§5.3 Het klimaat verandert

§5.3 Het klimaat verandert
1 / 12
volgende
Slide 1: Tekstslide
AardrijkskundeMiddelbare schoolvmbo g, tLeerjaar 2

In deze les zitten 12 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

§5.3 Het klimaat verandert

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Planning
- Herhaling §5.2
- Leerdoelen
- Wat weet je al van: klimaatverandering?
- Uitleg
- Video
- Huiswerk maken

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

zeepolder
veenpolder
droogmakerij
Het is de bekendste polder. Het zijn meren of stukken zee die droog zijn gelegd. 
Ze liggen in het westen van Nederland en zijn ontstaan doordat boeren de moerassen geschikt maakten voor de landbouw.
Door sedimentatie van zand en klei wordt het land voor de kust in de Waddenzee en Zeeland steeds hoger. Ligt ongeveer op zeeniveau.

Slide 3 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen
  • Je kunt het verschil beschrijven tussen het natuurlijke en het versterkte broeikaseffect.

  • Je kunt twee belangrijke broeikasgassen noemen.

  • Je kunt beschrijven wat oorzaken zijn van het versterkte broeikaseffect.

  • Je kunt gevolgen beschrijven van het versterkte broeikaseffect in de wereld en in Nederland.

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Klimaatverandering

Slide 5 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Vragen
Vragen aan de klas:
1. Wat is het (natuurlijk) broeikaseffect en waarom is het belangrijk?
2. Hoe is het (natuurlijk) broeikaseffect de afgelopen 150 jaar versterkt?
3. Hoe levert deze versterking een ‘sneeuwbaleffect’ op?
4. Welke gevolgen heeft de klimaatverandering (temperatuurstijging) op de wereld?
5. Waarom is het zo lastig om maatregelen tegen de klimaatverandering te treffen?
6. Op welke manieren zou klimaatverandering zoveel mogelijk tegen kunnen worden gegaan?

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 7 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Natuurlijk broeikaseffect
Rond de aarde zit de atmosfeer. De atmosfeer bestaat uit stikstof (78%) en zuurstof (21%) en kleine hoeveelheden andere gassen zoals koolstofdioxide, methaan en argon (broeikasgassen). Sommige gassen in de atmosfeer houden een deel van die warmte vast, als een soort isolerende deken.

Natuurlijk broeikaseffect:
  1. Zonnestralen op aardoppervlak
  2. Warmte vastgehouden dankzij broeikasgassen.

Zonder het natuurlijk broeikaseffect kunnen wij niet leven. 

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Natuurlijk broeikaseffect
Versterkt broeikaseffect

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 10 - Video

Video koolstofkringloop. Kies zelf of je deze video in de uitleg gebruikt.
Kringloop van koolstof

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Gevolgen wereldwijd en voor Nederland
De zeespiegel stijging.          Polen smelten en smeltwater komt in de zee terecht. 

Meer neerslag           Omdat het warmer is verdampt er meer water. Meer wateroverlast.


Andere planten en dieren door warmte. Door verandering van weer veranderd te natuur.  

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies