Thema 2 Voortplanting basisstof basisstof 3

Basisstof 3: Veranderingen in de puberteit


puberteit verander je...
1 / 27
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 3

In deze les zitten 27 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

Onderdelen in deze les

Basisstof 3: Veranderingen in de puberteit


puberteit verander je...

Slide 1 - Tekstslide

Waar gaat deze bassistof over?
  • Geslachtskenmerken
  • Hormonen
  • Menstruatiecyclus

Slide 2 - Tekstslide

Leerdoelen 
  • Je kunt omschrijven wat primaire en secundaire geslachtskenmerken zijn en daarbij voorbeelden noemen.
  •  Je kunt de processen tijdens de menstruatiecyclus beschrijven.
Bij een baby is vaak niet te zien of het een jongen of meisje is (zie afbeelding 1). In de puberteit worden de verschillen duidelijker.

Slide 3 - Tekstslide

Woordenlijst 
  • primaire geslachtskenmerken
  • secundaire geslachtskenmerken
  • mannelijke geslachtshormonen
  • vrouwelijke geslachtshormonen
  • ovulatie (eisprong)
  • baarmoederslijmvlies
  • menstruatie
  • menstruatiecyclus

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Video

Geslachtskenmerken: primair en secundair
Primaire geslachtskenmerken:
Aanwezig bij de geboorte:
- schaamlippen, vagina
- penis, balzak

Secundaire geslachtskenmerken:
Ontstaan in de puberteit. 
- borsten, ronde vormen
- borsthaar, baardhaar, baard in de keel

Slide 6 - Tekstslide

Hormonen ...

... worden gemaakt       in hormoonklieren.
...worden vervoerd 
   via het bloed.
...werken langzaam.

Slide 7 - Tekstslide

Hypofyse
De hypofyse maakt hormonen die de eierstokken en teelballen aansturen.

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

Geslachtshormonen

De eierstokken maken oestrogeen (vrouwelijke hormonen).
De teelballen maken testosteron  (mannelijke hormonen)


Slide 10 - Tekstslide

hypofyse --> Hormoon
Hypofyse
eierstokken
teelballen

Slide 11 - Tekstslide

In de puberteit zorgen hormonen uit de hypofyse ervoor dat
• de teelballen zaadcellen gaan maken
• de teelballen mannelijke geslachtshormonen gaan maken (testosteron)
• in de eierstokken eicellen gaan rijpen
• de eierstokken vrouwelijke geslachtshormonen gaan maken (oestrogenen)

Slide 12 - Tekstslide

Symptomen
  • Ellendig of verdrietig voelen
  • Buikpijn, rugpijn, hoofdpijn, spierpijn. 
  • Soms is een meisje sneller boos of chagrijnig
  • Sommige vrouwen hebben extra zin in lekkere dingen zoals chocola

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Video

Menstruatie:
het slijmvlies laat los
  • Spieren rondom de baarmoeder trekken samen, vandaar dat je buikpijn en spierpijn kan hebben. 

  • Hormonen spelen een rol bij de menstruatie, waardoor je veranderingen in je humeur kan waarnemen.

Slide 15 - Tekstslide

Menstruatiecyclus

Slide 16 - Tekstslide

Huiswerk

  • Lezen bs 3
  • Maken woordenlijst bs 3
  • Maken opdrachten bs 3 digitaal 

Slide 17 - Tekstslide


Wat gebeurt er tijdens dag
1 t/m 5
A
Ovulatie
B
Innesteling
C
Menstruatie
D
Bevalling

Slide 18 - Quizvraag

Waarvoor dient de opbouw van het baarmoederslijmvlies?
A
Om bevruchting mogelijk te maken
B
Om innesteling mogelijk te maken
C
Om menstruatie mogelijk te maken

Slide 19 - Quizvraag

Duur van menstruatie
  • De duur is afwisselend. De ene vrouw is 2 tot 3 dagen ongesteld, de andere vrouw wel 7 dagen of langer.
  • Gemiddeld is een meisje of vrouw 3 tot 4 dagen ongesteld.
  • Een meisje is ongesteld vanaf de puberteit (ongeveer 13 jaar) tot de overgang (ongeveer 50 jaar).

Slide 20 - Tekstslide

Menstruatiecyclus
Een cyclus duurt ongeveer 28 dagen..
Menstruatie dus ook om de 28 dagen

Gebeurtenissen tijdens menstruatiecyclus:
1. eicel rijpt
2. baarmoederslijmvlies groeit
3. eisprong (ovulatie)
4. menstruatie

Tijdens de menstruatie wordt het verdikte deel van het baarmoederslijmvlies afgestoten.

Slide 21 - Tekstslide

Op welke dag vindt meestal de eisprong plaats tijdens de menstruatiecyclus
A
13
B
14
C
15
D
16

Slide 22 - Quizvraag

In één plaatje





Slide 23 - Tekstslide

Hormonen en menstruatiecyclus
Menstruatiecyclus wordt geregeld door hormonen uit de hypofyse 
en de hormonen progesteron en oestrogeen.

  • Hypofysehormoon => zorgen dat de follikel gaat groeien

  • Oestrogeen => wordt gemaakt door follikel vooral vóór ovulatie (baarmoederslijmvlies wordt daardoor dikker en ovulatie vindt plaats)

  • Progesteron => wordt gemaakt door lege follikel na de ovulatie. Zorgt ervoor dat baarmoederslijmvlies dik en goed doorbloed blijft.

Slide 24 - Tekstslide

Hormonen en menstruatie
  • Op dag 14 piekt de hoeveelheid FSH en LH => eisprong.
  • De eierstok wordt gestimuleerd tot hormoonproductie (oestrogeen). Dit zet aan tot de groei van nieuw baarmoederslijmvlies.
  • Progesteron stijgt => opbouw baarmoederslijmvlies wordt voortgezet.

Slide 25 - Tekstslide

De menstruatie wordt geregeld door hormonen
A
Juist
B
Onjuist

Slide 26 - Quizvraag

Wanneer is een vrouw het meest vruchtbaar?
A
Vlak na de menstruatie
B
Vlak voor de menstruatie
C
Vlak na de eisprong
D
Vlak voor de eisprong

Slide 27 - Quizvraag