* Eduhint smart rekenen > zelfstandig werken volgens je advies
1 / 12
volgende
Slide 1: Tekstslide
RekenenMBOStudiejaar 1
In deze les zitten 12 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Lesduur is: 30 min
Onderdelen in deze les
Formules en vuistregels (L&T)
Programma van vandaag:
* formules en vuistregels * examentraining
* Eduhint smart rekenen > zelfstandig werken volgens je advies
Slide 1 - Tekstslide
Deze slide heeft geen instructies
Leerdoel
Aan het einde van de les weet je wat woordformules en vuistregels zijn en kun je deze toepassen op verschillende grootheden en eenheden.
Slide 2 - Tekstslide
Deze slide heeft geen instructies
wat weet je al over formules en vuistregels?
Slide 3 - Woordweb
Deze slide heeft geen instructies
Wat zijn formules en vuistregels
Formules: Een formule lijkt op een rekensom en geeft de verhouding tussen verschillende eenheden of grootheden aan.
Bijvoorbeeld: Snelheid = afstand / tijd
Vuistregels: Een eenvoudige, vaak praktische regel om snel een schatting of beslissing te maken.
Een vuistregel kan zijn dat in een magazijn altijd 20% van de ruimte vrijgehouden moet worden voor loop- en beweegruimte.
Slide 4 - Tekstslide
een andere vuistregel is dat Een volledig beladen vrachtwagen verbruikt 20% meer brandstof dan een lege vrachtwagen.
welke vuistregels ken je nog meer?
Slide 5 - Woordweb
- Een volledig beladen vrachtwagen verbruikt 20% meer brandstof dan een lege vrachtwagen.
- 80% van de waarde van de voorraad komt vaak van 20% van de artikelen.
- Het duurt gemiddeld 1 tot 2 uur om een vrachtwagen te laden of lossen.
- Een chauffeur kan gemiddeld 500 tot 600 kilometer per dag rijden, afhankelijk van verkeersomstandigheden en rustpauzes.
- Pallets mogen niet hoger dan 1,5 meter gestapeld worden om instabiliteit te voorkomen.
- Een vrachtwagenchauffeur mag volgens de Europese rij- en rusttijdenwet maximaal 4,5 uur aaneengesloten rijden zonder pauze. Na deze rijperiode moet de chauffeur een pauze van minimaal 45 minuten nemen.
Voor het roosteren van ritten: een vrachtwagen moet een afstand van 300 km afleggen en kan gemiddeld 75 km/u rijden. Hoe lang zal de rit duren?
Slide 6 - Open vraag
welke woordformule hoort hier dan bij?
tijd = afstand : snelheid
welke formule hoort bij de vorige vraag?
A
afstand = tijd / snelheid
B
tijd = afstand / snelheid
C
snelheid = afstand x tijd
D
tijd = snelheid x afstand
Slide 7 - Quizvraag
Deze slide heeft geen instructies
Een vrachtwagen zonder lading rijdt 8 liter per 100 km. Hoeveel liter zou hij per 100 km verbruiken met een volledige lading? (denk aan de vuistregels)
A
6, 2 liter
B
8 liter
C
9,6 liter
D
16 liter
Slide 8 - Quizvraag
Een volledig beladen vrachtwagen verbruikt 20% meer brandstof dan een lege vrachtwagen.
Slide 9 - Tekstslide
snelheid = afstand : tijd
afstand
snelheid tijd
De helft van je salaris zet je op je spaarrekening. Het totaal op je spaarrekening bereken je met de volgende formule: bedrag (€) = beginbedrag + spaarbedrag per maand x aantal maanden
Je hebt nu al € 250,00 op je spaarrekening. Je ontvangt elke maand € 1550,00 netto. Na hoeveel maanden heb je € 6450,00 op je rekening staan?
Slide 10 - Open vraag
6450 = 250 + 775 x ?
6200 = 775 x ?
6200 / 775 = 8
? = 8
8 maanden
info examentraining
volgende les
zorg voor een opgeladen laptop, rekenmachine, rekenkaart, pen en papier