Graphic Novel - les 2

Graphic Novel 

les 2
1 / 25
volgende
Slide 1: Tekstslide
TekenenVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 1

In deze les zitten 25 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 90 min

Onderdelen in deze les

Graphic Novel 

les 2

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat weten jullie nog van de vorige les?

Slide 2 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Stappenplan
  • Week 2 - Stijl personage verzinnen en oefenen met inkt
  • Week 3 - Theorie les lijn + werkblad invullen.
  • Week 4 - Theorie afsnijding, kader, compositie en perspectief + beginnen met tekenen graphic novel tekenen met potlood
  • Week 5 - SO lijn + Instructie tekst toevoegen + tekenen graphic novel met potlood en inkt
  • Week 6 - Graphic novel tekenen met potlood en inkt
  • Week 7 - Graphic novel afmaken en inkleuren met kleurpotlood.

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 4 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Hoofdpersoon, nevenfiguur & bijfiguur

Leerdoel: Aan het einde van de les weet je wat een hoofdpersoon, nevenfiguur en bijfiguur inhouden en hoe ze vorm geven aan jouw boek. 

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat weet je al over de hoofdpersoon?

Slide 6 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

De hoofdpersoon:
Dit is het belangrijkste personage in het verhaal. Het verhaal draait om de hoofdpersoon, en vaak maak je als lezer of kijker zijn of haar ontwikkeling van dichtbij mee. De hoofdpersoon heeft vaak een doel, een probleem of een conflict dat opgelost moet worden. De beslissingen die dit personage maakt, drijven het verhaal voort.

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Beschrijf de hoofdpersoon uit jouw boek, hoe is diegene, sta je achter zijn keuzes, zou jij hetzelfde doen?

Slide 8 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat weet je al over een nevenfiguur?

Slide 9 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Een nevenfiguur:
Een nevenfiguur is minder belangrijk dan de hoofdpersoon, maar speelt nog steeds een betekenisvolle rol in het verhaal. Deze personages ondersteunen vaak de hoofdpersoon, bieden hulp of zijn betrokken in de gebeurtenissen van het verhaal. Ze kunnen bijvoorbeeld de beste vriend van de hoofdpersoon zijn, of soms een tegenstander. 

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Beschrijf de nevenfiguur in jouw boek, zou je er bevriend mee kunnen zijn, vind je het een leuk persoon of juist niet?

Slide 11 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat weet je al over een bijfiguur?

Slide 12 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Een bijfiguur:
Bijfiguren hebben een kleine, ondersteunende rol in het verhaal. Ze zijn meestal niet erg diep uitgewerkt en hebben vaak geen grote invloed op het verloop van het verhaal. Ze zijn er om de wereld van het verhaal op te vullen en kunnen bijvoorbeeld een passant, een winkelbediende of een andere achtergrondfiguur zijn.

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Beschrijf de bijfiguur in jouw boek, wat is zijn functie, heeft die een meerwaarde?

Slide 14 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoofdpersoon
Nevenfiguur
Bijfiguur
Belangrijkste persoon van het verhaal
Je maakt de ontwikkeling van dichtbij mee
Beste vriend van de hoofdpersoon of een tegenstander
Kleine rol in het verhaal
Achtergrondfiguur

Slide 15 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoofdpersoon, nevenfiguur of bijfiguur?
A
Hoofdpersoon
B
Nevenfiguur
C
Bijfiguur

Slide 16 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Is de hond een hoofdpersoon, nevenfiguur of bijfiguur?
A
Hoofdpersoon
B
Nevenfiguur
C
Bijfiguur

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Is Scar een hoofdpersoon, nevenfiguur of bijfiguur?
A
Hoofdpersoon
B
Nevenfiguur
C
Bijfiguur

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoofdpersoon, nevenfiguur of bijfiguur?
A
Hoofdpersoon
B
Nevenfiguur
C
Bijfiguur

Slide 19 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Samenvatting

De hoofdpersoon is degene waar het verhaal om draait, de nevenfiguren ondersteunen of spelen een rol rondom de hoofdpersoon, en bijfiguren zijn slechts een deel van de achtergrond.

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Personage
Er zijn heel veel verschillende soorten manieren om je hoofdpersonage vorm te geven. Je moet nadenken over wat het karakter van de personage is. 
Is die groot en sterk of juist kwetsbaar en klein?

En die karaktereigenschap vergroot je uit, zodat het duidelijk is voor de lezer.

Slide 21 - Tekstslide

Handige website, waar goed wordt uitgelegd hoe je een personage kan tekenen:
http://www.thedrawingwebsite.com/category/intermediate/

Wat voor type is dit?
A
Sterk
B
Oud
C
Lief
D
jong

Slide 22 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat voor type is dit?
A
Sterk
B
Sullig
C
Lief
D
Jong

Slide 23 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat voor type is dit?
A
Sterk
B
Sullig
C
Lief
D
Oud

Slide 24 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat voor type is dit?
A
Sterk
B
Sullig
C
jong
D
Oud

Slide 25 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies