H8 Samenleven

8.1 Frankrijk
Uitleg blok : 1 Frankrijk

Je kan: 
- Uitleggen wat absolutisme is.

1 / 66
volgende
Slide 1: Tekstslide
Mens & MaatschappijMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 2

In deze les zitten 66 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 13 videos.

time-iconLesduur is: 40 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

8.1 Frankrijk
Uitleg blok : 1 Frankrijk

Je kan: 
- Uitleggen wat absolutisme is.

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 2 - Video

Jeugdjournaal  28 mrt 2023
Gele hesjes uit het instapverhaal Waar dit blok over gaat.

Slide 3 - Video

RTL nieuws 11 sep 2025
Drie weken geleden ook protesten. Mensen worden boos als ze het gevoel hebben dat ze het hoofd niet boven water kunnen houden.
Waar gaat dit blok over?
Burgers voeren actie tegen de regering in gele hesjes
In de 18e eeuw (1700-1800) opstand 
Koning had alle macht --> gewone volk had niets te zeggen. 
Belangrijke geleerden vonden dat het volk moest kunnen meebeslissen. 
Het hoofd van de koning belandde in een rieten mand. 
Het was de tijd van pruiken en revoluties.

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Alle macht aan de koning
  • Lodewijk XIV (de veertiende) 
     1661 de Koning van Frankrijk
  • Manier van regeren: absolutisme
  • Staten-Generaal mocht alleen advies geven en vergaderde bijna nooit. 

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Alle macht aan de koning
  • Iedereen geloofde dat de koning zijn 
macht van God gekregen had.
  •  Hij leefde in grote luxe, want dat 
hoorde bij zijn goddelijke status. 
  • Zijn bijnaam was de Zonnekoning. 
  • Toen hij in 1715 stierf, was Frankrijk een arm land.

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

We maken samen opdracht 6



https://schooltv.nl/video-item/paleis-versailles-lodewijk-xiv

Aan de slag: 
Maken opdracht 1,2,4,5 en 7
Klaar? 
PO burgerschap
Leren Economie

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

8.1 Frankrijk
Nakijken 1,2,4,5 en 7
Uitleg blok : 1 Frankrijk

Je kan: 
- Vertellen wat de rechten en plichten van de drie standen waren.
- Vertellen hoe het denken over vrijheid veranderde in de achttiende eeuw.

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

wat is absolutisme
A
Iedereen heeft macht
B
Alleen de regenten hebben macht
C
De koning heeft alle macht

Slide 9 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Nieuwe ideeën
In de Middeleeuwen was er een standenmaatschappij. 
In de samenleving waren drie groepen of standen:
  1. de geestelijken (eerste stand);
  2. de edelen (tweede stand);
  3. de burgers en boeren (derde stand).

De eerste en tweede stand hadden veel rechten en weinig plichten. De derde stand had nauwelijks rechten en alleen maar plichten.

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Standenmaatschappij

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 12 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Nieuwe ideeën

In de achttiende eeuw vonden Franse geleerden 
Voltaire en Rousseau dat mensen gelijk waren.
De koning moest regeren in het belang van het 
hele volk.
Ook moesten mensen vrij zijn en hun mening 
kunnen geven. Deze ideeën noemen we De Verlichting!

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 14 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Revolutie!






Koning Lodewijk XVI verloor zijn macht én zijn hoofd!


Misoogst
Belastingverhoging
Bestorming Bastille
Grote veranderingen!
Afschaffing standenmaatschappij
Grondwet
Democratie

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 16 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Aan de slag
 8.1 Frankrijk
Opdracht 8,10,12,13 en 14
Blz 13 t/m 17

Klaar? 



Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

8.1 Frankrijk
Nakijken 8,10,12,13 en 14
Uitleg blok : 1 Frankrijk

Je kan: 
Uitleggen wat mensenrechten zijn en er een voorbeeld van noemen
Voorbeelden noemen van landen waar nu gedemonstreerd wordt
Drie vernieuwingen noemen die Napoleon invoerde

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een standenmaatschappij?
A
Iedereen in de samenleving is gelijk
B
De maatschappij is ingedeeld in groepen
C
Er waren verschillende groepen op gebied van werk
D
Er waren verschillende groepen met elk zijn eigen plaats en taak

Slide 19 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat was GEEN oorzaak
van de Franse revolutie?
A
Economische crisis
B
Extra belastingen
C
Burgeroorlog
D
Ongelijke machtsverdeling

Slide 20 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

boeren & burgers
adel
geestelijken

Slide 21 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat was géén gevolg van de Franse Revolutie?
A
Niemand hoefde meer belasting te betalen.
B
Mensen kregen gelijke rechten.
C
Standenmaatschappij werd verboden.
D
Vrijheid van meningsuiting.

