KLOKKIJKEN analoog (speciaal voor NT2 leerlingen)

klokkijken analoog

Grote wijzer

Geeft de minuten aan.

Elke keer als de grote wijzer 

een rondje heeft gemaakt is 

het een uur later. 

1 / 20
volgende
Slide 1: Slide
newEditorRekenenSpeciaal OnderwijsLeerroute 1

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

klokkijken analoog

Grote wijzer

Geeft de minuten aan.

Elke keer als de grote wijzer 

een rondje heeft gemaakt is 

het een uur later. 

klokkijken analoog

Kleine wijzer:

Geeft de uren aan.  

Klokkijken 

 

We leren: 

  • de hele uren 

  • de halve uren 

  • de kwartieren op de klok te benoemen en te tekenen

Bij hele uren staat de grote wijzer precies op een de twaalf. 

Op de klok is het 3 uur.


Bij halve uren staat
de grote wijzer precies op de zes.

Op de klok is het half 11.

Bij hele uren staat de kleine wijzer precies op een cijfer. 

Hier is het 3 uur

Bij halve uren staat
de kleine wijzer tussen twee cijfers. 

Hier is het half 11.

kwart over....

De grote wijzer wijst het cijfer 3 aan.
De kleine wijzer staat iets over het uur dat het is geweest. 
Hier is het 7 uur geweest.
Het is kwart over 7.

Kwart voor...

  • De grote wijzer wijst het                        cijfer 9 aan.

  • De kleine wijzer staat iets voor het uur aan dat het gaat worden.

  • Het is kwart voor 8

betekenissen klokkijken

  • 1 uur = 60 minuten 

  • half uur = 30 minuten

  • kwartier = 15 minuten (kwart voor en kwart over)

  • 1 minuut = 60 seconden (tellen)

  • 1 dag = 24 uren

Uitleg klokkijken


Je krijgt nu 3 filmpjes te zien over de analoge klok. 

  • hele uren  

  • halve uren

  • kwart voor

  • kwart over

Hoe laat is het?

A

7:00 zeven uur

B

12:00 twaalf uur

C

9:00 negen uur

D

8:00 acht uur

Hoe laat is het?

A

2:30 half 3

B

6:15 kwart over 6

C

1:30 half 2

D

6:45 kwart voor 7

Hoe laat is het?

A

9:15 kwart over 9

B

10:15 kwart over 10

C

9:45 kwart voor 9

D

10:45 kwart voor 10

Hoe laat is het?

A

10:30 half 11

B

11:30 half 12

C

9:30 half 10

D

5:30 half 6

Hoe laat is het?

A

3:15 kwart over 3

B

6:15 kwart over 6

C

5:15 kwart over 5

D

5:45 kwart voor 5

Hoe laat is het?

A

5:00 5 uur

B

12:00 12 uur

C

5:30 half 5

D

6:00 6 uur

Hoe laat is het?

A

9:00 9 uur

B

11:45 kwart voor 12

C

10:45 kwart voor 11

D

12:15 kwart over 12

Oefenen

Je gaat nu oefenen met een werkblad

  • hele uren   

  • halve uren 

  • kwart voor 

  • kwart over 

Succes!