Tag Questions Unit 3

Tag Questions
Aangeplakte vragen

This is the best lesson, isn't it?
1 / 17
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolvmbo t, havo, vwoLeerjaar 2

In deze les zitten 17 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Tag Questions
Aangeplakte vragen

This is the best lesson, isn't it?

Slide 1 - Tekstslide

What do you remember about tag questions?

Slide 2 - Open vraag

Tag question
- een korte vraag die je achter een zin plakt. 
- daarmee vraag je of iets wat je zegt klopt
- in het Nederlands gebruik je dan: toch? he? Is het niet? of wel?

Slide 3 - Tekstslide

Regels tag questions
Als de hoofdzin negatief is, dan is de aangeplakte vraag positief.

You aren't a mean person, are you?
I am not a morning person, am I?



Slide 4 - Tekstslide

Regels tag questions
Als de hoofdzin positief is, dan is de aangeplakte vraag negatief.

You are really hungry, aren't you?
The Queen is very famous, isn't she?


Slide 5 - Tekstslide

Let op!
als in de hoofdzin een naam staat, dan gebruik je een persoonlijk voornaamwoord in de aangeplakte vraag.

Susan is your sister, isn't she?
Peter and Jane are not good friends, are they?

Slide 6 - Tekstslide

My mother is always on time,
A
is she?
B
isn't she?

Slide 7 - Quizvraag

He is not in New York this week,
A
is he?
B
isn't he?

Slide 8 - Quizvraag

John is not happy to see his father,
A
is he?
B
isn't he?

Slide 9 - Quizvraag

They are never on time
A
are they?
B
aren't they?

Slide 10 - Quizvraag

I am a fast runner
A
am I?
B
aren't I?

Slide 11 - Quizvraag

Thom is very smart,
A
isn't he?
B
is he?

Slide 12 - Quizvraag

Maak af:
My parents are always talking,

Slide 13 - Open vraag

Maak af:
Sarah isn't very sweet,

Slide 14 - Open vraag

Slide 15 - Link

Slide 16 - Link

Slide 17 - Link