Slide 22 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Bron: Mensenrechten.nl
Uit onderzoek blijkt dat het grootste deel van onze bevolking vindt dat mensen in het openbaar moeten kunnen zeggen of schrijven wat zij willen. Het ligt wel aan de vorm en inhoud van de uiting. Ook vindt 60 procent van de bevolking dat social media berichten moeten verwijderen die beledigend zijn voor bepaalde bevolkingsgroepen.
Stemrecht en vrijheid van meningsuiting vinden wij heel 
normaal. Maar hoe is dat eigenlijk gekomen?

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waarom hebben we regels?
  • Regels zijn er al zo lang als dieren in groepen leven. Zonder regels onstaat er chaos.
  • We hebben zowel rechten als plichten. :
  • Dingen die mógen (rechten)
  • Dingen die móeten (plichten). 

  • Napoleon bedacht ontzettend veel wetten. Die wetten bestaan nog steeds, ook in Nederland. Wetten zijn ook regels. Alleen dan ingewikkelder. En ze zijn opgeschreven in het wetboek


Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 26 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Napoleon Bonaparte
  • Napoleon bedacht veel dingen:
  • Nieuw wetboek > Iedereen moest gelijk door een rechter behandeld worden.
  • Invoeren burgerlijke stand > Achternamen
  • Overal dezelfde  meeteenheden
  • Liet veel wegen bouwen

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 28 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 29 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Aan de slag
8.1 Frankrijk
Opdracht 16, 17,18,19 en 22
Blz 18 t/m 22

Klaar?

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

8.2 De verenigde staten
7.1 nakijken
Uitleg de verenigde staten

Je kan: 
- vertellen wat de aanleiding was voor de Vrijheidsoorlog.
- vertellen wanneer de Amerikanen zich onafhankelijk verklaarden.
- vertellen hoe het land na de onafhankelijkheid werd bestuurd.


Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Noem twee dingen die wij dankzij Napoleon hebben/gebruiken

Slide 32 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Strijd om vrijheid 
Vanaf 17e eeuw veel mensen in Europa arm en kwamen niet vooruit -> Afstotingsfactor 
Veel Europeanen trokken naar Amerika.
Ook vanwege het geloof.


Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Strijd om vrijheid 
  • 1760: veel Engelse koloniën aan de oostkust Amerika.
  • Mensen werken daar en er worden veel producten naar Engeland gebracht. 
  • Bevolking moest veel belasting betalen aan de Engelse koning en had weinig inspraak. 
  • De kolonisten waren hier ontevreden over -> Protesten -> Boston Tea party. 

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Boston tea party

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 36 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 37 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 38 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Na de onafhankelijkheid 
  • Dertien zelfstandige staten -> iedere staat bedacht eigen wetten en regels over oa; onderwijs, rechtsspraak en politie.
  • Verschil per staat -> Nu nog: Niet overal de doodstraf.
  • Samen waren de staten de Verenigde staten.
  • VS had eigen munt, leger en president (George Washington). 


Slide 39 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Na de onafhankelijkheid 
  • Onafhankelijkheidsverklaring 1776: 
  • 'Alle mensen hebben recht op leven, vrijheid en geluk. Wanneer een regering deze rechten niet beschermt, heeft het volk het recht de regering af te zetten.’
  • 1787 -> Eerste grondwet.
  • Voorbeelden: Vrijheid van meningsuiting, vrijheid van godsdienst, Recht op wapenbezit. 

Slide 40 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Aan de slag 
8.2 De verenigde staten
Opdracht 4,6,8d/e, 9, 10
Blz 28 t/m 32

Klaar? 

Slide 41 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

8.2 De verenigde staten
8.2 4 t/m 10 nakijken
Uitleg de verenigde staten

Je kan: 
-uitleggen wat er veranderde aan waar de immigranten in de VS vandaan kwamen.
-uitleggen hoe ongelijkheid en grote verschillen in welvaart voorkomen in de VS.

Slide 42 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een afstotingsfactor?
A
Reden waarom mensen vertrekken naar een gebied.
B
Reden waarom mensen vertrekken uit een gebied.
C
Manier waardoor je je niet thuis voelt.
D
Manier waardoor je je thuis voelt.

Slide 43 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wanneer werd de VS onafhankelijk?
A
1750
B
1776
C
1786
D
1794

Slide 44 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Een grondwet is..
A
een boek waar alle wetten in staan
B
De belangrijkste wetten van een land
C
Wetten over het grondgebied van een land
D
Een wet over de grenzen van een land

Slide 45 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Aantrekkingsfactor 
VS groeide na onafhankelijkheid snel.
1862 -> Homestead act = Wet dat mensen goedkoop grond konden kopen, tegen voorwaarden.
Overheid maakte de VS zo aantrekkelijk om te gaan wonen -> Aantrekkingsfactor. 

