Rekenen inhoud/maatbeker

Inhoud
Deze les gaan we oefenen met inhoudsmaten
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
RekenenMiddelbare schoolvmbo, mavoLeerjaar 1,2

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 75 min

Onderdelen in deze les

Inhoud
Deze les gaan we oefenen met inhoudsmaten

Slide 1 - Tekstslide

Wat is inhoud?
Als je wilt zeggen hoeveel ergens in past, heb je het over de inhoud. Om de inhoud van iets te bepalen, kun je tellen hoeveel erin past. 

Slide 2 - Tekstslide

Hoeveel donuts zitten er in de doos?
A
24
B
16
C
10
D
12

Slide 3 - Quizvraag



Hoeveel blikken zitten er totaal in de doos?

A
12
B
24
C
36
D
48

Slide 4 - Quizvraag

Hoeveel doosjes zitten in de doos?
A
13
B
30
C
28
D
21

Slide 5 - Quizvraag

In een doos zitten 6 tennisballen. Thiemo koopt 18 tennisballen.

Hoeveel volle dozen met tennisballen heeft Thiemo gekocht?
A
2
B
4
C
3
D
12

Slide 6 - Quizvraag

Dezelfde inhoud?!
Voorwerpen met verschillende vormen kunnen toch dezelfde inhoud hebben.




Zowel in het pakje als het kopje zit 200ml. 

Slide 7 - Tekstslide

Liter en milliliter 
Als je wilt zeggen hoe groot de inhoud van iets is, kun je de woorden liter en milliliter gebruiken. Een liter is meer dan een milliliter. 

Je kunt het woord liter afkorten in l
Je kunt het woord milliliter afkorten in ml


Slide 8 - Tekstslide

Hoeveel melk denk je dat er in het flesjes zit?
A
330 ml
B
3 l
C
330 l
D
3 ml

Slide 9 - Quizvraag

Hoeveel water denk je dat er in de waterkoker zit?
A
50 ml
B
1,5 l
C
5 l
D
1,5 ml

Slide 10 - Quizvraag

Sleep de inhoud naar de juiste plaats
200 ml
660 l
12 l
60 ml

Slide 11 - Sleepvraag

Meten in een maatbeker
Als je weet hoeveel liter of milliliter je van iets nodig hebt, kun je het afmeten in een maatbeker. Je kijkt eerst op de maatbeker of de inhoud in liter of milliliter staat. Je vult de maatbeker tot het juiste streepje.


Slide 12 - Tekstslide

Yorick heeft 600 ml water nodig. Tot waar vul je de maatbeker?

Slide 13 - Sleepvraag

Kan heeft 0,2 liter melk nodig
 Tot waar vul je de maatbeker?

Slide 14 - Sleepvraag

0,9 L
300 ML
0,6 L
500 ML
0,5 L
600 ML

Slide 15 - Sleepvraag

Hoeveel melk heb je nodig?. Tot waar vul je de maatbeker?

Slide 16 - Sleepvraag

Omar maakt havermout. 
Tot waar vult hij de maatbeker met melk?

Slide 17 - Sleepvraag

In welke maatbeker staat 0,4 l sinaasappelsap afgebeeld. 
Zet hier de juiste maatbeker neer

Slide 18 - Sleepvraag

In welke maatbeker staat 350 ml yoghurt afgebeeld. 
Zet hier de juiste maatbeker neer

Slide 19 - Sleepvraag

Goed geoefen!

Slide 20 - Tekstslide