EHBO: Bewusteloosheid

Bewusteloosheid en EHBO

1 / 30
volgende
Slide 1: Slide
newEditorZorg en WelzijnPraktijkonderwijsLeerjaar 3

In deze les zitten 30 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Bewusteloosheid en EHBO

Open de les met een herkenbare situatie: iemand reageert niet meer. Benoem dat snel en rustig handelen belangrijk is.

Lesdoel

Ik kan bij een bewusteloze de luchtweg vrijhouden met de stabiele zijligging.

De gebruiker noemde meerdere doelen. Volgens de instructie is er één leerdoel nodig; dit doel past het best bij de subonderwerpen herkennen, handelen en stabiele zijligging.

Welke woorden passen volgens jou bij bewusteloosheid?

Gebruik het woordweb om voorkennis op te halen. Verwachte thema’s: niet reageren, ademhaling, 112, zijligging, flauwvallen, gevaar, luchtweg.

Wat is bewusteloosheid?

Bewusteloosheid betekent dat iemand niet reageert op aanspreken of schudden.


De persoon is buiten bewustzijn en kan zichzelf niet goed beschermen, vooral de luchtweg niet.

Leg uit dat bewusteloos niet hetzelfde is als slapen. Bij slaap reageert iemand meestal wel op aanspreken of aanraken.

Hoe herken je bewusteloosheid?

Let op deze signalen:

  • reageert niet op aanspreken

  • reageert niet op voorzichtig schudden

  • ogen kunnen gesloten of wegdraaiend zijn

  • lichaam voelt slap aan

  • slachtoffer kan vreemd of helemaal niet ademen

Benadruk dat leerlingen altijd eerst moeten kijken of de situatie veilig is voor henzelf.

De ongevalssituatie geeft aanwijzingen

Aan de omgeving kun je vaak al iets afleiden:

  • val van fiets of trap

  • botsing of klap op het hoofd

  • sportongeval

  • drugs, alcohol of medicijnen in de buurt

  • tekenen van ziekte, zoals zweten of bleek zien

Koppel dit aan het doel: bewusteloosheid herkennen aan de hand van de ongevalssituatie. Maak duidelijk dat je kijkt én denkt: wat kan hier gebeurd zijn?

Waarom is bewusteloosheid gevaarlijk?

Bij een bewusteloze verslappen spieren.

Daardoor kan de tong naar achteren zakken en de luchtweg blokkeren. Ook kan braaksel in de keel komen. Daarom is het vrijhouden van de luchtweg de eerste zorg.

Dit is de kern van waarom de stabiele zijligging nodig is bij een bewusteloze die wel ademt.

Oorzaken van bewusteloosheid

Bewusteloosheid kan ontstaan door verschillende oorzaken:

  • zuurstoftekort

  • ernstig letsel of klap op het hoofd

  • flauwvallen dat niet snel overgaat

  • epilepsie

  • alcohol, drugs of medicijnen

  • te lage of te hoge bloedsuiker

Noem dat hulpverleners niet altijd direct de oorzaak weten. Daarom volg je vaste EHBO-stappen.

Verschijnselen die je kunt zien

Mogelijke verschijnselen zijn:

  • geen reactie op stem of aanraking

  • slappe houding

  • bleke of grauwe huid

  • onregelmatige ademhaling

  • snurken of reutelen

  • eventuele verwondingen of braaksel

Leg uit dat snurken bij een bewusteloze een alarmsignaal kan zijn: de luchtweg is mogelijk deels afgesloten.

Waarom is bewusteloosheid direct gevaarlijk?

A

De luchtweg kan blokkeren

B

De hartslag stopt altijd

C

De persoon krijgt koorts

D

De botten breken direct

Sluit aan op de slides over herkennen, ongevalssituatie en gevaar. Veelgemaakte denkfout: bewusteloos betekent niet automatisch hartstilstand.

Herkennen van bewusteloosheid

Bij bewusteloosheid reageert iemand niet op aanspreken of voorzichtig schudden. De omgeving kan aanwijzingen geven, zoals een val of een klap op het hoofd. Een bewusteloze kan ook vreemd of niet goed ademen.

aanspreken
schudden
val
ademen
slapen
roepen
botsing
eten
lopen

Controleert kernwoorden uit de eerste uitlegblokken: herkennen aan signalen én aan de ongevalssituatie.

Welke signalen zie je bij een bewusteloze?

Bespreek dat leerlingen moeten noemen: niet reageren, slappe houding, afwijkende ademhaling en aanwijzingen uit de omgeving zoals val, hoofdletsel of alcohol/medicijnen.

Eerst handelen: de vaste volgorde

Veilige situatie controleren → slachtoffer aanspreken en voorzichtig schudden → hulp inschakelen → ademhaling controleren → luchtweg vrijhouden


Een vaste volgorde helpt om rustig en doelgericht te werken.

Gebruik hier de EHBO-volgorde zonder uit te waaieren naar reanimatie-instructie; focus op bewusteloosheid en luchtweg vrijhouden.

Hulp inschakelen

Bel of laat 112 bellen als iemand bewusteloos is.


Vertel:

  • wat er is gebeurd

  • waar je bent

  • dat het slachtoffer bewusteloos is

  • of het slachtoffer wel of niet ademt

Benoem dat omstanders gericht aangesproken kunnen worden: 'U in de rode jas, bel 112.'

