1AB: Unité 3, Grammaire II

Bonjour !
  • Prends ton livre.

  • Open je boek op page 89.

  • Je hebt geen laptop nodig vandaag. 
1 / 16
volgende
Slide 1: Tekstslide
FransMiddelbare schoolhavoLeerjaar 1

In deze les zitten 16 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Bonjour !
  • Prends ton livre.

  • Open je boek op page 89.

  • Je hebt geen laptop nodig vandaag. 

Slide 1 - Tekstslide

Programme
  • Objectif : Je weet wat er met de lidwoorden gebeurt na de werkwoorden aimer, adorer, préférer en détester.

  • Devoirs
  • Herhaling: Les articles
  • Aimer, adorer, préférer, détester

Slide 2 - Tekstslide

Devoirs
  • Exercice 9- 14 (online)

Slide 3 - Tekstslide

Herhaling: Les articles
  • In Hoofdstuk 1 hebben we de Franse lidwoorden geleerd. 
    Welke lidwoorden ken je nog, en wat betekenen ze?

Slide 4 - Tekstslide

Herhaling: Les articles
  • In Hoofdstuk 1 hebben we de Franse lidwoorden geleerd. 
    Welke lidwoorden ken je nog, en wat betekenen ze?

  • Le, La, Les, L' = De/Het
  • Un, Une = Een
  • Des = Als in NL geen lidwoord staat

Slide 5 - Tekstslide

Aimer, Adorer, Préférer, Détester
  • Wat betekenen deze werkwoorden?

Slide 6 - Tekstslide

Aimer, Adorer, Préférer, Détester
  • Deze werkwoorden hebben 1 ding gemeen: ze geven aan wat je van iets vindt.
  • Aimer = houden van, leuk vinden
    (Aimer bien = best leuk vinden)
  • Adorer = dol zijn op
  • Préférer = liever hebben
  • Détester = een hekel hebben aan

Slide 7 - Tekstslide

Aimer, Adorer, Préférer, Détester
  • Je déteste l'anglais = Ik heb een hekel aan Engels.
  • Vous préférez la musique? = Jullie hebben liever muziek?
  • Elles aiment l'école. = Zij houden van school. 

  • Staat er in de Franse zin een lidwoord? En in de Nederlandse vertaling?

Slide 8 - Tekstslide

Aimer, Adorer, Préférer, Détester
  • Normaal gesproken, als er in de Nederlandse zin geen lidwoord staat, gebruik je in het Frans Des.
    Tu as des frères? = Heb jij broers?
    Je mange des gâteaux. = Ik eet taarten.

  • Bij aimer, adorer, préférer en détester komt er wél een lidwoord na het werkwoord, ook als er in het Nederlands geen lidwoord staat:
    Tu détestes les frères? = Heb jij een hekel aan broers?
    Je préfère les gâteaux = Ik heb liever taart.

Slide 9 - Tekstslide

Aimer, Adorer, Préférer, Détester
  • Samengevat:

    Als er in de Nederlandse zin geen lidwoord staat, gebruik je in het Frans des, behalve bij aimer, adorer, préférer en détester, daar gebruik je le, la, les of l'.  

Slide 10 - Tekstslide

Probeer het eens!
  • Vertaal de volgende zinnen:
    1. Ik hou van Engels. (Aimer)

    2. Hij heeft een hekel aan de middelbare school.(Détester)

    3. Jullie hebben liever wiskunde. (Préférer)

Slide 11 - Tekstslide

Probeer het eens!
  • Vertaal de volgende zinnen:
    1. Ik hou van Engels. (Aimer)
    J'aime l'anglais.
    2. Hij heeft een hekel aan de middelbare school.(Détester)
    Il déteste le collège.
    3. Jullie hebben liever wiskunde. (Préférer)
    Vous préférez les maths/les mathématiques?

Slide 12 - Tekstslide

Au travail !
Quoi?
Faire 16ABC
Avec qui?
Alleen.
Besoin d'aide?
- Gebruik de grammatica op p. 90
- Steek je hand op
Temps?

Pourquoi?
Om te oefenen met de werkwoorden.
Fini?
- Faire 16 DE
-faire FGH, p. 109
- Leer Apprendre 5
timer
1:00

Slide 13 - Tekstslide

Programme
  • Objectif : Je weet wat er met de lidwoorden gebeurt na de werkwoorden aimer, adorer, préférer en détester.

  • Devoirs - ✔
  • Herhaling: Les articles - ✔
  • Aimer, adorer, préférer, détester - ✔

Slide 14 - Tekstslide

Le prochain cours...
...écrire...

  • Devoirs:
    - Maak exercices 16a-d
    - Apprendre "Apprendre7 en 9"
  • jeudi : 24 - 28

Slide 15 - Tekstslide

Au revoir !

Slide 16 - Tekstslide