.

Slide 10 - Tekstslide

Zonder correspondentietheorie geen wetenschap.

Slide 11 - Tekstslide

Kritische vragen:

-> Wat is de realiteit dan?
-> Wat zijn feiten?
-> Is onze observatie
van de feiten betrouwbaar?
(Bv bij gras; ogen)

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Coherentietheorie

-> Iets is waar;
  als het matcht met datgene dat we weten waar te zijn.
Het is dus coherent: het past bij elkaar.
Bv: er huppelt een roze konijn door het bos. We weten dat er geen roze konijnenrassen zijn. Dus dit is waarschijnlijk geen nieuwe soort maar bv geverfd.
-> Dus: als de bewering botst met andere zaken waarvan we weten dat zij waar zijn; dan is de bewering niet waar.


Slide 14 - Tekstslide

Bedenk in je groepje een coherente (=het klopt met overige waarheden)
maar absurde verklaring voor één of meer van de volgende zaken:
* De zon beweegt zich langs de hemel
* De aarde warmt zich op
* Honden zijn blij wanneer ze je zien; katten vaak niet
* Vaccins verminderen ziekenhuisopnames

Slide 15 - Open vraag

Pragmatische theorie

-> Iets is waar; als het nuttig is
Anders: iets is waar; als het werkt
Bv: ik voel me beter na het nemen van een medicijn; dus dit medicijn werkt (haar geneeskrachtige werking is waar)
> Hier kun je ook gebed invullen bijvoorbeeld.

Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

Bespreek in je groepje onder welke categorie deze uitspraken vallen volgens jullie:
* Waar en nuttig * Waar maar niet nuttig
* Nuttig maar niet waar * Niet nuttig en niet waar 


Je moet niet met vreemden op straat praten/meegaan
Sinterklaas houd je altijd in de gaten
Na je  dood word je vergeten
Ik ben geniaal en zeer knap
Sommige werkwoorden zijn vrouwelijk
Mensen hebben een vrije wil
Mijn gevoel voor humor is ongeëvenaard
Als je maar hard genoeg werkt; wordt je succesvol

Slide 18 - Tekstslide

Conventietheorie

-> Iets is waar; omdat we het zo hebben afgesproken.
Bv: 2+2=4
Deze kleur is blauw.
Democratie is de beste staatsvorm (?)
Elk mens heeft recht op vrijheid en veiligheid.

Slide 19 - Tekstslide

Je kunt elke theorie van waarheid 
  zowel verdedigen als onderbouwen. 
Hieruit kunnen mensen twee (?)
 conclusies trekken:

A/ Relativisme
Alles is relatief: subjectief. Waarheid bestaat niet.

B/ Cubisme.
 Door verschillende perspectieven (theorieën van waarheid) te gebruiken; leer je steeds meer over de waarheid.
Waarheid kan benaderd worden.

Slide 20 - Tekstslide

"Waarheid is subjectief"
"Dat waarheid subjectief is; is een subjectieve bewering"
We weten dus niet dat waarheid subjectief is

Slide 21 - Tekstslide

Iets kan dus volgens een waarheidstheorie waar zijn; en door een andere theorie onderuit gehaald worden.

Dit hoeft niet te betekenen dat de bewering
 daarmee een leugen is. Dit betekent dat hij op 
andere manier waar kan zijn.

De vraag is: moeten we alle beweringen op
 dezelfde manier beoordelen?

 Mensenrechten, gelijkheid, 2+2=4 
Dit is waar of niet-waar afhankelijk van hoe je 'waarheid' definieert. 

Slide 22 - Tekstslide

Tot slot: Je hebt verschillende waarheidstheorieën nodig om de waarheid te benaderen. Je kunt niet de een boven de ander zetten.

Je benadert verschillend:
Bv: Ethische waarheden (moord is slecht)
Natuurkundige waarheden (water kookt bij 100c)
Pragmatische waarheden: een lief appje vóór je tentamen helpt


Slide 23 - Tekstslide