Slide 46 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De frontier en pioneer 
De nieuwe inwoners gingen in nieuwe gebieden wonen, waar de grond nog niet bewerkt was -> VS breidde uit.
Pioneers trokken verder naar het westen.
Ze hoopten ook goud te vinden.
De pioniers kwamen in het gebied van de indianen.
Het gebied tussen de kolonisten en de indianen heet de frontier. 

Slide 47 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Verschuiving van de frontier

Slide 48 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

The trail of tears 

Slide 49 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Immigratieland 
In de Verenigde Staten wonen veel verschillende bevolkingsgroepen:
  • Indianen 
  • Europeanen 
  • Afrikanen 
  • Zuid-Amerikanen  

Slide 50 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

The American dream 
Kleine groep wordt echt rijk.
Grote verschillen in arm en rijk.
Kinderen in arme wijken/gezinnen minder kansen. 
The American Dream’ is in werkelijkheid niet voor iedereen even gemakkelijk te bereiken.

Slide 51 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 52 - Video

Deze slide heeft geen instructies

8.3 Nederland
Herhalen
8.2 11 t/m 22 nakijken
Uitleg Nederland

Je kan: 
-vertellen waarom het slecht met de republiek ging en waarom er verandering moest komen
- Vertellen waarom Frankrijk binnenviel 


Slide 53 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een aantrekkingsfactor
A
Twee mensen die naar elkaar toe verhuizen
B
Een reden om rond te trekken
C
Een reden om een land te verlaten
D
Een reden om naar een land te verhuizen

Slide 54 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat zijn pioniers?
A
Mensen die als eersten een avontuur aandurven.
B
Mensen die een rondtrekkend bestaan leiden.
C
Mensen die in oorlogen vooraan in de linie vechten.
D
Mensen die over de Frontier heen gingen.

Slide 55 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat betekend 'frontier'?
A
Zo wordt het hulpje van de koning genoemd.
B
Oorlogsgebied.
C
Beeldscherm.
D
Een landgrens in de VS die kan verschuiven.

Slide 56 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 57 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Onrust in de republiek
Van 1780 tot 1784 oorlog met Engeland doordat de VS afhankelijk werd. De republiek verkocht wapens aan de VS. Engeland verklaarde de oorlog en namen schepen en handelsposten van de VOC en WIC in beslag. 

Economie werd slechter. De verschillen tussen arm en rijk waren groot. 

Slide 58 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Patriotten
  • Boze burgers die de macht grijpen: ze willen zelf hun stad besturen, Willen V en de regenten moesten weg.
  • Streven naar vrijheid, gelijkheid en democratie

WIllen V was getrouwd met Wilhemina. Haar broer was de koning van Pruisen. Hij stuurde soldaten die de patriotten naar Frankrijk verdreven. 

Slide 59 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Bataafse Revolutie
  • 1785: patriotten proberen de macht te grijpen.
  1. Dit mislukt --> patriotten vluchtten naar Frankrijk.
  2. 1789 revolutie in Frankrijk
  3. Napoleon is bang dat andere landen de franse revolutie tegen willen houden
  4. 1795: Frankrijk bezet Nederland --> eenheidsstaat
  5. De Bataafse Revolutie is gelukt!


Slide 60 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De Bataafse Republiek (1795-1806)
Wat was nieuw?
  • Centrale overheid (regering)
  • Landelijke belasting
  • openbare scholen
  • postdienst


De Bataafse Republiek was echter niet van lange duur....

Slide 61 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 62 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Een koning!
Napoleon Bonaparte maakte zijn broer koning: Lodewijk Napoleon. Zo hoopte hij op dikke belasting want een koning kan de belasting verhogen. 
Koning Lodewijk wilde een goede koning zijn. Hij deed niet mee aan de plannen van Napoleon en die pikte Nederland in en voegde het toe aan zijn keizerrijk. 

Slide 63 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Aan de slag 
8.3 Nederland
Opdracht 1,2,3,,4,6,9 en 10
Blz 44 t/m 51

Klaar? 

Slide 64 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

8.3 Nederland
Herhalen
8.2 11 t/m 22 nakijken
Uitleg Nederland

Je kan: 
-vertellen waarom het slecht met de republiek ging en waarom er verandering moest komen
- Vertellen waarom Frankrijk binnenviel 


Slide 65 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Bestuur in Nederland
Het binnenhof was in de middeleeuwen al een belangrijke plek. De besturen van de povincies konden daar veilig vergaderen. Daarom zit ons landsbestuur nog steeds in den haag en niet in de hoofdstad Amsterdam. 

Napoleon ging regeren vanuit het paleis op de dam omdat hij vond dat bestuur in de hoofdstad moest. 

Slide 66 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies