NT2 19 november

NT2 19 november
1 / 22
volgende
Slide 1: Tekstslide
NT2PraktijkonderwijsLeerjaar 4,5

In deze les zitten 22 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 90 min

Onderdelen in deze les

NT2 19 november

Slide 1 - Tekstslide

NT2 vandaag

  • Komende periode werken aan lezen (begrijpend + technisch)
  • Herhaling
  • Experiment
  • Vragen maken.
  • Daarna boek of computer.
Leerdoelen:
Ik kan een tekst lezen en begrijpen.
Ik kan een tekst hardop voorlezen.
Ik kan moeilijke woorden uitleggen (groep 1)
Ik kan een tekst navertellen (groep 2)

Slide 2 - Tekstslide

Herhaling
Vorige week: waar ging de tekst over?


En wat waren de moeilijke woorden? 

Slide 3 - Tekstslide

Vragen beantwoorden 
De vragen gaan over woordenschat.
Wat is woordenschat? 

Even twee experimenten over woordenschat. 

Slide 4 - Tekstslide

Woordenschat, wat is dat?

Slide 5 - Tekstslide

Een schat in je hoofd
Iedereen heeft een schat aan woorden in zijn/haar hoofd.
Hoe meer woorden je kent, hoe meer je begrijpt. 
Daarom is woordenschat heel belangrijk. 
We gaan daar een paar experimentjes mee doen.
Je krijgt een blaadje.

Slide 6 - Tekstslide

Melk
timer
1:00

Slide 7 - Tekstslide

Melk:
Wit
Koe
Drinken
Pak of fles
Beker
Chocolademelk met slagroom
Supermarkt
Boerderij









Geit
Pap
Moeder
Baby's 
Karnemelk
Schoolmelk
Melkmachine
Melkbus
Koffiemelk

Slide 8 - Tekstslide

Experiment twee
  • Ik kies iemand voor dit experiment. 

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Tekstslide

De vragen maken.
We maken de vragen eerst samen.
Tot vraag 4
Daarna ga je zelf verder. 

Slide 11 - Tekstslide

NT2 vandaag

  • Komende periode werken aan lezen (begrijpend + technisch)
  • Herhaling
  • Vragen maken.
  • Daarna boek + computer.
Leerdoelen:
Ik kan een tekst lezen en begrijpen.
Ik kan een tekst hardop voorlezen.
Ik kan moeilijke woorden uitleggen (groep 1)
Ik kan een tekst navertellen (groep 2)

Slide 12 - Tekstslide

Herhaling
Vorige week: waar ging de tekst over?


En wat waren de moeilijke woorden? 

Slide 13 - Tekstslide

Vragen beantwoorden 
De vragen gaan over woordenschat.
Wat is woordenschat? 

Even twee experimenten over woordenschat. 

Slide 14 - Tekstslide

Woordenschat, wat is dat?

Slide 15 - Tekstslide

Een schat in je hoofd
Iedereen heeft een schat aan woorden in zijn/haar hoofd.
Hoe meer woorden je kent, hoe meer je begrijpt. 
Daarom is woordenschat heel belangrijk. 
We gaan daar een paar experimentjes mee doen.
Je krijgt een blaadje.

Slide 16 - Tekstslide

Melk
timer
1:00

Slide 17 - Tekstslide

Melk:
Wit
Koe
Drinken
Pak of fles
Beker
Chocolademelk met slagroom
Supermarkt
Boerderij









Geit
Pap
Moeder
Baby's 
Karnemelk
Schoolmelk
Melkmachine
Melkbus
Koffiemelk

Slide 18 - Tekstslide

Experiment twee
  • Ik kies iemand voor dit experiment. 

Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Tekstslide

De vragen maken.
We maken de vragen eerst samen.
Tot vraag 4
Daarna ga je zelf verder. 

Slide 21 - Tekstslide

Computer of boek
 Issa vandaag aan het boek
Semhar vandaag aan het boek
Senait vandaag aan het boek 1.6
Kivara vandaag aan het boek.
Vitali 1.3 boek en computer
Rahaf en Sasha lezen oefenen met mevr. Lub

Slide 22 - Tekstslide