Robotisering Basis

Basis niveau
1 / 18
volgende
Slide 1: Tekstslide
AardrijkskundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 3

In deze les zitten 18 slides, met tekstslides en 2 videos.

Onderdelen in deze les

Basis niveau

Slide 1 - Tekstslide

Kan een computer eigenlijk net zo nadenken als een mens?

Slide 2 - Tekstslide

Nee, een computer is echter wel heel goed in het uitvoeren van opdrachten of instructies.

Ik geef een voorbeeld, zodat het verschil tussen een instructie voor een mens en voor een robot duidelijk wordt. En daarna ga je een programma schrijven voor een robot die een boterham moet smeren.

Slide 3 - Tekstslide

Instructie mens
Als je in de woonkamer bent en je moet een pak melk uit de koelkast in de keuken halen, dan heb je aan deze instructie waarschijnlijk voldoende:
                              Haal een pak melk uit de koelkast.
We hoeven je niet uit te leggen dat je naar de keuken moet lopen, de koelkastdeur moet openen, het pak melk eruit pakken en de koelkastdeur weer dichtdoen.

Slide 4 - Tekstslide

Maar als we dezelfde instructie voor bijvoorbeeld een robot zouden moeten maken, dan komt deze er heel anders uit te zien.
De robot bedenkt namelijk niet zelf hoe hij in de keuken moet komen, de koelkastdeur moet openen, het pak melk moet pakken en de koelkastdeur weer moet dichtdoen.
Daarvoor moet de robot nauwkeurige instructies krijgen, bijvoorbeeld:

Slide 5 - Tekstslide

Instructie Robot
Loop 3 stappen vooruit;
Draai rechtsom;
Loop 2 stappen vooruit;
Pak met het rechterhand het handvat van de koelkastdeur;
Trek de deur naar voren;
Laat het handvat los;
Pak met de rechterhand het pak melk;
Sluit met de linkerhand de koelkastdeur.

Slide 6 - Tekstslide

Om dit lijstje te maken moest je logisch nadenken en precies aangeven wat je bedoelde. Als je dat doet ben je bezig met computational thinking, denken als een computer. Het is dus eigenlijk iets in kleine stukjes opdelen. Je maakt een 'moeilijke' oplossing simpel

Slide 7 - Tekstslide

boterham met hagelslag
  • een zak brood
  • een pak hagelslag
  • een pakje boter
  • een bord
  • een mes

Slide 8 - Tekstslide

Bedenk eerst welke stappen je allemaal doet om een boterham te smeren en daarna op te eten.
Zet ze stap voor stap onder elkaar.
Je begint met brood pakken en er boter op smeren, daarna pas de hagelslag enzovoort...



Slide 9 - Tekstslide

Bedenk nu welke stapjes er allemaal bij 1 handeling komen kijken. Pak een boterham is niet duidelijk genoeg voor een robot. Hij moet eerst met 1 hand de broodzak pakken. Dan met de andere hand de broodzak openmaken en vervolgens een boterham eruit halen.

Slide 10 - Tekstslide

Wanneer je denkt alle stapjes ongeveer te weten is het tijd voor het werkblad. Elke losse stap is een nieuwe opdracht. Omcirkel de woorden die de opdracht vormen. Dus: rechter hand, pak, broodzak. En daarna: linkerhand, pak, boterham. Probeer dan eens uit of je het goed hebt gedaan en niets bent vergeten. Een robot kan echt alleen doen wat jij zegt. Dus als je bent vergeten te vertellen dat hij de broodzak met de rechterhand weer neer moet leggen, dan heeft hij de hele tijd de broodzak in zijn hand.

Slide 11 - Tekstslide

Als je wilt weten of je een goed programma voor een robot hebt geschreven kun je het geven aan iemand in de buurt bij de lunch en kun je zien of je stappenplan klopt. 

Slide 12 - Tekstslide

Op welke manieren kan een robot handig zijn of juist helemaal niet

Slide 13 - Tekstslide

Robotica kan nuttig zijn

Slide 14 - Tekstslide

Robotica kan minder nuttig zijn

Slide 15 - Tekstslide

0

Slide 16 - Video

Houden we onze baan in de toekomst of nemen de robots het over?

Slide 17 - Tekstslide

0

Slide 18 - Video