Ademhaling controleren

Controleer of het slachtoffer normaal ademt:

  • kin iets omhoog, hoofd voorzichtig achterover

  • kijk naar de borstkas

  • luister bij neus en mond

  • voel luchtstroom


Doe dit kort en aandachtig.

Houd het algemeen en veilig. Het onderscheid in deze les is: bewusteloos met ademhaling = stabiele zijligging.

Wanneer stabiele zijligging?

De stabiele zijligging gebruik je bij iemand die:

  • bewusteloos is

  • wel normaal ademt

  • geen houding kan aannemen om de luchtweg zelf open te houden


Zo verklein je de kans dat de luchtweg dichtgaat.

Als leerlingen vragen naar niet-ademen: benoem kort dat dan direct andere EHBO-stappen nodig zijn, maar dat valt buiten de focus van deze les.

Wat doe je direct na het controleren van reactie?

A

Slachtoffer optillen

B

Water laten drinken

C

Hulp inschakelen

D

Meteen weggaan

Gebaseerd op de vaste volgorde: veiligheid, reactie, hulp, ademhaling, luchtweg vrijhouden.

De vaste volgorde

Eerst controleer je of de situatie veilig is. Daarna spreek je het slachtoffer aan en schakel je hulp in. Vervolgens controleer je de ademhaling. Als iemand bewusteloos is maar wel normaal ademt, houd je de luchtweg vrij.

veilig
hulp
ademhaling
luchtweg
rustig
eten
bloedsuiker
arm
deken

Echoot de formulering van de inhoudsslides zonder nieuwe informatie toe te voegen.

Stabiele zijligging: voorbereiding

Voor je draait:

  • kniel naast het slachtoffer

  • maak strakke kleding rond hals los

  • leg de dichtstbijzijnde arm in een rechte hoek

  • plaats de andere hand tegen de wang

  • buig het verste been

Gebruik eenvoudige taal en eventueel voordoen in de klas. Laat de slide alleen de ankerstappen tonen.

Stabiele zijligging: draaien

Trek het gebogen been naar je toe en rol het slachtoffer op de zij.


Daarna:

  • hoofd achterover

  • mond naar beneden

  • hand onder de wang laten

  • bovenste been houdt het lichaam stabiel

Benadruk waarom de mond naar beneden moet: vocht of braaksel kan eruit lopen.

Na de stabiele zijligging

Blijf steeds controleren:

  • ademt het slachtoffer nog?

  • blijft de luchtweg vrij?

  • verandert de kleur of toestand?


Blijf bij het slachtoffer tot professionele hulp overneemt.

Noem ook dat je het slachtoffer warm kunt houden met bijvoorbeeld een jas of deken, als dat veilig kan.

Video: bewusteloosheid

Hier past de docent het opgegeven filmpje toe: https://www.youtube.com/watch?v=stgt_P5Jme4. Omdat deze pass alleen contentslides maakt, staat alleen een neutrale verwijzing op de slide.

Veelgemaakte fouten

Vermijd deze fouten:

  • in paniek raken en geen volgorde aanhouden

  • vergeten de ademhaling te controleren

  • iemand plat op de rug laten liggen terwijl hij bewusteloos is en ademt

  • slachtoffer alleen achterlaten

  • eten, drinken of medicijnen geven

Een veelvoorkomende misvatting is dat water geven helpt. Leg uit dat verslikking dan juist een risico is.

Wanneer gebruik je de stabiele zijligging?

A

Bij bewuste hoofdpijn

B

Bij niet ademen

C

Bij bewusteloos en ademen

D

Bij lichte schaafwond

Toetst de kernvoorwaarde: bewusteloos én normaal ademend.

Stabiele zijligging

Bij de stabiele zijligging leg je eerst een arm in een rechte hoek. Daarna buig je het verste been en rol je het slachtoffer op de zij. Het hoofd gaat voorzichtig achterover en de mond wijst naar beneden.

hoek
been
hoofd
mond
hand
rug
knie
schouder
neus

Laat leerlingen de ankerstappen reconstrueren uit de slides en de video.

Wat controleer je na de stabiele zijligging?

Bespreek minstens deze punten: ademhaling blijven controleren, luchtweg vrij houden, letten op kleur/toestand, bij slachtoffer blijven tot hulp er is.

Samenvatting van het handelen

Onveilige situatie vermijden → reactie controleren → 112 inschakelen → ademhaling controleren → bij normale ademhaling in stabiele zijligging → blijven controleren tot hulp er is

Gebruik deze slide als inhoudelijke afronding vóór de begrippenlijst.

Wat is één ding dat je uit deze les onthoudt?

Reflectie zonder goed of fout. Mogelijke antwoorden: herkennen van signalen, 112 bellen, ademhaling controleren, stabiele zijligging, volgorde onthouden.

Welk onderdeel hielp jou het meest bij begrijpen?

Reflectie op het leerproces. Laat leerlingen benoemen wat hielp: plaatjes, stappenplan, video, klassengesprek of invulvragen.

Begrippen

bewusteloosheid - toestand waarin iemand niet reageert op aanspreken of aanraken

luchtweg - de weg waarlangs lucht via neus, mond en keel naar de longen gaat

stabiele zijligging - houding op de zij die helpt om de luchtweg open te houden

ademhaling controleren - kijken, luisteren en voelen of iemand normaal ademt

ongevalssituatie - de plaats en omstandigheden waarin je aanwijzingen vindt over wat er gebeurd is

112 - alarmnummer voor spoedeisende hulp

verschijnselen - signalen waaraan je een toestand of probleem kunt herkennen

Deze slide heeft geen instructies