Jong & Oud
6de druk
Jong & Oud
6de druk
H1: School of baantje
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
2
leerdoelen
§1.1 Keuzes maken:
- voor- en nadelen van keuzes vaststellen en afwegen
§1.2 Samenwerken of niet:
- Aantonen wanneer er sprake is van meeliftersgedrag
- gevangenendilemma herkennen
- samenwerking, waarom niet?
- bindende afspraak leidt tot samenwerking
- uitkomst van gevangenendilemma voorspellen
§1.3 Levensfasen:
- de 3 fasen van levensloop benoemen
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
3
Keuzes maken
De gevolgen van keuzes zijn vaak moeilijk te overzien, zeker als de beslissingen van anderen van invloed zijn op jouw uitkomsten. Er kan sprake zijn van meeliften of een free rider.
Met behulp van speltheoriëen kan bekeken worden hoe beslissingen uitvallen wanneer de uitkomst afhangt van wat anderen doen.
Een dominante strategie is de voordeligste strategie die iemand kiest onafhankelijk van wat de ander kiest.
Toch zou samenwerken wel eens voordeliger kunnen zijn. Maar dan moet je elkaar wel kunnen vertrouwen. Als dat niet kan is er sprake van een gevangenendilemma of prisoner's dilemma.
Pas als er een bindende afspraak gemaakt kan worden zal er samenwerking ontstaan.
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
4
Dominante strategie bepalen…
Gebruik de “best-response methode” voor beide spelers.
Wat is voor Paco het beste om te doen? Wat is de dominante strategie van Paco?
Als Zaco kiest voor bekennen, dan kiest Paco voor bekennen, want 10 < 22
Als Zaco kiest voor zwijgen, dan kiest Paco voor bekennen, want 1<2.
Dus de dominante strategie van Paco is bekennen.
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
5
Speltheorie:
De speltheorie bestudeert het nemen van beslissingen waarbij de uitkomst afhangt van wat anderen doen.
https://havo.economielokaal.nl/portfolio-items/basis-speltheorie/
https://havo.economielokaal.nl/samenwerken-en-onderhandelen/
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
6
3 levensfasen
kinderfase
ouderfase
grootouderfase
Het gedrag van de huidige generatie kan gevolgen hebben voor de keuzemogelijkheden van toekomstige generaties.
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
7
Wat is meeliftersgedrag?
Zelfstandig werken aan een project
Profiteren van andermans inspanningen
Altijd kiezen wat voor jou voordeliger is.
Hoe herken je een gevangenendilemma?
Keuze tussen samenwerking voor optimale uitkomst of verraad, en samenwerken met vertrouwen.
Verschillende keuzes zonder gevolgen, zonder vertrouwen en optimale gewin.
Uitkomst is sub-optimaal, en aanwezigheid van een dominante strategie
Aanwezogheid van meelift-gedrag, en geen vertrouwen.
Wat is een dominante strategie?
Een keuze die altijd faalt
De beste keuze ongeacht de keuze anderen
De beste keuze voor beide spelers
Wat zijn de 3 levensfasen?
Kindertijd, volwassenheid, ouderdom
Schooltijd, werk, pensioen
Babyfase, kinderfase, volwassenfase
Babyfase, jongerenfase, volwassenheid
Wat is de uitkomst van onderstaand dilemma?
Er is plagiaat gepleegd. Toen Nica en Zima hun economie verslag hadden ingeleverd kwam er uit de plagiaat checker dat ze voor 77% hetzelfde werk hadden ingeleverd. De docent stuurt beide meiden een email en vraagt hoe het in elkaar zit. In de matrix staan de cijfers die ze krijgen als ze zwijgen of aangeven dat de ander het werk heeft overgenomen.
De cel links boven
De cel rechts boven
De cel links onder
De cel rechts onder
H2: De Jeugd
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
8
leerdoelen
§2.1 Jongeren en geld
§2.2 Sparen en Lenen bij jongeren:
Rente is de prijs voor uitstellen consumptie
Sparen en lenen – voorbeelden van ruilen over de tijd
Wat hoge en lage tijdsvoorkeur betekenen voor het spaar- en leengedrag
Hoe de rentestand het spaar- en leengedrag beinvloedt
§2.3 Studeren en ruilen over de tijd
- voorraad- en stroomgrootheden onderscheiden
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
9
Ruilen over de tijd: Sparen
Sparen kan gezien worden als het uitstellen van consumptie.
Je schuift een deel van je inkomen naar de toekomst.
Dat heeft tot gevolg dat je nú minder kunt kopen. Later kunt je dankzij spaarbedrag én rente-opbrengsten extra veel kopen. Mits de inflatie niet te hoog is.
Dat extra kopen kan natuurlijk ook gebruikt worden om het wegvallen van inkomen (na pensioen) op te vangen.
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
10
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
11
Ruilen over de tijd: Lenen
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
12
Door te lenen kan iemand een deel van zijn toekomstige inkomen naar voren halen.
Dat geeft de mogelijkheid om nú extra te consumeren. In de toekomst zal het bedrag echter met rente moeten worden terugbetaald. Je kunt dan dus minder kopen.
Voor hele grote uitgaven, zoals de aanschaf van een huis, is lenen vaak de enige manier om het te kunnen aanschaffen.
Veel mensen hebben een tijdsvoorkeur. Dat wil zeggen dat ze daarmee een ‘natuurlijke neiging’ hebben om te lenen. Maar lenen is niet zonder risico. Mensen onderschatten vaak de gevolgen voor de toekomst. Daarom eist de overheid dat er altijd wordt gewaarschuwd bij leningen.
Tijdsvoorkeur: een hoge tijdsvoorkeur houdt in dat mensen liever vandaag geld uitgeven dan later.
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
13
Voorraadgrootheid: meet je op een bepaald moment
Stroomgrootheid: meet je over een periode
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
14
H3: Werken en belasting betalen
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
15
leerdoelen
§3.1 Aan het werk
§3.2 In loondienst
Berekening inkomensheffing
Gemiddelde heffingstarief
Marginaal tarief
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
16
Box 1: heffing op inkomen uit arbeid en woning
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
17
Bruto jaarinkomen
+ bijtellingen
- aftrekposten
Belastbaar inkomen
Schijf 1:
Schijf 2:…………………..+
Totale heffing
1
2
3
Totale heffing
- Heffingskortingen
Te betalen inkomensheffing
Bepaal het belastbaar inkomen
Bereken belasting
Trek kortingen eraf
Voorbeeld 1
Carlos heeft een maandinkomen van € 3.500 per maand. Hij krijgt in mei een maand salaris als vakantiegeld. Verder betaald hij aan pensioenpremie € 300. Carlos woont in een huurhuis.
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
18
Voorbeeld 2
Vanessa heeft een maandinkomen van € 8.000 per maand. Ze krijgt geen vakantiegeld of bonus. Ze woont in een huis met een waarde van €450.000 en waarvoor ze een 5% hypotheek heeft afgesloten.
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
19
Gemiddelde belastingdruk
gemiddelde heffingstarief/ gemiddelde heffingsdruk
Het belastingpercentage dat iemand betaald over zijn gehele inkomen
Marginale belastingdruk
Marginaal heffingstarief
Het belastingpercentage dat iemand betaald over zijn laatst verdiende euro.
Het percentage van de hoogste schijf waarin iemand met zijn inkomen valt
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
20
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
21
De inkomensverschillen worden erdoor kleiner, dit noemen we nivellering
De inkomensverhoudingen blijven vóór en ná belasting gelijk
De inkomensverschillenworden hier groter, er is sprake van denivellering
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
22
H4: Inkomens-ongelijkheid
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
23
leerdoelen
§4.1 Ongelijke inkomensverdeling
Gegevens bewerken en een lorenzcurve tekenen
Lorenzcurve interpreteren
§4.2 Herverdeling
Effecten van maatregelen op de inkomensverschillen analyseren
Nivelleren, denivelleren of neutrale werking
Stelsel van sociale zekerheid en herverdeling van de inkomens
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
24
Lorenzcurve
Inkomensgroepen van laag naar hoog
Personen in % van het totaal
Inkomens per groep
Inkomens in % van totaal
Cumulatief % personen
Cumulatief % van het inkomen
https://havo.economielokaal.nl/personele-inkomensverdeling-1/#
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
25
Lorenzcurve
Een Lorenzcurve is een grafische weergave van de inkomensverdeling of vermogensverdeling, waarbij het cumulatief percentage van de bevolking wordt afgezet tegen het cumulatief percentage van het inkomen (of vermogen) van diezelfde bevolking.
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
26
Primaire & secundaire inkomensverdeling
Primaire inkomens
+ sociale uitkeringen plus toeslagen
- Belasting plus sociale premies
Secundair inkomen = besteedbaar inkomen
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
27
Maatregelen en hun effecten op de inkomensverdeling
Verhogen van minimiumloon (inkomensverschillen worden kleiner nivelleren)
Aftrekposten verminderen ( in het nadeel van hogere inkomens)
Heffingskortingen (in het voordeel van lagere inkomens)
Schijfgrenzen verhogen ( in het voordeel van lagere inkomens)
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
28
H5 Het huishouden
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
29
leerdoelen
§5.1 Een eigen huishouden:
Zelfstandig economische beslissingen nemen
§5.2 Koophuis of huurhuis
Nettowoonlasten
§5.3 Gezinsleven
§5.4 Huishoudinkomen
Berekening koopkracht verandering
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
30
Koophuis of huurhuis
Huurlasten
Rekening houden met toekomstige huurverhoging
Netto woonlasten
Netto rente last
Onderhoudskosten
Verzekeringen
Belastingen
Ook rekening houden met toekomstige waarde van het huis
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
31
Gezinsleven
Zorg dragen voor kinderen
Keuze meer of minder werken (opofferinskosten)
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
32
Huishoudinkomen
Koopkracht afhankelijk van 2 factoren:
Inkomen
Prijzen
De koopkracht van het inkomen wordt ook wel reële inkomen genoemd. Hoeveel kun je nog kopen met je inkomen?
% verandering van de reële inkomen = % verandering nominal inkomen – inflatie %
of
Koopkrachtverandering = verandering inkomen % - inflatie %
CPI: Consumentenprijsindex
Gewogen gemiddelde
Bestedingspatroon
%Inflatie
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
33
H6: Verzekeren
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
34
Leerdoelen
§6.1 Inleiding
§6.2 Particuliere verzekering
zorgverzekering
§6.3 Collectieve verzekering
eigen verantwoordelijkheid
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
35
§6.1 Inleiding
Risico-aversie: zoveel mogelijk risico’s proberen te vermijden.
Verzekeren: als je niet voor de kosten van een bepaalde schade wilt opdraaien, sluit je een verzekering af.
Onderscheid tussen particuliere verzekeringen en collectieve verzekeringen.
Particulier sluit je vrijwillig af, bij welke maatschappij je wilt.
Collectief is verplichte verzekering tegen het risico van inkomensverlies bij ziekte, werkloosheid, arbeidsongeschiktheid en ouderdom of tegen het risico van hoge kosten van ziekte en kinderen.
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
36
§6.2 Particuliere verzekering
De verzekerde betaalt premie aan de verzekeringsmaatschappij, die daarmee het risico overneemt en eventuele schade vergoedt.
Hoogte van de premie is afhankelijk van het risico en het schadebedrag.
Premies moeten genoeg zijn om de schadeclaims te dekken, de overige kosten en winst voor de verzekeringsmaatschappij.
Berekening premie:
Premie = kans op schade x gemiddelde hoogte van schade
(+ admin.kosten + winsttoeslag)
Risico wordt gespreid over de groep verzekerden, risico wordt kleiner solidariteit. De verzekerden dragen gezamenlijk de schade.
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
37
Uitzonderingen
WA-verzekering is particulier en verplicht
Zorgverzekering is geregeld in de zorgverzekeringswet.
Verplicht om de verzekering af te sluiten
Verplicht om iedereen die zich meldt te accepteren (acceptatieplicht)
Geen risicoselectie: klanten mogen niet geweigerd worden of een hogere premie voor degene met hogere kans op ziekte.
Basispakket identiek bij alle verzekeraars
Premie: direct betalen aan de maatschappij en een inkomensafhankelijk deel van je inkomen.
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
38
goede risico’s vs slechte risico’s
Wanneer de premie voor iedereen gelijk is, kunnen goede risico’s besluiten de verzekering op te zeggen, omdat de premie voor hen te hoog is in relatie tot de verwachte schade. Dan blijven alleen de slechte risico’s over en zal de premie drastisch stijgen.
