Lessenserie wetenschappelijk onderzoek

Wetenschappelijk onderzoek
De fasen van onderzoek doen 
stap voor stap
leerjaar 1
1 / 22
volgende
Slide 1: Tekstslide
Biologie / VerzorgingMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 1

In deze les zitten 22 slides, met tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Wetenschappelijk onderzoek
De fasen van onderzoek doen 
stap voor stap
leerjaar 1

Slide 1 - Tekstslide

Wat gaan we leren?
• Wat is (wetenschappelijk) onderzoek?
• Welke fasen horen erbij?
Hoe maak je een spel over de fasen van onderzoek?
• Hoe voer je een klein experiment uit?
• Hoe verwerk je resultaten?
• Hoe gebruik je de resultaten voor het schrijven van een conclusie?
 

Slide 2 - Tekstslide

De fasen van wetenschappelijk onderzoek
Bekijk de video op de volgende dia:

Let tijdens het kijken op de volgende dingen:
• Welke 9 fasen zijn er?
• Welke fase vind je duidelijk?
• Welke fase vind je lastig?
• Waarom denk je dat onderzoekers in stappen werken?

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Video

De fasen van onderzoek op een rij


1. Probleemstelling
2. Onderzoeksvraag
3. Hypothese
4. Benodigdheden
5. Werkwijze
6. Uitvoering experiment
7. Resultaten
8. Conclusie
9. Reflectie

Slide 5 - Tekstslide

Fase 1: Probleemstelling
De probleemstelling beschrijft wat het probleem is of wat je wilt onderzoeken. 

Voorbeeld:In het lokaal staan een paar planten die niet zo goed groeien. De leerlingen en de docent vragen zich af hoe dat komt. Misschien heeft het te maken met de hoeveelheid licht die de planten krijgen.

Slide 6 - Tekstslide

Fase 2: Onderzoeksvraag
De onderzoeksvraag is de precieze vraag die je wilt beantwoorden. 

Voorbeeld:Groeit een plant beter met veel licht of met weinig licht?

Slide 7 - Tekstslide

Fase 3: Hypothese
Een hypothese is een verwachting of voorspelling. 
Je schrijft op wat jij denkt dat er gaat gebeuren. 

Voorbeeld: Ik verwacht/denk/vermoed dat planten beter groeien wanneer ze veel licht krijgen. Planten hebben licht nodig om voedsel te maken, dus waarschijnlijk groeien ze sneller op een lichte plek.

Slide 8 - Tekstslide

Fase 4: Benodigdheden
Hier schrijf je precies op welke materialen en hoeveelheden je nodig hebt voor het experiment. 
Voorbeeld
• Twee dezelfde planten
• Twee dezelfde potjes
• Aarde
• Water
• Een liniaal
• Een lichte plek (bij het raam)
• Een donkere plek (kast of hoek van het lokaal)
• Notitieblad of tabel om resultaten bij te houden

Slide 9 - Tekstslide

Fase 5: Werkwijze
In de werkwijze leg je stap voor stap uit hoe je het onderzoek gaat uitvoeren. 

Voorbeeld
• Zet plant A op een lichte plek.
• Zet plant B op een donkere plek.
• Geef beide planten evenveel water (bijv. elke twee dagen).
• Meet elke week de hoogte van beide planten met een liniaal.
• Noteer de resultaten in een tabel.
• Voer dit onderzoek vier weken uit.

Slide 10 - Tekstslide

Fase 6: Uitvoering experiment
Je volgt de stappen uit je werkwijze en werkt netjes en eerlijk. Je verandert niets tussendoor, zodat het onderzoek betrouwbaar blijft.

Voorbeeld: De planten zijn vier weken lang op hun plek blijven staan. Beide planten kregen evenveel water. Elke week werd de hoogte gemeten en opgeschreven.

Slide 11 - Tekstslide

Fase 7: Resultaten
De resultaten zijn de uitkomsten van je onderzoek. Je kunt ze opschrijven in een tabel, grafiek en/of in woorden. 

Slide 12 - Tekstslide

Voorbeeld resultaten
week
plant A (veel licht)
plant B (weinig licht)
1
10 cm
10 cm
2
12 cm
11 cm
3
14 cm
11,5 cm
4
15 cm
12 cm

Slide 13 - Tekstslide

Fase 8: Conclusie
In de conclusie beantwoord je de onderzoeksvraag en vergelijk je de resultaten met de hypothese.

Slide 14 - Tekstslide

Voorbeeld conclusie
De plant die veel licht kreeg, groeide duidelijk beter dan de plant die weinig licht kreeg. De plant met veel licht is 5 cm gegroeid (15 cm - 10 cm), de plant met minder licht is maar 2 cm (12 cm - 10 cm) gegroeid.

Het antwoord op de onderzoeksvraag is dus: ja, planten groeien beter met veel licht. De hypothese was juist.

Slide 15 - Tekstslide

Fase 9: Reflectie
In de reflectie kijk je terug op je onderzoek. Wat ging goed? Wat kon beter? Wat zou je de volgende keer anders doen? 

Slide 16 - Tekstslide

Voorbeeld reflectie
Het onderzoek ging goed: 
De planten kregen evenveel water en de metingen werden netjes uitgevoerd.
Wat beter kon: 
1. De metingen hadden elke week op hetzelfde tijdstip en dezelfde dag gedaan kunnen worden.
2. De donkere plek was niet helemaal donker; er kwam soms toch wat licht binnen.
Volgende keer zou ik een echt donkere kast gebruiken en elke week op dezelfde dag en tijd meten

Slide 17 - Tekstslide

Maak een spel
Je werkt in tweetallen.
Je kiest uit een memory spel of een dominospel.
Je speelt het spel om de fasen van onderzoek goed te oefenen

Slide 18 - Tekstslide

Voorbeeldonderzoek
Voorbeeldonderzoek: Planten en licht
De docent deelt een voorbeeldonderzoek uit.
Jullie lezen dat klassikaal.
Tijdens het lezen onderstreep je welke fase je lastig vindt.
In tweetallen de lastige fase bespreken en elkaar uitleggen
Daarna klassikaal bespreken

Slide 19 - Tekstslide

Poster fasen
De docent deelt de poster met de fasen van onderzoek uit.
De fasen worden nogmaals besproken, maar nu door de leerlingen.
Markeer voor jezelf wat je al snapt op de poster.
Stel vragen over de fasen die je nog niet snapt. 

Slide 20 - Tekstslide

Experiment kiezen en uitvoeren

Slide 21 - Tekstslide

Afronding
Je bent nu en onderzoeker:
• Je kent alle fasen van een wetenschappelijk onderzoek
• Je hebt een experiment uitgevoerd
• Je hebt de resultaten van het experiment verwerkt
• Je hebt een spel gemaakt


Slide 22 - Tekstslide