Bij een ongelijkheid ga je niet kijken wanneer de ene formule evenveel is als de andere, maar juist wanneer de ene formule groter of kleiner is dan de andere.
Daarvoor gebruik je de volgende tekens: < en >
Slide 10 - Tekstslide
Ongelijkheden oplossen
Stap 1 en 2 zijn dus hetzelfde als een "gewone" vergelijking oplossen. Hier kun je dus al punten mee verdienen!
Slide 11 - Tekstslide
ongelijkheden oplossen
Stappenplan
Maak de vergelijking die bij de ongelijkheid hoort.
2
Los de vergelijking op!
Dit hebben we gehad in paragraaf 9.1<div><ul><li>Balansmethode </li></ul></div>
3
Geef op een getallenlijn aan of ze wel of niet voldoen aan de ongelijkheid.
<p>Zet een = teken bij de oplossing.</p><p>Zet een krul of "g" bij wat klopt en een kruisje of "f".</p>
4
Schrijf de oplossing van de ongelijkheid op!
<p>Let op je notatie!</p><p>> groter dan < kleiner dan = is gelijk aan</p>