4.5 Atomen tellen

4.5 Atomen tellen 

1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
ScheikundeMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 3

In deze les zitten 23 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

Onderdelen in deze les

4.5 Atomen tellen 

Slide 1 - Tekstslide

Rekenen aan reacties
Doel:
- Reactievergelijkingen opstellen
- Reactievergelijkingen kloppend maken

Slide 2 - Tekstslide

Reacties
Bij een chemische reactie gaat geen atoom verloren. Voor en na de reactie is het aantal atomen gelijk. 

Slide 3 - Tekstslide

Herhalen
Water kun je dmv elektrolyse ontleden in Waterstof en Zuurstof. 

In een reactieschema (in woorden):
Water (l) -> Waterstof (g) + Zuurstof (g)

Hieraan kun je alleen niet zien hoeveel atomen Waterstof en Zuurstof je uit een molecuul Water haalt.  

Slide 4 - Tekstslide

Basis
Waterstof = H2
Het kleine "2"tje hierboven noem je de index. Deze staat vast. Die mag je nooit veranderen. Anders wordt het een andere stof. 
Chloor=Cl2 heeft er ook zo een. 


Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Tekstslide

Basis
Een formule van een stof kan er zo uit zien:
CH4(g)

Dit is de stof Methaan in gasvorm. 

In vloeibare vorm zou hij er zo uit zien: CH4(l)

Slide 7 - Tekstslide

Basis
Een stof kan ook opgelost zijn in water:

NaCl(aq)

Of vast zijn: 

H2O(s) 

Slide 8 - Tekstslide

Basis
Soms zijn er 2 moleculen of atomen van een soort aanwezig, dat ziet er zo uit: 

2 moleculen water: 2H2O (l)
Coëfficient
Met dit getal wordt het aantal moleculen weergegeven. 

Slide 9 - Tekstslide

Reactievergelijking
Hiervoor maken we gebruik van een reactievergelijking:

Water (l) -> Waterstof (g) + Zuurstof (g) wordt dan:
H2O (l) -> H2 (g) + O2 (g)

Maar nu hebben we een probleem. Als we atomen voor de pijl en na de pijl gaan tellen klopt het niet meer. 

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Video

Reactievergelijking 

Slide 12 - Tekstslide

Reactieschema: ijzer (s) + zuurstof (g) -> ijzeroxide (s)
Reactievergelijking: Fe2 (s) + O2 (g) -> Fe2O3 (s)

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Video

Nu zelf gaan oefenen volgens stappenplan
1. Schrijf eerst voor jezelf het reactieschema op.  
2. Schrijf daaronder de reactievergelijking (symbolen) op. 
3. Zet nu onder elk atoom een pijltje naar beneden en schrijf het aantal atomen op. Doe dit zowel vóór als ná de pijl. 
4. Kijk nu of de aantallen voor en na de pijl gelijk zijn, zo niet, maak kloppend. 
Denk om de fases in haakjes er achter! Neem deze fases ook mee in stap 2. 
Let op! Soms komt er een atoom meerdere keren voor  of na de pijl voor. Vooral Zuurstof (O) heeft hier een handje van. Zie je meerdere atomen voor de pijl, dan horen die bij elkaar. Net als na de pijl. 

Slide 15 - Tekstslide

0

Slide 16 - Video

Phet
Druk op de volgende link en ga naar inleiding. 

Onderin staan 3 oefeningen: 
- Het maken van ammonia
- Het ontleden van water
- Het verbranden van methaan
* Oefen deze stuk voor stuk in de volgende opdrachten. 

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Link

Water ontleden, maak de reactievergelijking gelijk, maak een screenshot en lever in.

Slide 19 - Open vraag

Ammonia maken, maak de reactievergelijking gelijk, maak een screenshot en lever in.

Slide 20 - Open vraag

Slide 21 - Tekstslide

Methaan verbranden, maak de reactievergelijking gelijk en maak een screenshot en lever in.

Slide 22 - Open vraag

Aan de slag
LEES de tekst van 4.5 en MAAK de opdrachten

Slide 23 - Tekstslide