Er is hier sprake van averechtse selectie: de goede (lage) risico’s verzekeren zich niet meer en alleen de slechte (hoge) risico’s blijven over.
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
39
Eigen risico
Basisverzekering omvat vergoeding voor huisarts, medicijnen en specialistische hulp. De verzekerde moet ook een eigen bijdrage betalen (eigen risico). In NL is dat € 385.
Bij een eigen risico moet de verzekerde de eerste € 385 aan ziektekosten in een jaar zelf betalen . Je kan ook kiezen voor een hoger eigen risico in ruil voor een lagere premie.
Voorstanders van eigen risico zeggen dat het moreel wangedrag vermindert.
Wanneer mensen zich roekeloos gaan gedragen omdat ze zelf niet opdraaien voor de kosten, spreken we van moreel wangedrag (moral hazard).
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
40
§6.3 Collectieve verzekering
Stelsel van sociale zekerheid bestaat om pech met je gezondheid of pech dat je werkloos of arbeidsongeschikt wordt op te vangen.
Verplichte verzekering tegen het risico van inkomensverlies bij ziekte, werkloosheid, arbeidsongeschiktheid en ouderdom
Verplichte verzekering tegen het risico van hoge kosten van ziekte (langdurige geneeskundige zorg)en kinderen
Bij vasstelling van de premie wordt niet gekeken naar het individuele risico. Je bent verplicht deel te nemen. Verplichte solidariteit.
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
41
eigen verantwoordelijkheid
De kosten van ziekteverzuim, arbeidsongeschiktheid en werkloosheid worden zoveel mogelijk neergelegd bij werkgevers en worden niet door de overheid gedragen.
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
42
H7: Senioren
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
43
Leerdoelen: de leerling kan
drie inkomstenbronnen van ouderen noemen.
het verschil tussen AOW en pensioen uitleggen.
het verschil uitleggen tussen het omslagstelsel en het kapitaaldekkingsstelsel.
uitleggen dat er bij bedrijfspensioenen wordt geruild over de tijd.
een aantal beleggingsvormen noemen.
verschillende beleggingsvormen tegen elkaar afwegen.
uitleggen hoe een verandering van de verhouding tussen actieven en inactieven gevolgen kan hebben voor de hoogte van de AOW-premies en de hoogte van de AOW-uitkeringen.
uitleggen dat vergrijzing een verhoging van de AOW-leeftijd noodzakelijk kan maken.
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
44
Stoppen met werken
Als ouderen stoppen met werken krijgen ze hun inkomen op 3 manieren:
AOW
(Bedrijfs)pensioen
Eigen middelen
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
45
Omslagstelsel vs Kapitaaldekkingstelsel
Bij het omslagstelsel betalen alle mensen die op een bepaald moment werken het pensioen van alle mensen die op dat moment met pensioen zijn.
Stel je voor dat de pensioenleeftijd in een land 65 jaar is. Iedereen die dan onder de 65 is en werkt, betaalt dan het pensioen van alle 65-plussers. Een voorbeeld van het omslagstelsel is de Algemene Ouderdomswet (AOW) in Nederland.
In het kapitaaldekkingsstelsel spaart een werknemer zelf geld voor zijn of haar pensioen, en krijgt dit nadat hij of zij met pensioen gaat uitgekeerd.
Een werknemer kan zelf bepalen hoeveel geld er opzij wordt gezet voor het pensioen. Bij het opbouwen van een pensioen betaal je terwijl je werkt een pensioenpremie.
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
46
Omslagstelsel vs Kapitaaldekkingstelsel
Bij het omslagstelsel is er geen sprake van ruilen over tijd. Je zet geen geld opzij om dat later te gebruiken.
In plaats hiervan is er sprake van intergenerationele solidariteit: de jongere generatie, de mensen onder de 65, betalen het pensioen van de oudere generatie, de mensen van 65 jaar en ouder.
In het kapitaaldekkingsstelsel is er wel sprake van ruilen over tijd. Bij het opbouwen van een pensioen zet je geld opzij om dat later, nadat je met pensioen gaat, te gebruiken.
Er is geen sprake van intergenerationele solidariteit. Jongere generaties betalen daar niet voor de oudere generaties. In plaats hiervan spaart iedereen voor zijn of haar eigen pensioen.
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
47
Eigen middelen: sparen/ beleggen
Een gedeelte van de ouderen heeft inkomen uit winst uit eigen bedrijf.
Sommige ouderen hebben inkomen uit vermogen. Dit kan zijn rente die ze ontvangen van hun spaargelden, winstuitkeringen uit beleggingen in aandelen, rente-inkomsten uit beleggingen in obligaties of huuropbrengsten uit onroerend goed.
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
48
Overeenkomsten en verschillen
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
49
Actieven/Inactieven & Vergrijzing
Een gevaar dat optreedt in het omslagstelsel is dat van vergrijzing.
Als er in een land vergrijzing optreedt, stijgt het aantal ouderen in verhouding tot het aantal jongeren.
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
50
Actieven/Inactieven & Vergrijzing
In het omslagstelsel leidt dit ertoe dat een in verhouding kleiner aantal werkenden moet betalen voor de pensioenen van een in verhouding grotere hoeveelheid gepensioneerden.
Een oplossing hiervoor is het verhogen van de pensioenleeftijd. Als mensen langer doorwerken betalen zij langer hun pensioenpremie en krijgen zij pas later hun pensioen uitgekeerd
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
51
Situatie 1
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
52
In situatie 1 zijn er vijf werkenden van jonger dan 65 jaar en twee gepensioneerden van ouder dan 65 jaar. De vijf werkenden betalen in het omslagstelsel dan het pensioen van de twee gepensioneerden.
Situatie 2
In situatie 2 zie je het effect van het verhogen van de pensioenleeftijd van 65 jaar naar 67 jaar. Bij een pensioenleeftijd van 65 jaar betalen vijf werkenden voor het pensioen van twee gepensioneerden. Als de pensioenleeftijd wordt verhoogd naar 67 jaar betalen zes werkenden voor het pensioen van een gepensioneerde. Het premiebedrag dat dan per werkende hoeft te worden betaald daalt dan. Er is een groter aantal werkenden om te betalen voor de pensioenen van een kleinere groep gepensioneerden. Het nadeel voor deze werkenden is dan wel dat zij langer door moeten werken.
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
53
Vergrijzing …
Bij het kapitaaldekkingsstelsel is er geen last van vergrijzing. Iedere werkende betaalt voor zijn of haar eigen pensioen en de verhouding tussen het aantal ouderen en het aantal jongeren is hierbij dus niet belangrijk.
Langer doorwerken en later met pensioen gaan in het kapitaaldekkingsstelsel heeft wel als voordeel dat er over een langere periode pensioen wordt opgebouwd en dat er minder lang pensioen hoeft worden uitgekeerd.
Als iemand besluit om met pensioen te gaan op 67-jarige leeftijd in plaats van 65-jarige leeftijd leidt dit ertoe dat er twee jaar extra pensioenpremie wordt betaald, waardoor het pensioenbedrag dat wordt uitgekeerd hoger zal uitvallen.
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
54
H8: Ruilen tussen generaties
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
55
Leerdoelen
Overdracht tussen generaties
Profijtbeginsel
Invloed van veranderingen in de omvang en samenstelling van de bevolking op de financiering van d oudedagsvoorziening
Voordelen en nadelen van mogelijke oplossingen van de toenemende kosten van vergrijzing
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
56
Intertemporele ruil
Solidariteit tussen generaties. De oudere generatie zorgt voor de kinderen en de grootouderen. Als de kinderen ouders worden zorgen zij op hun beurt voor de grootouders.
Sociale zekerheid Zorgstaat
De overheid bemoeit zich met inkomensverdeling, arbeidsomstandigheden, gezondheidszorg en onderwijs.
Solidariteit is vastgelegd in wetten.
De overheid kan dit bekostigen door het heffen van premies en belastingen en geeft dit uit in de vorm van uitkeringen en subsidies.
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
57
Netto ontvangers
jongeren ontvangen zorg en onderwijs zonder ervoor te hoeven betalen.
Ouderen ontvangen zorg en uitkeringen
Deze groep heeft positief netto-profijt van de overheid
Netto betalers
Ouders/ werkenden die belastingen en sociale premies betalen
Deze groep heeft negatief netto-profijt van de overheid
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
58
Bronnen
Cumulus.nl
LWEO.nl
Economielokaal.nl
Buec 2025-2026 LWEO: Jong & Oud 6de druk
59