In deze les zitten 18 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Lesduur is: 50 min
Werkbladen
Onderdelen in deze les
Opening / tussenslides / afsluiting
LES 1:
REIZEN MET
HET OPENBAAR VERVOER
Slide 1 - Tekstslide
Les 1
Routekaart hoofdstuk 6: De digitale praktijk
Eindopdracht
Les 2
Les 3
Reizen met het openbaar vervoer
Abonnementen en betalen
Digitaal gezond
Een poster maken
Les 4
Slide 2 - Tekstslide
Start
Verhalen uit het openbaar vervoer
Slide 3 - Tekstslide
Reizen met het openbaar vervoer
Ik ga elke dag met de bus naar school. Gelukkig is het meestal rustig. Soms moet ik wel lang wachten.
Ik woon in Zaandam en ga drie dagen met de trein naar mijn werk in Amsterdam. De andere dagen ben ik thuis met mijn kinderen.
Als ik naar het centrum wil, pak ik de metro.
Hieronder lees je 3 ervaringen van mensen die met het openbaar vervoer reizen.
Klik op de plusjes en lees de ervaringen.
Slide 4 - Tekstslide
Maak jij gebruik van het openbaar vervoer?
Ja, bijna elke dag
Een aantal keren per week
Soms, 1 of 2 keer per maand
(Bijna) nooit
Slide 5 - Poll
Na deze les:
Kan ik de verschillende soorten openbaar vervoer opnoemen.
Kan ik uitleggen waarom het handig is mijn reis met het openbaar vervoer vooraf te plannen.
Kan ik een reis met het openbaar vervoer plannen.
Leerdoelen
Slide 6 - Tekstslide
Start: Verhalen uit het openbaar vervoer
Uitleg: Openbaar vervoer
Aan de slag: Reis plannen
Afsluiting: Later met het openbaar vervoer
Dit gaan
we doen
Slide 7 - Tekstslide
Uitleg
Openbaar vervoer
Slide 8 - Tekstslide
Openbaar vervoer
Openbaar vervoer (ov) is een manier om te reizen. Iedereen mag er gebruik van maken. Voorbeelden zijn bus, trein of metro.
Wanneer je reist met het ov is het handig om online je reis te plannen:
Je weet wat je reistijd is.
Je weet hoeveel geld je reis kost.
Je kunt zien of er vertraging is.
Deelvervoer
Deelvervoer is ook een vorm van ov. Het zijn vervoermiddelen waar iedereen gebruik van kan maken. Bijvoorbeeld:<div><ul><li>Deelfietsen</li><li>Deelscooters</li><li>Deelauto's</li></ul></div>
Slide 9 - Tekstslide
Situaties in het ov
Als je met het ov gaat moet je een aantal dingen kunnen:
Plannen
Op tijd zijn
Betalen
Overstappen
Wat vind jij lastig als je met het ov reist? Bespreek het in tweetallen of klassikaal.