Klimaatgebieden en landschapzones

1 / 24
volgende
Slide 1: Video
AardrijkskundeMiddelbare schoolmavoLeerjaar 1

In deze les zitten 24 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 80 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Video

De komende 10 minuten gaan de leerlingen zelfstandig met de vragen aan de slag. Om de vragen te kunnen beantwoorden moeten de leerlingen het filmpje bekijken. Het is de bedoeling dat de leerlingen het filmpje eerst een keer helemaal bekijken voordat ze de vragen beantwoorden.
Doel
Je beschrijft en verklaart de 5 grote klimaatzones (en de onderverdelingen)
Je beschrijft de 6 landschapzones op aarde

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het weer precies?
A
De temperatuur, de neerslag en de wind op een bepaald moment.
B
De temperatuur, de neerslag en de wind op een bepaalde dag.
C
De temperatuur, de neerslag en de wind in een bepaalde maand.
D
De temperatuur, de neerslag en de wind in een bepaald jaar.

Slide 3 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het klimaat precies?
A
Het gemiddelde weer over een lange periode.
B
Het gemiddelde weer over een periode van 30 tot 40 jaar.
C
Het gemiddelde weer over een korte periode.
D
Het gemiddelde weer over een periode van 40 tot 50 jaar.

Slide 4 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Waarom is het rond de evenaar veel warmer?
A
De zonnestralen vallen schuin op het aardoppervlak het is hierdoor veel warmer.
B
De zonnestralen vallen recht op het aardoppervlak het is hierdoor veel warmer.

Slide 5 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Waarom is het in het verre noorden en zuiden van de aarde veel kouder?
A
Op deze plaatsen valt de zon veel rechter in. De zonne-energie wordt over een grotere oppervlakte verspreid. Het is daarom kouder.
B
Op deze plaatsen valt de zon veel schuiner in. De zonne-energie wordt over een grotere oppervlakte verspreid. Het is daarom kouder

Slide 6 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke andere zaken hebben invloed op het klimaat?
A
de aanwezigheid van de zee is ook een belangrijke factor.
B
De aanwezigheid van mensen is ook een belangrijke factor.
C
De aanwezigheid van wolken is ook een belangrijke factor.
D
De hoogte van gebieden is ook een belangrijke factor.

Slide 7 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Klimaat gebieden
De klimaat gebieden zijn op te delen in vijf gebieden:

A. Tropisch klimaat
B. Droog klimaat
C. Gematigd klimaat
D. Landklimaat
E. Poolklimaat

Slide 8 - Tekstslide

Drie klimaten op de wereld zijn ingedeeld op basis van temperatuur: het koude klimaat, het gematigde klimaat en het tropische klimaat. Bij het droge klimaat gaat het niet om de temperatuur, maar om de neerslag. Er valt bijna of geen neerslag gedurende het hele jaar in dit gebied. Je kunt denken aan woestijngebieden en steppegebieden. Ieder klimaat kun je herkennen aan een aantal vaste kenmerken. In bron 2 staat dit heel duidelijk vermeld. je kunt klimaatgebieden herkennen aan de temperatuur en de hoeveelheid neerslag.
Waarom liggen de klimaat gebieden niet in een rechte lijn?
Waarom zijn de klimaatgebieden geen rechte lijn?

Slide 9 - Tekstslide

Een klimaatgrafiek wordt vaak gebruikt om de gemiddelde temperatuur en neerslag uit af te lezen. Een klimaatgrafiek geeft het weer van het gehele jaar aan. Aan de onderkant van de grafiek zie je een aantal letters staan. Deze letters geven de maanden van het jaar aan.  aan de linkerkant van de grafiek wordt de neerslag in millimeter vermeld. De blauwe staafjes laten zien hoeveel neerslag er valt. aan de rechterkant staat de temperatuur in graden Celsius vermeld. De rode lijn geeft weer hoe hoog de temperatuur is. Je kunt een klimaatgrafiek aflezen als je de kenmerken van de klimaatgebieden weet.
Landschapzones
Er zijn 6 landschapzones
Vanaf de evenaar:
1. Tropische zone
2. Aride zone
3. Subtropische zone
4. Gematigde zone
5. Boreale zone
6. Polaire zone

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Zoek een afbeelding van de aride zone

Slide 11 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 12 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Welke onderverdelingen heb jij gehoord?

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

A, B, C, D, E ken je al.

Bij de A, C en D kan er een kleine letter bij komen:
f neerslag hele jaar door
s droge somer (zomer)
w droge winter 

Bij E kan er een grote letter bij komen
T toendra (warme maand met temp tussen 0 en 10 graden)
F eeuwige sneeuw  
H eeuwige sneeuw maar dan hoog in de bergen
Tweede letter bij B is 

BS of BW (steppe/woestijn)

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke klimaatzone ligt het dichts bij de evenaar?
A
De gematigde zone.
B
De droge zone.
C
De tropische zone.
D
De koude zone.

Slide 15 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

In welke zone ligt het tropische regenwoud van Afrika?
A
De droge zone.
B
De koude zone.
C
De tropische zone.
D
De gematigde zone.

Slide 16 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke klimaatzone ligt ten noorden en zuiden van de tropische zone?
A
De koude zone.
B
De droge zone.
C
De tropische zone.
D
De gematigde zone.

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

In welke zone kun je de Sahara en de steppen van Afrika vinden?
A
de tropische zone.
B
De gematigde zone.
C
De koude zone.
D
De droge zone.

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke klimaatzone ligt ten noorden en zuiden van de droge zone?
A
De tropische zone.
B
De droge zone.
C
De gematigde zone.
D
de koude zone.

Slide 19 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

In welke zone kun je de savanne van Afrika vinden?
A
De gematigde zone.
B
De droge zone.
C
De tropische zone.
D
De koude zone.

Slide 20 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

In welke klimaatzone is het verschil tussen de seizoenen het grootst?
A
De tropische zone.
B
De koude zone.
C
De droge zone.
D
De gematigde zone.

Slide 21 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

In welke klimaatzone ligt Nederland?
A
de droge zone.
B
De gematigde zone.
C
De tropische zone.
D
De koude zone.

Slide 22 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke klimaatzone kun je op de noordpool, de zuidpool en hoog in de bergen vinden?
A
De koude zone.
B
De gematigde zone.
C
De tropische zone.
D
De droge zone.

Slide 23 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

In welke klimaatzone ligt groenland?
A
De gematigde zone.
B
De droge zone.
C
De koude zone.
D
De tropische zone.

Slide 24 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies