De Vikingen

Vikingen 
1 / 33
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisBasisschoolGroep 6-8

In deze les zitten 33 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Vikingen 

Slide 1 - Tekstslide

Vikingen
Wat weet je al?

Slide 2 - Woordweb

De Vikingen
We noemen ze ook wel de Noormannen. 

Ze wonen in Noorwegen, Zweden en Denemarken (= Scandinavië). Op het kaartje hiernaast zijn delen van deze landen oranje gekleurd. Tussen 750 en 1000 zijn ze actief in heel Europa, vooral als woeste rovers
De Noormannen zijn bekend om hun bloedige plundertochten.  Ze zijn de beste zeelui van hun tijd. Vikingr(Noors) betekent piraat.

Slide 3 - Tekstslide

Plundertochten
De Vikingen zijn bij ons vooral bekend vanwege hun plundertochten.

Dit deden ze omdat Scandinavië overvol was door bevolkingsgroei en er niet genoeg voedsel verbouwd kon worden.

Slide 4 - Tekstslide

Handelaren
Het waren niet alleen maar woeste krijgers.
Vikingen waren ook ambachtslieden, ontdekkingsreizigers, de beste scheepsbouwers en ze deden ook aan landbouw en het waren handelaren. Thuis erft de oudste zoon de boerderij. De jongere zonen krijgen niets. Daarom gaan zij de zee op. Op hun tochten drijven ze handel, maar ze houden ook strooptochten langs de kusten van Europa. 

Slide 5 - Tekstslide

Politieke tochten
De Vikingen waren niet alleen brute veroveraars. Ze hielden ook politieke tochten om met andere volken te overleggen. Ze realiseerden zich dat het soms slim was om vrienden 
te maken....

Slide 6 - Tekstslide

Kolonisatie tochten
Soms was er ergens te weinig voedsel of waren er geen grondstoffen om in te handelen. Dan pakten de Vikingen hun spullen en gingen op zoek naar nieuw land om te leven. Dit noemde men kolonisatie tochten.

Slide 7 - Tekstslide

Goden
De Vikingen geloofden in meerdere goden. Zoals Odin, Thor, Loki, Figg en Freya. Deze goden werden vereerd in tempels, met standbeelden en offers van dierenbloed. 
Volgens de Vikingen behoorde het Walhalla toe aan de oppergod Odin, god van oorlog en wijsheid. 
Zijn oudste zoon ken je misschien wel?
Thor, god van de donder. 

Slide 8 - Tekstslide

Goden
 In het scheppingsverhaal van de Vikingen waren er 9 werelden in het universum. In het midden stond de wereldboom Yggdrasill. Dit betekent 'Paard van Odin'. Odin was de oppergod van de Vikingen. 
Helemaal bovenin de boom ligt de wereld Asengaard. Daarin ligt het Walhalla, een hemel voor helden.

Slide 9 - Tekstslide

Uit welke drie landen kwamen de Vikingen?
A
Nederland, Noorwegen en Finland
B
Noorwegen, Finland en Denemarken
C
Duitsland, Zweden en Finland
D
Noorwegen, Zweden en Denemarken

Slide 10 - Quizvraag

Waarom gingen de Vikingen op plundertocht?
A
Dat moest van de koning.
B
Scandinavië was overvol en er was niet genoeg voedsel.
C
In Scandinavië was het te koud.
D
Ze waren bang voor de goden.

Slide 11 - Quizvraag

Slide 12 - Video

De Vikingen geloofden in?
A
1 god.
B
Meerdere goden.
C
Geen god.
D
De zee.

Slide 13 - Quizvraag

Noem 3 namen van de Goden.

Slide 14 - Open vraag

Hoe noemden de Vikingen de speciale hemel voor helden, die in de strijd waren omgekomen?
A
Midgaard
B
Walhalla
C
Alfenheem
D
Nevelheem

Slide 15 - Quizvraag

Schepen
De Vikingen waren de beste scheepsbouwers van Europa. Ze hadden niet alleen roeispanen maar ook zeilen, iets wat nog nooit eerder gezien was in Europa. 
Ze bouwden lange en smalle schepen met voorop  de kop van een draak. 

Met deze schepen konden ze snelle aanvallen doen. In een zogenaamd drakenschip voeren ze zelfs over de Atlantische Oceaan. 

Slide 16 - Tekstslide

Hout
Dankzij opgravingen van oude Vikingschepen, weten we dat deze schepen van hout waren. We weten zelfs hoe oud deze boten waren.

Slide 17 - Tekstslide

Hoe weten we uit welk jaar een opgegraven Vikingschip komt?
A
Door het soort hout dat is gebruikt
B
Door het ontwerp van de drakenkoppen
C
Door de jaarringen in het hout
D
De grootte van de schepen

Slide 18 - Quizvraag

Naaldbomen
De schepen werden gemaakt van naaldbomen, die veel voorkomen in Scandinavië. Er zijn heel veel soorten naaldbomen, maar de belangrijkste zijn de spar, den en lariks.

De naalden zitten bij de Spar (S) 'single' aan de tak, bij de Den (D) 'duo' in tweetal aan de tak en bij de Lariks (L) 'legio' in veelvoud aan elkaar.

Slide 19 - Tekstslide

Waarom blijven de naalden van veel dennenbomen in de winter aan de boom hangen?
A
De naalden gebruiken in de winter minder water
B
De naalden zitten vastgelijmd met hars
C
Naalden groeien zomers en zijn sterk in de winter
D
De naalden vangen weinig kou en wind

Slide 20 - Quizvraag

Slide 21 - Tekstslide

Waar of niet waar?
  • Opdracht in groepjes
  • Je gebruikt samen één Chromebook: google zoekmachine. 
  • Open hiervoor een nieuw tabblad
  • Je ziet op het bord een vraag staan en probeert het antwoord samen (binnen de tijd!) via google te achterhalen.
  • Er komen in totaal 5 vragen. 
  • Als de timer is afgelopen ga je in het vak WAAR of NIET WAAR staan. 


Slide 22 - Tekstslide

Van de huid van walrussen maakten de Vikingen touw.

Waar of niet waar?
timer
0:40

Slide 23 - Tekstslide

WAAR

Slide 24 - Tekstslide

Rijke Vikingen werden begraven met al hun spullen, zelfs hun paarden en ossen werden gedood en meegeven. 

Waar of niet waar?

timer
0:40

Slide 25 - Tekstslide

WAAR

Slide 26 - Tekstslide

Meestal gebruikten de Vikingen runderleer om hun schoenen van te maken. 

Waar of niet waar?

timer
0:40

Slide 27 - Tekstslide

WAAR

Slide 28 - Tekstslide

De God Odin heeft drie raven bij zich.

Waar of niet waar?

timer
0:40

Slide 29 - Tekstslide

NIET WAAR

Slide 30 - Tekstslide

Vikingen jaagden op walvissen en ijsberen. 

Waar of niet waar?

timer
0:40

Slide 31 - Tekstslide

WAAR

Slide 32 - Tekstslide

Vikingen
Wat weet je nu?

Slide 33 - Woordweb