IB_FR_ZMYP2- Periode_1-Cours_1 20250912

1 / 46
volgende
Slide 1: Tekstslide
FransMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1

In deze les zitten 46 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 5 videos.

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Startklaar
Enlevez votre manteau. 
Mettez votre téléphone portable dans votre sac à dos.
Écouteurs dans vos sacs à dos.
Posez vos sacs à dos par terre.
Posez votre ordinateur portable fermé sur la table.
Mettez votre matériel scolaire sur la table.
timer
5:00

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Tijdens de les.../ Pendant le cours...
... ben je stil als de docent aan het woord is.
... vous êtes silencieux lorsque le professeur parle.
... ben je stil als er een klasgenoot aan het woord is.
... vous êtes silencieux lorsqu'un camarade de classe parle.
... luister je naar wat de docent zegt en volg je instructies op.
... écoutez ce que le professeur dit et suivez les instructions.
.... ben je te allen tijde vriendelijk.
... vous êtes amical à tout moment.
... doe je actief mee.
... vous participez activement.

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

S'il vous plaît,

Fermez votre ordinateur.
Close your laptop.
Sluit je computer af.

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 7 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welkom bij LA French
Unit 1: Hello...it's me! And how are you?/
Bonjour, je me présente! Comment allez-vous?
Learner Profile:
Communicators
ATL (Action: Teaching and learning through inquiry):
Communication/Collaboration/Reflection skills
Related concepts:
Audience and Context

- Audience refers to whomever a text or performance is aimed at: the reader, the listener, the viewer. 
- Context refers to the social, historical, cultural and workplace settings in which a text or work is produced.
Key concept:
Communication is the exchange or transfer of signals, facts, ideas and symbols. It requires a sender, a message and an intended receiver. Communication involves the activity of conveying information or meaning. Effective communication requires a common 'language' (which may be written, spoken or non-verbal).
Statement of Inquiry : Communication, adapted to audience and context, can build open-minded and caring relationships, based on one’s identity.
Global context:
Identity formation

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Programma
  • Voorkennis/ Connaissances préalables
  • Leerdoelen opstellen/ Objectifs d’apprentissage
  • Instructie/ Instructions
  • Aan de slag/ Au travail
  • Reflectie en leerdoelen check/ Réflexion et vérification des objectifs d'apprentissage

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Overzicht periode 1
Week 1
Week 2
Week 3
Week 4
Week 5
Que faut-il apprendre pour se présenter et parler de soi?
What do you need to learn to introduce yourself and talk about yourself?

Ma carte d'identité et mes affaires scolaires.

My ID card and my school things.


Qui es-tu?

Who are you?

Qui est ta famille?

Who is your family?
Comment décrit-on une personne?

How do you describe a person?

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Overzicht periode 1
Week 6
Week 7
Week 8
Week 9
Week 10
Week 11
Quelles sont tes origines?

What are your origins?

Quelles caractéristiques partage-t-on avec sa famille et ses amis?

What characteristics do we share with our family and friends?

Existe-t-il différents types de famille?

Are there different types of families?

Les animaux domestiques, nos amis!

Pets, our friends!

Révision/
Content review

Examen/
Test

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Ouvrez votre ordinateur.
Open your laptop.
Open je computer.

S'il vous plaît

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke woorden, werkwoorden en onderwerpen ken je in het Frans?
Quels mots, verbes et sujets connaissez-vous en français?

Slide 16 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen
  • Je sais me présenter. Dire qui je suis et quel âge j'ai./ Ik kan mezelf voorstellen. Zeggen wie ik ben en hoe oud ik ben.
  • Je sais compter jusqu'à 20./ Ik kan tot 20 tellen.
 
 

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 18 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Instructie

Slide 19 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Instructie
Je gaat jezelf nu voorstellen. Je vertelt hoe je heet en vraagt aan de volgende leerling hoe hij/zij heet.


Optie 1: Bonjour! Je m'appelle Marie, et toi?


Optie 2: Bonjour, comment tu t'appelles? 

Antwoord: Je m'appelle Jean.

Slide 20 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Aan de slag
Neem de zinnen over in je schrift.

Bonjour, comment tu t'appelles? Je m'appelle _______.
Goedemorgen, hoe heet jij? Ik heet _______.

Bonjour, je m'appelle _______, et toi?
Goedemorgen, ik heet _______, en jij?

Slide 21 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Verbe être
(to be/ zijn)

je
suis
tu
es
il / elle/ on
est
nous
sommes
vous 
êtes
ils / elles 
sont
Ik ben Marie. → Je suis Marie.

Overschrijven.
Copy!

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Verbe s'appeler
(heten)

je
m'appelle
tu
t'appelles
il / elle/ on
s'appelle
nous
nous appelons
vous 
vous appelez
ils / elles 
s'appellent
Ik heet Marie. → Je m’appelle Marie.
Hoe heet je? → Comment tu t’appelles ?
Overschrijven.
Copy!

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 24 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Le salutations
.

Slide 25 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Le salutations
Bonjour, comment ça va?
Ça va très bien!
Ça va bien!
Ça va comme ci comme ça!
Ça va mal!
Ça va très mal!
Overschrijven.
Copy!

Slide 26 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Relie les phrases
Verbind de zinnen/ Connect the sentences
Ça va très mal!
Ça va très bien!
Ça va bien!
Ça va mal!

Slide 27 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Relie les phrases
Verbind de zinnen/ Connect the sentences
J'ai douze ans. 
Comment tu t'appelles ? 
Tu as quel âge ? 
Je suis Marie. 
Ik ben twaalf jaar. 
Hoe heet je? 
Hoe oud ben je? 
Ik ben Marie.

Slide 28 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

AVOIR
To have
J'
ai
I have
Tu
as
you have
Il / Elle
a
he/she has
Nous
avons
we have
Vous
avez
you have
Ils/ Elles
ont
they have
Verbe AVOIR
(to have/hebben)
Overschrijven!
Copy!

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vous allez maintenant vous présenter. Vous dites votre nom et demandez à l'élève suivant quel est son nom.
Je gaat jezelf nu voorstellen. Je vertelt hoe je heet en vraagt aan de volgende leerling hoe hij/zij heet.

Slide 30 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Je sais me présenter en Français.
Ik kan mezelf in het Frans voorstellen.
I can introduce myself in French.
😒🙁😐🙂😃

Slide 31 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Instructie

L'alphabet
Quelles lettres sonnent différemment ?
Welke letters klinken anders?




Slide 32 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Slide 33 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Welke letters klinken anders?
A
E, G, H, J, W, Y
B
A, D, J, L, O, Z
C
E, F, G, I, M, R
D
A, D, E, G, H, J

Slide 34 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 35 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 36 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Instructie
Écrivez les nombres de 0 à 20 dans votre cahier.
Schrijf de getallen 0 t/m 20 over in je schrift.

Overschrijven!
Copy!

Slide 37 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Aan de slag
  1. Recopie les phrases dans ton cahier./ Neem de zinnen over in je schrift.
  2. Compléter les phrases:/ Maak de zinnen af:

J'ai ___ ans. / Ik ben ___ jaar oud.
J'ai ___ frère(s) et ___ soeurs./ Ik heb ___ broer(s) en ___ zussen.
Mon frère a ___ ans. / Mijn broer is ___ jaar oud.
Ma soeur a ___ ans. / Mijn zus is ___ jaar oud.


Slide 38 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.


Combien d'enfants ont-ils?
Hoeveel kinderen hebben ze?
Controle vragen
A
Deux
B
Huit
C
Six
D
Quatre

Slide 39 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


Quel âge a-t-elle?
Hoe oud is ze?
Controle vragen
A
Elle a trois ans.
B
Elle a douze ans.
C
Elle a neuf ans.
D
Elle a dix-neuf ans.

Slide 40 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


À partir de quel âge peut-on conduire?
Vanaf welke leeftijd mag je autorijden?
Controle vragen
A
À partir de dix-huit ans.
B
À partir de dix-sept ans?
C
À partir de seize ans.
D
À partir de douze ans?

Slide 41 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


Combien de mois y a-t-il dans une année ?
Hoeveel maanden heeft een jaar?
Controle vragen
A
Vingt
B
Douze
C
Quinze
D
Treize

Slide 42 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Je connais les chiffres en français.
Ik ken de getallen in het Frans.
I know the numbers in French.
😒🙁😐🙂😃

Slide 43 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Devoirs/ Homework

Slide 44 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

Reflectie
  • Ik kan mezelf voorstellen.
  • Ik kan tot 20 tellen.

Slide 45 - Tekstslide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende Unit. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag op basis van het Learner Profile en de ATL-skills. Dit wordt vastgelegd in Toddle. Samen blikken docent en leerlingen vooruit aan de hand van de JdW-planner.

Slide 46 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies