4DF - Het absolutisme van Lodewijk XIV

Absolutisme
Wat hield het koninklijk absolutisme van Lodewijk XIV in?


1 / 42
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisSecundair onderwijs

In deze les zitten 42 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 6 videos.

time-iconLesduur is: 100 min

Onderdelen in deze les

Absolutisme
Wat hield het koninklijk absolutisme van Lodewijk XIV in?


Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoelen
Je kunt ...
1- Lodewijk XIV in tijd en ruimte situeren.
2- de kenmerken van het vorstelijke absolutisme van Lodewijk XIV uitleggen m.b.t.
de verschillende domeinen.
3- bewijzen dat kunst en cultuur in dienst stonden van het vorstelijke absolutisme
van Lodewijk XIV.
4- de oorzaak voor zijn wantrouwen tegenover de adel benoemen.
5- uiteenlopende bronnen over het vorstelijke absolutisme van Lodewijk XIV met
elkaar vergelijken.
Belangrijke begrippen: absolutisme, Droit Divin, centralisatie, staatsvorming, Goude Kooi van Versailles, propaganda

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

1. Staatsvorming vóór het bewind van Lodewijk XIV
Voor Lodewijk XIV werd de macht van de koning al stap voor stap uitgebreid. 
Franse koningen probeerden de staat sterker te maken door meer controle te krijgen over het bestuur. 
Dit noemen we centralisatie. Daarbij verloor de adel geleidelijk aan invloed.

Lodewijk XIV werd koning toen hij nog maar vier jaar oud was. 
Tijdens zijn jeugd probeerde de adel opnieuw meer macht te krijgen en kwam ze in opstand. 
Deze opstand mislukte, maar maakte wel een grote indruk op de jonge koning. Sindsdien wantrouwde hij de adel.

In deze periode werd Frankrijk bestuurd door zijn eerste minister, kardinaal Mazarin. Na diens dood in 1661 besliste Lodewijk XIV om zelf te regeren.

Hij geloofde sterk in het goddelijk recht: het idee dat zijn macht van God kwam. Daarom zag hij zichzelf als een absolute vorst, die alle macht in handen had en aan niemand verantwoording moest afleggen.
Als 8-jarige

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 6 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 7 - Video

Deze slide heeft geen instructies

In de bron geeft Lodewijk XIV een duidelijke boodschap mee aan zijn belangrijkste ministers. Welke?
De koning deelde mee dat hij vanaf nu zelf zou regeren zonder een eerste minister. De ministers moesten hem alleen bijstaan met raad als de koning daarom vroeg en waren verantwoording aan hem verschuldigd.
Wat maakt deze bron duidelijk?
De koning trok de macht definitief naar zich toe.

Wat verwachtte de koning van zijn onderdanen en dus ook van zijn edelen?
De koning verwachtte absolute gehoorzaamheid. 

23

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welk kenmerk van de middeleeuwen - vroegmoderne tijd in Europa is hier van toepassing?
A
gelaagde samenleving
B
status bepaald door grondbezit
C
religieuze intolerantie
D
vorstelijk absolutisme

Slide 9 - Quizvraag

Verder vanaf opdracht 3 & 4 in DM => Bossuet in BW gieten
Koninklijke macht = absoluut
Volgens Bossuet was de koninklijke macht heilig, vaderlijk en onbeperkt. 

Hij regeert als plaatsvervanger van God op aarde.

De vorst moet geen verantwoording afleggen en beslist alles zelf.
Van de onderdanen wordt volledige gehoorzaamheid verwacht.

Maar: de koning mag zijn macht niet misbruiken en moet zorgen voor zijn volk.

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wie verleende die absolute macht aan de koning?
A
de kardinaal
B
het volk
C
God
D
de hertogen

Slide 11 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Is deze stelling juist of fout?

'De onderdanen konden hun koning ter verantwoording roepen.'
A
juist
B
fout

Slide 12 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 13 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 14 - Video

Deze slide heeft geen instructies

  • Lodewijk XIV – Absolute macht
Overtuigd van zijn goddelijk recht om te regeren
Regeerde als absolute vorst → zijn wil was wet

Beleid tegenover de adel:
Groot wantrouwen tegenover de adel
→ Uitgesloten uit het bestuur
Bestuur in handen van intendanten
(= burgers benoemd door de koning)

Controle over de adel:

Afgeleid met titels, pensioenen en onbelangrijke taken
Verplicht verblijf aan het hof van Versailles
→ Adel werd hofadel (“gouden kooi”)

Bijnaam:
Le Roi Soleil 🌞



Lodewijk XIV:

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waarom schakelde Lodewijk XIV de adel uit het bestuur?
A
Omdat de adel te arm was om te besturen
B
Omdat hij hen niet vertrouwde en zijn macht wilde centraliseren
C
Omdat de kerk dat eiste
D
Omdat de adel zelf niet wilde meewerken

Slide 16 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat was de belangrijkste functie van de intendanten?
A
Het organiseren van feesten in Versailles
B
Het leiden van het leger
C
Het uitvoeren van het bestuur in naam van de koning
D
Het controleren van de kerk

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoe hield Lodewijk XIV de adel onder controle?
A
Door hen op te sluiten in gevangenissen
B
Door hen machtige bestuursfuncties te geven
C
Door hen bezig te houden aan het hof met luxe en ceremonie
D
Door hen te verplichten in het leger te dienen

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Leg uit: Gouden Kooi van Versailles

Slide 19 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Economisch beleid
Lodewijk XIV gaf geld uit zonder rekenen: 
  • de bouw van het paleis van Versailles, zijn hofhouding en de hofceremoniële adel, oorlogen ... 
  • Colbert (1619-1683), minister van financiën en economie. 
  • Colbertisme: een land wordt rijk  als de waarde van de export > import (= positieve handelsbalans)
  • GEVOLG: . meer geld binnen dan eruit ging. 
  • HOE? overheidsregulering. = (staats-)mercantilisme
Colbert hield het staatsbudget voor een lange tijd in evenwicht <-> Lodewijk XIV gaf veel meer geld uit dan Colbert aanbracht. GEVOLG: een zware staatsschuld.

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Godsdienstpolitiek
  • Lodewijk XIV = plaatsvervanger van God op aarde => geen andersdenkenden 
  • één koning, één godsdienst = Katholicisme 
  • Eiste dat de hugenoten (protestanten) zich bekeerden 
  • 1685 het Edict van Nantes wordt ingetrokken => einde godsdienstvrijheid
  • => bedoelde en onbedoelde gevolgen:
  • Bedoeld:
  • De religieuze eenheid versterkt gezag van de koning
  • Onbedoeld:
  • Duizenden protestantse bekwame handwerkslieden verlieten Frankrijk.
une foi, une loi, un roi
één geloof, één wet, één koning

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

ophanging
verschillende middelen om de ketter te overtuigen
Satirische protestantse gravure, ca. 1679.
Deze gravure, getiteld Moyens surs et honnêtes de ramener les hérétiques à la foi catholique [Zekere en eerlijke middelen om een ketter terug naar het katholieke geloof te brengen], geeft op een satirische* wijze weer hoe hugenoten (protestanten) in Frankrijk tot het katholieke geloof werden gedwongen.

*satirisch: ironisch, spottend
de zweep
Het rad. Met het rad brak de beul ledematen. Vandaar het woord 'radbraken'.
de galeien waarop men dwangarbeid als roeier moest verrichten
de brandstapel
'plaats van bekering' = gevangenis

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


A
historische bron
B
historisch werk

Slide 23 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Satirische prent uit 1679.
A
primaire bron
B
secundaire bron

Slide 24 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Satirische (spot)prent uit 1679. De maker is een ...
A
katholiek
B
protestant

Slide 25 - Quizvraag

De maker is onbekend. Het kan gaan om een protestant die spot met het beleid van Louis XIV of om een katholiek die spot met het geloof van de Hugenoten.
Vijftig jaar oorlog
Sterk leger onder Lodewijk XIV
Minister van Oorlog: Le Tellier
Maakte het Franse leger tot het beste van zijn tijd

Modernisering van het leger:
Betere bewapening
Strenge discipline (ijzeren tucht en zware training)
Opleiding van officieren in militaire scholen

Doel van Lodewijk XIV:
Streven naar overwicht (hegemonie) in Europa

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waarom is het veroveren van de Z-Ndl zo belangrijk?
Welke natuurlijke grens wordt nagestreefd?
25

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waarom is het veroveren van de Z-Ndl zo belangrijk?
Door de Zuidelijke-Nederlanden te veroveren, zou de hoofdstad Parijs veiliger zijn tegen invallen uit het noordoosten.
Welke natuurlijke grens wordt nagestreefd?
De Rijn
25

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 29 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 30 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Slide 31 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Slide 32 - Video

Deze slide heeft geen instructies

De koning bezat meer dan 1000 pruiken en wel 413 bedden!

Slide 33 - Tekstslide

Het hofleven werd gekenmerkt door ijzeren regelmaat. Elke ochtend werd Lodewijk XIV om half negen gewekt, in de overdadige, in goudkleuren gedecoreerde slaapkamer die nog altijd in Versailles te zien is. 'Sire, het is tijd', zei de lakei die in een veldbed aan zijn voeteneinde sliep. Daarna ontrolde zich het lever, het opstaan van de koning. Eerst kwamen de artsen, daarna de naaste familie. Ondertussen stond de adel te antichambreren. In volgorde van belangrijkheid werden de hovelingen naar binnen genood om te zien hoe de vorst werd aangekleed.
De dag verliep volgens een vast stramien: 10 uur mis, 11 uur ministerraad, 13 uur lunch, 15 uur jagen of wandelen, 19 uur spelletjes en amusement, 22 uur souper, 23.30 coucher, het naar bed gaan van de koning.

Naast zijn vrouw, had hij minnaressen
en minstens 13 onwettige kinderen

Slide 34 - Tekstslide

courtisanes = minnaressen ==> belangrijke functie, stond je in aanzien
Het absolutisme onder Lodewijk de 14de
Dit staatsieportret wordt vaak gezien als het klassieke symbool van de absolutistische staat. Hyacinthe Rigaud (1659-1743) schilderde dit in 1701 toen de 63-jarige koning op het hoogtepunt van zijn macht was. Het schilderij was bedoeld voor het Spaanse hof, maar de koning vond het zo mooi dat hij het liet kopiëren en het origineel in Versailles hield.
Machtige en rijke mensen droegen niet alleen een hoed, maar ook een pruik. De gewoonte was ontstaan aan het hof van Lodewijk XIV. Lodewijk XIV wilde verbergen dat hij kaal werd en droeg daarom een krullenpruik. Zo kwam hij als koning jonger en vitaler over. Omdat de koning een pruik droeg, aapten alle edelen dat na. Met zo'n hoge pruik leek je bovendien groter. 
De scepter is een van de koninklijke regalia, de uiterlijke tekenen van de koninklijke macht, naast o.a. de koningskroon en het rijkszwaard. De scepter en andere attributen verwijzen naar de absolute macht van de vorst.
Door de mantel in hermelijn en gouddraad straalde Lodewijk XIV luxe en rijkdom uit.
Het rijkszwaard is een van de koninklijke regalia, de uiterlijke tekenen van de koninklijke macht, naast o.a. de scepter en de koningskroon. Het zwaard en de andere attributen verwijzen naar de absolute macht van de vorst.
Lodewijk XIV was toen hij nog wat jonger was een gepatenteerde danser. Rigaud schilderde de koning toen hij 63 jaar was met jonge 'dansersbenen'. Daardoor leek de vorst jong en vitaal. Door de benen te tonen leek de koning ook groter. 
Door schoenen met een hak te dragen, leek de koning opnieuw groter en machtiger.
De koningskroon is een van de koninklijke regalia, de uiterlijke tekenen van de koninklijke macht, naast o.a. de scepter en het rijkszwaard. De kroon en de andere attributen verwijzen naar de absolute macht van de vorst.

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Kunst in dienst van de verheerlijking van de koninklijke macht 
Kunst in dienst van de verheerlijking van de vorst.
Lodewijk XIV noemde zichzelf de Zonnekoning.
Hij zag zichzelf als het middelpunt van de staat, zoals de zon dat is in het zonnestelsel.

Het paleis van Versailles werd het centrum van macht, kunst en cultuur. De pracht en praal moesten tonen hoe rijk en machtig Frankrijk was.

Minister Colbert stimuleerde kunst en wetenschap. Kunstenaars en geleerden kregen steun van de staat, maar moesten in ruil werken in dienst van de koning.

Kunst werd zo een vorm van propaganda: ze moest de macht van Lodewijk XIV versterken en tonen.

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leg uit: kunst als propaganda

Slide 37 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Het einde van Lodewijks regeerperiode
Tegen het einde van Lodewijks lange regeringsperiode wankelde de economie onder de massa reglementen, het verlies van duizenden protestantse bekwame handwerkslieden die uitweken en de ontzaglijke kosten van zijn talrijke oorlogen. Bovendien verenigden de Europese staten zich om aan de steeds grotere Franse militaire dreiging weerstand te bieden.


Slide 38 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Gouden kooi van Versailles
Het idee dat Lodewijk XIV de adel naar het paleis van Versailles liet komen en hen daar een luxueus leven gaf, maar hen tegelijk onder controle hield.

De edelen leefden in rijkdom en pracht, maar hadden weinig echte macht. Ze waren voortdurend bezig met hofceremonies en het plezieren van de koning. Daardoor konden ze geen opstand meer organiseren.

Slide 39 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


Wat heb je geleerd deze les?
Exit ticket
Exit ticket

Slide 40 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

De macht van de koningen in Europa verschilde van land tot land. 


Zeker te onthouden!

Slide 41 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Het (Spaans) Habsburgse rijk
  • Keizer Karel V bestuurde met een regionale centralisatie.
  • Hijzelf stuurde het bestuur wel aan maar hij liet toch nog heel wat ruimte voor de verschillende gebieden om hun eigen accenten te leggen.

  • Zijn opvolger Filips II probeerde de macht meer naar zich toe te trekken - meer centralisatie dus - maar uiteindelijk lukt dit hem niet helemaal: hij moest zelfs aanvaarden dat een gebied zich afscheurde: de Verenigde Provinciën. 
  • Hij kreeg de plaatselijke adel, stedelingen en vooral calvinisten niet onder controle.
Engeland
  • Met de Magna Carta (1215) werd de macht van de koning voor het eerst beperkt. De koning moest rekening houden met de rechten van zijn onderdanen en met het parlement.
  • In Engeland groeide zo een parlementair systeem: de koning moest het parlement raadplegen, bijvoorbeeld voor belastingen.
  • Met de Bill of Rights (1689) werd de macht van de koning definitief beperkt. Engeland werd zo een constitutionele en parlementaire monarchie.
Frankrijk
  • De koning slaagde erin om elke inspraak uit te schakelen.
  • Daartoe creëerde hij een gouden kooi in Versailles waar hij zijn belangrijkste vijanden - de adel - in een systeem van regels en ceremonieën bezighield zodat ze nauwelijks nog een bedreiging vormden. 
  • De centralisatie van de macht bij koning Lodewijk XIV was absoluut gelukt.
  • Hij wist de adel klein te krijgen.

Slide 42 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies