Welzijn kind en jongere hoofdstuk 2

Welzijn kind en jongere
Ontwikkelingsfasen.
1 / 24
volgende
Slide 1: Tekstslide
Zorg en WelzijnMiddelbare schoolvmbo b, kLeerjaar 4

In deze les zitten 24 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 150 min

Onderdelen in deze les

Welzijn kind en jongere
Ontwikkelingsfasen.

Slide 1 - Tekstslide

Doelen:
De leerling weet de lichamelijke, cognitieve en sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen en jongeren.
De leerling weet welke factoren de ontwikkeling kunnen beïnvloeden.
De leerling kan een kwartet maken over de ontwikkelingen.

Slide 2 - Tekstslide

Opdracht:
Lezen vanaf blz. 154.

Slide 3 - Tekstslide

Ontwikkelingsfasen:
Baby, peuter, kleuter, schoolkind, tiener, jongvolwassene.

Slide 4 - Tekstslide

Baby:
Reflex: grijpreflex en zuigreflex.
Leert door herhaling.
Hechting.
Eénkennig.

Slide 5 - Tekstslide

Peuter:
Fijne en grove motoriek.
Zindelijk.
Peuterpuberteit: zelfstandig en onafhankelijk worden.

Slide 6 - Tekstslide

Kleuter:
Leren door te spelen.
Is nieuwsgierig.
Samen spelen erg belangrijk.

Slide 7 - Tekstslide

Schoolkind:
Groei gaat langzamer.
Motoriek wordt steeds beter.
Kan beter omgaan met informatie.
Eigenwaarde krijgt meer vorm.

Slide 8 - Tekstslide

Tiener:
Puberteit.
Groeispurt.
Geslachtsrijp. 
Abstract denken en redeneren.

Slide 9 - Tekstslide

Jongvolwassene:
Voorbereiden op zelfstandig leven.
Het kiezen van vervolgopleiding, huisvesting, invulling van het leven.

Slide 10 - Tekstslide

Invloeden op ontwikkeling:
Interne factoren zoals erfelijke factoren.
Externe factoren zoals opvoeding.
Positieve invloed op ontwikkeling.

Slide 11 - Tekstslide

Opdracht:
Maken opdracht 2.02 t/m 2.17 (blz. 157 t/m 176).

Slide 12 - Tekstslide

Door welk reflex kan de baby meteen melk drinken?
A
Zuigreflex
B
Zoekreflex
C
Slikreflex
D
Loopreflex

Slide 13 - Quizvraag

Wat betekent eenkennig?
A
Eigenschap van een baby waarbij hij negatief reageert op een vreemde
B
Eigenschap van een baby waarbij hij blij reageert op een een vreemde

Slide 14 - Quizvraag

Een gevoel van eigenwaarde en zelfrespect hoort bij:
A
Lichamelijke behoefte
B
Sociale behoefte
C
Behoefte aan waardering
D
Behoefte aan veiligheid

Slide 15 - Quizvraag

Het ontwikkelen van een zelfbeeld en eigen individualiteit valt onder?
A
Geestelijke / Cognitieve ontwikkeling
B
Motorische Ontwikkeling
C
Sociaal - Emotionele ontwikkeling
D
lichamelijke ontwikkeling

Slide 16 - Quizvraag

Wanneer zijn meisjes geslachtsrijp?
A
als ze 12 jaar zijn
B
als ze tiener worden
C
als ze menstrueren
D
als de borsten beginnen te groeien

Slide 17 - Quizvraag

Wanneer is een kind zindelijk?
A
Wanneer een kind op het potje plast
B
Wanneer een kind in de broek plast
C
Wanneer een kind nog een luier draagt
D
Wanneer een kind zelf aanvoelt dat het naar de wc moet en dat ook doet

Slide 18 - Quizvraag

Een externe factor is een factor die in een persoon zelf zit. Bijvoorbeeld: Karakter en intelligentie
A
Waar
B
Niet waar

Slide 19 - Quizvraag

Schoolkinderen krijgen te maken met een groeispurt. Wat is dat?
A
Een energiedrankje
B
Een versnelde groei van het lichaam
C
Een hardloopwedstrijd voor schoolkinderen
D
Een hapering in de ontwikkeling van de groei

Slide 20 - Quizvraag

interne factoren bij de ontwikkeling zijn?
A
erfelijke ziekten
B
opvoeding
C
School
D
aangeboren

Slide 21 - Quizvraag

Logisch redeneren, abstracter denken en lange termijn denken horen bij?
A
de cognitieve ontwikkeling
B
de lichamelijke ontwikkeling
C
de sociale ontwikkeling
D
de emotionele ontwikkeling

Slide 22 - Quizvraag

Opdracht deelopdracht 2:
Uitleg.
Afmaken deelopdracht.

Slide 23 - Tekstslide

Afsluiting:
Lesevaluatie.
Vooruitblik volgende les.
Huiswerk.

Slide 24 - Tekstslide