Verpleegkunde DSM

Psychiatrie 
Acute zorg
Betekenissen en behandelingen
1 / 22
volgende
Slide 1: Tekstslide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 3

In deze les zitten 22 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

Onderdelen in deze les

Psychiatrie 
Acute zorg
Betekenissen en behandelingen

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

oriëntatie GGZ
 
Organisatie GGZ
Uitleg DSM-5
- Persoonlijkheidsstoornis + eetstoornissen
- Observeren
- Nadien lezen theorie Zorgpad

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Psychiatrie?

Slide 3 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Psychiatrie
= Medisch specialisme
Psychiater is, net als een internist of een gynaecoloog, een gespecialiseerde arts
Diagnostiek en behandeling van zorgvragers  
Een op de vier mensen krijgt in zijn leven een psychiatrische diagnose gedurende een korte of langere tijd

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Organisatie van zorg
1.PraktijkOndersteuner Huisartsenzorg GGZ
2. Basis-GGZ
3.Specialistische GGZ (ambulante (FACT/IHT), klinische en langdurige zorg)

3. 

Slide 5 - Tekstslide

Specialistisch: er wordt doorverwijst dus is er vnl. sprake van een zware en/of ingewikkelde psychische aandoening waarbij intensieve(re) behandeling nodig is.

FACT = FACT staat voor Flexibele Assertive Community Treatment. 
FACT-teams stellen tijdens de behandeling samen met de cliënt (en de naasten) doelen op. Deze doelen richten zich naast de behandeling van de symptomen, ook op het opbouwen van een zinvol bestaan. 
De behandeling door de FACT-teams vindt plaats in de eigen omgeving van de cliënt, om zo goed mogelijk aansluiting te vinden bij zaken waar hij/zij tegenaan loopt. Als dat wenselijk is, zoekt het team ook contact met naasten, de buurt en eventueel andere instanties. Denk daarbij aan de huisarts, de woningcoöperatie of de wijkagent.

De Intensive Home Treatment teams (IHT) zijn teams die een belangrijke bijdrage leveren om mensen met ernstige psychiatrische problemen in hun thuissituatie te begeleiden en te behandelen.
Vier categorieen
1. Acute psychiatrie
2. Langdurige psychiatrie
3. Ouderenpsychiatrie 
4. Kinder- en jeugdpsychiatrie

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

WVGGZ
Gevaar voor zichzelf of ander? Verplichte zorg 

Wie geeft een crisismaatregel af?

Slide 7 - Tekstslide

De Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) regelt het verlenen van verplichte zorg aan mensen met een psychische aandoening. Verplichte zorg is nodig als er door de psychische aandoening gevaar (ernstig nadeel) is of dreigt voor de persoon zelf of anderen.
DSM-5
- Wat is de DSM?
- Hoe ziet dit eruit?
- Wie mogen diagnoses stellen? 
- 20 categorieën 

classificatie, géén diagnose 
Persoonlijkheidsstoornissen 
Cluster A, B en C
A= vreemde, excentrieke cluster (paranoide bijv.)
B=dramatische, emotionele cluster (borderlinde bijv.)
C= angstige cluster (ontwijkend bijv.)
Iemand die narcistisch is heeft een persoonlijkheidsstoornis
A
Juist
B
Onjuist

Slide 11 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Juist
Cluster B persoonlijkheidsstoornis

Vindt zichzelf geweldig
Manipulerend gedrag 
Theatraal 

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Observeren 

- Kun je een psychiatrisch patiënt herkennen?

Benieuwd naar reacties van de klas 

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Observeren
Algemene indruk ->
Contact en houding ->
-Bewustzijn -> 
- Hoe is het geheugen en realiteitsbesef -->
- ziekte-inzicht -->
- Motoriek -->
- Denken -->

- Hoe is de stemming -->
Voorbeelden:
Hoe is het uiterlijk / bijzonderheden 
Maakt iemand (oog)contact 
Is iemand helder / aandacht te krijg.
Is dit intact of bijv. sprake van confabulaties
wel / geen besef, behandeling?
Is iemand druk / onrustig?
Traag of normaal en inhoud gedachtes, wanen? 
somber, eufoor of angstig 

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Anorexia nervosa

Verstoord lichaamsbeeld en intense angst om dik te worden 

Weigering normale hoeveelheid eten
Vaak jonge meiden






Boulimia nervosa 

Herhaaldelijke episoden van eetbuien (binge eating) +
vervolgens braken, of vasten of overmatige lichaamsbeweging

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Soorten voedings- en eetstoornissen 
PICA = oneetbare dingen (zand/klei/verf/etc.)
Ruminatiestoornis = voedsel braken / herkauwen / doorslikken of uitspugen
Vermijdende / restrictieve voedselinnamestoornis = vermijden van (bepaald) voedsel. Met name bij kinderen
Eetbuistoornis = in heel korte tijd ontzettend veel eten + stopt niet als je vol bent 

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 17 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 18 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Wat vind je van de twee filmpjes die je net hebt gezien?

Slide 19 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Wat zou jij als VP kunnen betekenen voor deze zorgvrager?

Slide 20 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Wie is geïnteresseerd in bijvoorbeeld stage lopen in de GGZ?

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat neem je mee uit deze les?
Wat heb je geleerd?

Slide 22 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies