8.3 Water behandelen

8.3 Water behandelen
1 / 22
volgende
Slide 1: Tekstslide
ScheikundeMiddelbare schoolmavoLeerjaar 4

In deze les zitten 22 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

8.3 Water behandelen

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Video

Drinkwaterzuivering uit grondwater

Slide 3 - Tekstslide

Drinkwaterzuivering uit oppervlaktewater

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Tekstslide

Hard water

Slide 6 - Tekstslide

Hard water bevat veel calcium- ionen.
Hoe komen deze daar?

Regenwater bevat CO2, dit is een beetje zuur. Dit komt op gesteentes terecht. Deze gesteentes bevatten calciumcarbonaat (CaCO3). Als het regenwater hierop valt, lost het calciumcarbonaat op:

CaCO3(s) + CO2(aq) + H2O (l) --> Ca2+ (aq) + 2HCO3- (aq)

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Video

De hardheid van water druk je uit
in Duitse Hardheidsgraden (DH):
1 DH = 7,1 mg Ca2+ per liter 

Slide 9 - Tekstslide

Verhitten van hard water:


Ca2+ (aq) + 2HCO3- (aq) --> CaCO3(s) + CO2(aq) + H2O (l).

Calciumcarbonaat is slecht oplosbaar, dus dit noem je ook wel de kalkaanslag/ketelsteen.
Dus bij verwarming/waterkoker etc krijg je vorming van ketelsteen als je hard water gebruikt.
Nog een nadeel: er is meer zeep nodig bij het wassen.

Slide 10 - Tekstslide

Afvalwater
Rioolwaterzuiveringsinstallatie

Slide 11 - Tekstslide

Slide 12 - Video

Juist of onjuist: drinkwater wordt alleen gemaakt van grondwater
A
Juist
B
Onjuist

Slide 13 - Quizvraag

Juist of onjuist: Hard water bevat opgeloste ijzerdeeltjes
A
Juist
B
Onjuist

Slide 14 - Quizvraag

Juist of onjuist: een hardheid van 1 dH betekent 7,1 mg calciumdeeltjes per liter water
A
Juist
B
Onjuist

Slide 15 - Quizvraag

Juist of onjuist: kalkaanslag verwijder je met een zure oplossing
A
Juist
B
Onjuist

Slide 16 - Quizvraag


Drinkwater in Nederweert bevat 58 mg calciumdeeltjes per liter water. Bereken de hardheid.
(1 DH = 7,1 mg Ca2+ /L)
A
8,2
B
411,8
C
0,12
D
7,1

Slide 17 - Quizvraag

Welke stof ontstaat er als natuurlijke zeep met hard water wordt gemengd?
A
calcium-ionen
B
kalkzeep
C
ketelsteen
D
calcium

Slide 18 - Quizvraag

Wat is de benaming voor water waar relatief weinig kalk in zit?
A
kalkloos water
B
hard water
C
dood water
D
zacht water

Slide 19 - Quizvraag

Wat kan er gebeuren als je erg hard water gebruikt bij wasmachines bijvoorbeeld
A
Er ontstaat ketelsteen waardoor verstopping ontstaat.
B
Er ontstaat een vaste stof calcium die reageert met zeep.
C
Magnesium slaat neer met carbonaat ion die verstopping veroorzaakt.
D
Geen van alle, er ontstaat geen vaste stof.

Slide 20 - Quizvraag

Hoe noem je de neerslag die ontstaat wanneer hard water wordt verwarmd
A
ketelsteen
B
kalkzeep
C
calcium
D
kalk

Slide 21 - Quizvraag

Welk nadeel heeft hard water ten opzichte van zacht water?
A
Bij het wassen met hard water is meer zeep nodig dan bij wassen met zacht water
B
Hard water is slechter voor de gezondheid dan zacht water
C
Hard water is troebel en zacht water niet

Slide 22 - Quizvraag