Les 3; Kooktechnieken

Kooktechnieken
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
Consumptieve techniekPraktijkonderwijsLeerjaar 2

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 4 videos.

time-iconLesduur is: 8 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Kooktechnieken

Slide 1 - Tekstslide

Doelen
  • kooktechnieken benoemen
  • uitvoeren van een kooktechniek
  • Kan veilig en netjes werken tijdens een kooktechniek

Uitleg

Slide 2 - Tekstslide

Koken
  • Techniek: garen van producten in een vloeistof van 95-100 graden Celsius.
  • Materiaal: kookpan en gasfornuis

Slide 3 - Tekstslide

1

Slide 4 - Video

00:35
Wat kan stoom met je handen doen?
A
Koel houden
B
Verbranden

Slide 5 - Quizvraag

Blancheren
  • Techniek: beetgaar koken van producten in ruim water. Producten worden in ijswater afgekoeld. 10 delen water 1 deel groenten.
  • Materiaal: kookpan, draadspaan/schuimspaan 

Slide 6 - Tekstslide

3

Slide 7 - Video

01:29
Wat doet de kok in het water?
A
Zout
B
Suiker
C
Maizena
D
Griesmeel

Slide 8 - Quizvraag

02:11
Wat wordt bedoeld met
"beet gaar"
A
Snot gaar
B
Knapperig gaar
C
Rauw

Slide 9 - Quizvraag

02:43
Hoe heet het keukengereedschap, die de kok vast heeft?
A
Frituur spaan
B
Kook spaan
C
Blancheer spaan
D
Schuim spaan

Slide 10 - Quizvraag

Bakken
(sauteren)
  • Techniek: bakken (sauteren)van producten in een bakpan op hoge temperatuur zonder deksel.
  • Materiaal: bakpan en een vetstof.

Slide 11 - Tekstslide

2

Slide 12 - Video

00:04
Ander woord voor sauteren is......?
A
Bakken
B
Fruiten
C
Aanzweten
D
Grillen

Slide 13 - Quizvraag

00:13
Wat was blancheren ook al weer?
A
Gaar koken
B
Beetgaar koken
C
Pocheren
D
Stoven

Slide 14 - Quizvraag

2

Slide 15 - Video

00:27
Waarom is een te kleine pan gevaarlijk met frituren?

Slide 16 - Open vraag

01:07
Wat is de naam
van dit gereedschap

Slide 17 - Open vraag

Veilig werken
Werk altijd aan een schone werkplek
Pak alles wat heet is met droge doeken
Loop op dichte schoenen
Draag beschermende kleding
Draai het vuur uit als de bereiding klaar is
Blus in de keuken nooit met water (deksel op de pan)

Slide 18 - Tekstslide

Wat heb je vandaag geleerd?

Slide 19 - Woordweb

Einde 
"eet smakelijk"

Slide 20 - Tekstslide