7.3 Duurzame landbouw

7.3 Duurzame landbouw
Thema 7 Duurzaam leven
1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 1

In deze les zitten 19 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

7.3 Duurzame landbouw
Thema 7 Duurzaam leven

Slide 1 - Tekstslide

Wat weten we al?

Slide 2 - Tekstslide

Leerdoelen 7.2
  • Je kunt manieren noemen om een grotere productie van voedsel te verkrijgen.

Slide 3 - Tekstslide

Begrippen 7.2
  • Bemesting
  • Bestrijdingsmiddelen
  • Bodembewerking
  • In-vitrofertilisatie (ivf)
  • Kunstmatige inseminatie (ki)
  • Landbouwhuisdieren
  • Monocultuur
  • Plaag
  • Veredeling
  • Voedingsgewassen

Slide 4 - Tekstslide

Leerdoelen 7.3
  • Je kunt de kenmerken van bestrijdingsmiddelen en biologische bestrijding noemen.
  • Je kunt vormen van landbouw beschrijven waarbij minder stoffen aan het milieu worden onttrokken of toegevoegd.

Slide 5 - Tekstslide

Gangbare landbouw
De gangbare (gewone) landbouw bestaat uit:
  • Intensieve veehouderijen (veeteelt)
  • Monoculturen (akkerbouw en tuinbouw)
Het voordeel hiervan is dat boer doelmatig kan werken en dat de opbrengst hoger is.
De nadelen zijn uitputting van de grond, verzuring, vermesting en de grotere kans op ziekten en plagen.

Slide 6 - Tekstslide

Chemische bestrijding
Om ziekten en plagen te bestrijden kan een teler chemische bestrijdingsmiddelen gebruiken.
Deze noemen we ook wel gewasbeschermingsmiddelen of pesticiden.
Deze middelen kunnen ziekten en plagen snel en goed bestrijden, maar hebben ook nadelen:
  • Ze zijn niet-selectief (maken geen onderscheid).
  • Er treed bio-accumulatie op (ophoping in organismen).
  • Een populatie kan resistent worden (ongevoelig voor het middel).

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Tekstslide

Biologische bestrijding
Ziekten en plagen kun je ook voorkomen en bestrijden zonder giftige stoffen. Drie manieren van biologische bestrijding zijn:
  • Vruchtwisseling (verbouwt een boer nooit 2 jaar achter elkaar hetzelfde gewas).
  • Natuurlijke vijanden (hierbij wordt een natuurlijke vijand van de plaag ingezet).
  • Lokken (hierbij worden schadelijke insecten met geuren of geluiden gelokt en daarna gedood of onvruchtbaar gemaakt).

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Tekstslide

Biologische landbouw
In de biologische landbouw staan het milieu en dierenwelzijn centraal:
  • Er worden chemische bestrijdingsmiddelen of kunstmest gebruikt.
  • Dieren lopen los.
  • Ziekten en plagen worden bestreden met biologische bestrijdingsmethoden.
  • De gewassen worden verbouwd op kleine stukken grond waar vruchtwisseling wordt toegepast.
  • Er wordt gebruikgemaakt van groenbemesting.

Slide 11 - Tekstslide

Kringlooplandbouw
  • In de gangbare landbouw zijn er vaak resten die niet worden gebruikt en worden weggegooid. 
  • Bij kringlooplandbouw worden alle grondstoffen en eindproducten hergebruikt in een kringloop.
  • Daardoor is er weinig afval en uitstoot van gassen.
  • De minerale blijven in de klingloop aanwezig.
  • De gassen worden opgevangen en verwerkt of hergebruikt.

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Precisielandbouw
  • Bij precisielandbouw gebruiken de boeren speciale meetapparatuur.
  • Hiermee kunnen ze precies zien welk stuk van de akker voeding, bestrijdingsmiddelen en/of water nodig heeft.
  • De rest van de akker wordt niet onnodig mest of behandeld met bestrijdingsmiddelen.
  • Hierdoor komen minder vervuilende stoffen in het milieu terecht en het bespaart ook water.

Slide 14 - Tekstslide

Verticale landbouw
  • Wanneer planten boven elkaar groeien, noemen we dit verticale landbouw.
  • Vaak wordt hierbij ledlicht gebruikt.
  • De ruimte waar de planten groeien, wordt goed afgesloten van de buitenlucht.
  • zo worden ziekten en plagen voorkomen.

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

Begrippen 7.3
  • Bio-accumulatie
  • Biologische landbouw
  • Kringlooplandbouw
  • Niet-selectieve bestrijdingsmiddelen
  • Pesticiden
  • Precisielandbouw
  • Resistentie
  • Selectieve bestrijdingsmiddelen
  • Verticale landbouw
  • Vruchtwisseling

Slide 17 - Tekstslide

Ik kan nu
  • Je kunt de kenmerken van bestrijdingsmiddelen en biologische bestrijding noemen.
  • Je kunt vormen van landbouw beschrijven waarbij minder stoffen aan het milieu worden onttrokken of toegevoegd.

Slide 18 - Tekstslide

Aan het werk!
Maken 7.3: 1 t/m 7
Klaar?
Laten checken bij docent, bij goedkeuring nakijken.
Klaar?  Werk laten zien aan docent.
Veel fout? -> Maken test jezelf 7.3
Veel goed? -> Maken 8+ online extra  7.3

 

timer
25:00

Slide 19 - Tekstslide