Soorten zinnen herkennen

Soorten zinnen

1 / 20
volgende
Slide 1: Slide
newEditorNederlandsVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 5

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 10 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Soorten zinnen

Open vanuit herkenning: leerlingen zien en horen elke dag verschillende soorten zinnen. Deze les gaat om het verschil in bedoeling en leestekens.

Lesdoel

Ik kan een vragende zin, mededelende zin, uitroepende zin en bevelende zin uitleggen en herkennen.

Deze slide heeft geen instructies

Hoe kun je een zin herkennen?

Laat leerlingen losse woorden of korte voorbeelden geven, zoals vraag, punt, bevel of een korte zin. Gebruik de reacties om voorkennis op te halen.

Mededelende zin

  • Je vertelt iets

  • Je geeft informatie

  • Aan het eind staat een punt

  • Voorbeeld: Ik kom morgen.

Gebruik eenvoudige voorbeelden uit de klas: Ik schrijf. De deur is open. We lezen een boek.

Vragende zin

  • Je vraagt iets

  • Aan het eind staat een vraagteken

  • Voorbeeld: Kom jij morgen?

Benadruk dat de zin echt om een vraag gaat. Het vraagteken helpt bij het herkennen.

Waarom zijn er soorten zinnen?

  • Met zinnen doen we verschillende dingen

  • We kunnen iets vragen

  • We kunnen iets vertellen

  • We kunnen iets roepen

  • We kunnen iemand iets laten doen

Leg uit dat de bedoeling van de zin belangrijk is. Daarop herkennen leerlingen later de vier soorten.

Uitroepende zin

  • Je roept iets

  • Vaak hoor je gevoel of nadruk

  • Aan het eind staat een uitroepteken

  • Voorbeeld: Wat leuk!

Noem emoties als blij, boos, geschrokken. De toon van de stem helpt vaak ook mee.

Bevelende zin

  • Je zegt wat iemand moet doen

  • Het is een opdracht of bevel

  • Vaak eindigt de zin met een punt of uitroepteken

  • Voorbeeld: Ga zitten.

Leg uit dat een bevelende zin soms streng klinkt, maar ook vriendelijk kan zijn, zoals: Kom maar binnen.

Zo herken je het verschil

  • ? vaak bij een vragende zin

  • . vaak bij een mededelende zin

  • ! vaak bij een uitroepende zin

  • . of ! bij een bevelende zin

Kijk naar het leesteken

Kijk naar de bedoeling

  • Vragen = vragende zin

  • Vertellen = mededelende zin

  • Roepen = uitroepende zin

  • Opdracht geven = bevelende zin

Laat zien dat leestekens helpen, maar dat de bedoeling van de zin ook belangrijk blijft, vooral bij de bevelende zin.

Vier zinnen naast elkaar

  • Ben jij klaar? → vragende zin

  • Jij bent klaar. → mededelende zin

  • Wat ben jij snel! → uitroepende zin

  • Wees stil. → bevelende zin

Gebruik deze slide om de vier soorten nog één keer direct te vergelijken.

Ruim je kamer op!

A

Mededelende zin

B

Vragende zin

C

Uitroepende zin

D

Bevelende zin

Deze slide heeft geen instructies

Sommige vogels trekken naar een ander land.

A

Mededelende zin

B

Vragende zin

C

Uitroepende zin

D

Bevelende zin

Deze slide heeft geen instructies

Wil jij de afwas doen?

A

Mededelende zin

B

Vragende zin

C

Uitroepende zin

D

Bevelende zin

Deze slide heeft geen instructies

Doe je vieze was in de mand!

A

Mededelende zin

B

Vragende zin

C

Uitroepende zin

D

Bevelende zin

Deze slide heeft geen instructies

Wat goed, je hebt gewonnen!

A

Mededelende zin

B

Vragende zin

C

Uitroepende zin

D

Bevelende zin

Deze slide heeft geen instructies

Als je iets wilt weten moet je een vragen stellen.

A

Mededelende zin

B

Vragende zin

C

Uitroepende zin

D

Bevelende zin

Deze slide heeft geen instructies

Stel een vraag.

A

Mededelende zin

B

Vragende zin

C

Uitroepende zin

D

Bevelende zin

Deze slide heeft geen instructies

Wat heb jij geleerd over soorten zinnen?

Reflectie zonder fout antwoord. Mogelijke punten: vier soorten zinnen, bedoeling, leestekens, verschil tussen vraag en bevel.

Wat hielp jou het best vandaag?

Reflectie zonder fout antwoord. Mogelijke punten: voorbeelden hielpen, leestekens hielpen, samen vergelijken hielp.

Woordenlijst

vragende zin - een zin waarin je iets vraagt

mededelende zin - een zin waarin je iets vertelt

uitroepende zin - een zin waarin je iets uitroept

bevelende zin - een zin waarin je een opdracht geeft

vraagteken - dit leesteken: ?

punt - dit leesteken: .

uitroepteken - dit leesteken: !


Maken boek opd 1 t/m 4, klaar Snappet afmaken spelling.

Deze slide heeft geen instructies