Wie ben jij?

Wie ben jij?
woensdag 11 februari 2026
Combitraject
1 / 26
volgende
Slide 1: Tekstslide
NT2ISK

In deze les zitten 26 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Wie ben jij?
woensdag 11 februari 2026
Combitraject

Slide 1 - Tekstslide

Doel 
We leren:
  • elkaar nog beter kennen;
  • een Elfje maken;
  • goede zinnen maken.

Slide 2 - Tekstslide

Programma
  • voorstellen
  • Elfje maken en voorlezen
  • Diggy Dex: liedje
  • hobby
  • zinnen maken + vragen
  • samen praten
  • extra: Wie is het? 

Slide 3 - Tekstslide

Voorstellen
Marieke van Dal
48 jaar
Waalwijk
getrouwd met Guido
2 kinderen: Luuk en Femke

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Link

Elfje maken over jezelf
timer
10:00

Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Video

Hobby's

Slide 8 - Tekstslide

Welke hobby's vind jij leuk?

Slide 9 - Open vraag

Hoofdzinnen





In een hoofdzin staat het eerste werkwoord altijd op de tweede plaats.
Tekst
1: Wie of wat

Ik
2a: eerste werkwoord
ga
3: rest

in Den Bosch
2b: tweede werkwoord
voetballen

Slide 10 - Tekstslide

Rest





De tijd staat vaak voor de plaats.
Tekst
1: Wie of wat

Ik
2a: eerste werkwoord
dans
rest: tijd

elke zaterdag
rest: plaats

in een café

Slide 11 - Tekstslide

Rest


     


Wie of wat staat vaak na de tijd en voor de plaats. 
Tekst
Wie of
wat
Ik
Zij
eerste werkwoord
loop
kookt
rest: tijd

morgen
vandaag
rest: plaats

in het bos.

rest: wie
of wat
met mijn zus
pasta.

Slide 12 - Tekstslide

Wat is de tijd in de volgende zin:
Abdul woont al 10 jaar in Nederland.
A
woont
B
in Nederland
C
al 10 jaar
D
Abdul

Slide 13 - Quizvraag

Wat is de tijd in de volgende zin:
We gaan vanavond in een restaurant eten.
A
eten
B
in een restaurant
C
we
D
vanavond

Slide 14 - Quizvraag

Wat is de tijd in de volgende zin:
Ik koop op zaterdag kaas op de markt.
A
op zaterdag
B
op de markt
C
kaas
D
ik

Slide 15 - Quizvraag

Wat is de plaats in de volgende zin:
Abdul woont al 10 jaar in Nederland.
A
woont
B
in Nederland
C
al 10 jaar
D
Abdul

Slide 16 - Quizvraag

Wat is de plaats in de volgende zin:
We gaan vanavond in een restaurant eten.
A
eten
B
in een restaurant
C
we
D
vanavond

Slide 17 - Quizvraag

Wat is de plaats in de volgende zin:
Ik koop op zaterdag kaas op de markt.
A
op zaterdag
B
ik
C
kaas
D
op de markt

Slide 18 - Quizvraag

Wat is de goede woordvolgorde in een normale zin?
naar school
1
2
3
4
morgen
wij
gaan

Slide 19 - Sleepvraag

Wat is de goede woordvolgorde in een normale zin?
een appel
1
2
3
4
elke dag
ik
eet

Slide 20 - Sleepvraag

Maak een zin over je hobby waarbij je tijd en plaats gebruikt.

Slide 21 - Open vraag

Wat ga je morgen doen? Gebruik plaats en tijd.

Slide 22 - Open vraag

Praat samen. Let op de rest
1. Waar kom je vandaan? Hoe lang woon je in Nederland?
2. Wat ga je vanavond eten? Hoe laat ga je eten?
3. Wat ga je morgen doen? Hoe laat ga je dat doen?
4. Wat ga je in de vakantie doen? Waar ga je dat doen?

Slide 23 - Tekstslide

Wie is het?

Slide 24 - Tekstslide

Terugblik

Slide 25 - Tekstslide

Slide 26 - Tekstslide