H.1 Omgaan met verschillen op stage

Omgaan met verschillen op stage

1 / 36
volgende
Slide 1: Slide
newEditorBeroepsoriëntatiePraktijkonderwijsLeerjaar 3,4

In deze les zitten 36 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Omgaan met verschillen op stage

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoel

Ik kan verschillen tussen mensen, collega’s en stagebegeleiders herkennen, er respectvol mee omgaan en benoemen hoe ik mij op de werkvloer professioneel kan aanpassen.

Deze slide heeft geen instructies

Welk verschil tussen mensen merk jij vaak op school of op stage?

Gebruik de reacties als startpunt: uiterlijk, tempo, communicatiestijl, verwachtingen, achtergrond, normen en waarden. Leg daarna de link naar de eerste inhoudsblok over verschillen herkennen zonder te oordelen.

Verschillen zijn normaal

Op school, stage en werk kom je mensen tegen die anders zijn dan jij.


Dat kan gaan over uiterlijk, achtergrond, gedrag, tempo, communicatie of verwachtingen. Die verschillen horen bij samenwerken.

Benadruk dat verschillen niet meteen een probleem zijn. De kern is: herkennen zonder direct te oordelen.

Welke verschillen kun je tegenkomen?

  • Uiterlijk: kleding, stijl, verzorging

  • Achtergrond: cultuur, opvoeding, ervaringen

  • Normen en waarden: wat iemand belangrijk of gepast vindt

  • Communicatiestijl: direct, rustig, zakelijk of juist spontaan

  • Tempo en talenten: snel of precies werken, sterke en minder sterke kanten

  • Verwachtingen: ideeën over afspraken, taken en samenwerking

Deze slide heeft geen instructies

Verschil is niet hetzelfde als fout

Wat voor jou normaal is, hoeft dat voor een ander niet te zijn.


Een andere manier van praten of werken betekent niet automatisch dat die manier verkeerd is.

Laat eventueel voorbeelden noemen in je uitleg: de één werkt snel, de ander controleert liever extra. Beide kunnen waardevol zijn.

Herkennen zonder te oordelen

  • Kijk eerst wat iemand doet of zegt

  • Trek niet meteen conclusies over iemands bedoelingen

  • Vraag jezelf af: komt dit door gewoonte, stijl of verwachting?

  • Beschrijf gedrag liever feitelijk dan met een oordeel

  • Zo voorkom je misverstanden en snelle irritatie

Deze slide heeft geen instructies

Respect in contact met anderen

Respect betekent dat je een ander serieus neemt, ook als je het niet eens bent.


Je laat ruimte voor verschillen in mening, gedrag of achtergrond zonder iemand kleiner te maken.

Deze slide heeft geen instructies

Welke reactie past bij herkennen zonder te oordelen?

A

Feitelijk kijken

B

Snel invullen

C

Direct afkeuren

D

Meteen vergelijken

Correct is 'Feitelijk kijken' omdat de slides benadrukken: eerst zien wat iemand doet of zegt, niet meteen conclusies trekken.

Verschillen herkennen

Op stage en werk kom je mensen tegen met een andere achtergrond of communicatiestijl. Het is belangrijk om gedrag eerst feitelijk te beschrijven. Een verschil is namelijk niet automatisch fout. Zo voorkom je snelle irritatie en misverstanden.

achtergrond
feitelijk
fout
onbeleefd
persoonlijk
tempo
hard
raar

De drie kernwoorden sluiten aan op slides 2 t/m 6: achtergrond, feitelijk, fout.

Open communiceren

  • Zeg duidelijk wat je bedoelt

  • Blijf rustig en beleefd

  • Vraag door als iets onduidelijk is

  • Controleer of je elkaar goed begrijpt

Leg uit dat open communicatie niet hetzelfde is als alles zomaar zeggen. Het gaat om duidelijk én passend communiceren.

Luisteren is actief

  • Laat de ander uitpraten

  • Toon aandacht met houding en oogcontact

  • Vat kort samen wat je hebt gehoord

  • Stel verhelderende vragen

  • Reageer pas daarna met je eigen mening

Deze slide heeft geen instructies

Grenzen aangeven

Soms moet je duidelijk maken wat voor jou wel of niet oké is.


Dat doe je rustig en professioneel: benoem het gedrag, zeg wat het met jou doet en geef aan wat je nodig hebt.

Je kunt in je uitleg een eenvoudige ik-boodschap geven, zoals: 'Ik vind het lastig als je mij onderbreekt, wil je me even laten uitspreken?'

Samenwerken met verschillende mensen

Samenwerken lukt niet omdat iedereen hetzelfde is, maar omdat mensen elkaar aanvullen.


Verschillen in denken en werken kunnen juist helpen om taken beter uit te voeren.

Deze slide heeft geen instructies

Anders denken, toch samenwerken

  • De één wil snel beslissen, de ander wil eerst overleggen

  • De één werkt zelfstandig, de ander vraagt vaker om afstemming

  • Goede samenwerking vraagt om afspraken over wie wat doet en hoe

Deze slide heeft geen instructies

Wat hoort bij actief luisteren?

A

Eigen mening eerst

B

Kort samenvatten

C

Snel onderbreken

D

Meteen oplossen

Actief luisteren betekent onder meer uit laten praten, aandacht tonen, samenvatten en verhelderende vragen stellen.

Hoe geef je professioneel een grens aan?

Let op drie elementen in goede antwoorden: rustig blijven, gedrag benoemen, en aangeven wat je nodig hebt. Eventueel mag de leerling een korte ik-boodschap formuleren.

Samenwerken en communiceren

Open communiceren betekent dat je duidelijk zegt wat je bedoelt en doorvraagt als iets onduidelijk is. Bij luisteren laat je de ander uitpraten en vat je kort samen. Als iets niet oké is, kun je rustig je grens aangeven.

duidelijk
uitpraten
grens
streng
overtuigen
mening
afbreken
snel

Deze invulopdracht bundelt de kern van slides 7 t/m 11: duidelijk communiceren, uitpraten, grens aangeven.

Aanpassen zonder jezelf te verliezen

  • Let op hoe mensen op jouw werkplek met elkaar omgaan

  • Pas je toon, houding en werkwijze aan de situatie aan

  • Houd tegelijk je eigen grenzen en respect vast

  • Professioneel aanpassen is iets anders dan jezelf wegcijferen

Belangrijk onderscheid: aanpassen betekent passend gedrag kiezen binnen de werkcontext, niet alles accepteren.

Wat professioneel gedrag laat zien

  • Je komt afspraken na

  • Je spreekt respectvol met collega’s en begeleiders

  • Je staat open voor feedback

  • Je blijft rustig bij verschil van mening

  • Je denkt mee in oplossingen

Deze slide heeft geen instructies

Botsing in meningen of omgang

Op stage of werk kunnen meningen, omgangsvormen of werkwijzen botsen.


Professioneel gedrag betekent dan: rustig blijven, luisteren, verduidelijken en zoeken naar een werkbare oplossing.

Deze slide heeft geen instructies

Als werkwijzen verschillen

  • Vraag welke aanpak wordt verwacht

  • Leg uit hoe jij het doet en waarom

  • Spreek af welke werkwijze je volgt

  • Controleer achteraf of het resultaat goed is

  • Leer van feedback voor een volgende keer

Maak duidelijk dat de werkvloer vaak vraagt om aansluiten bij de afgesproken werkwijze, ook als jij het anders gewend bent.

Wat is professioneel aanpassen?

A

Alles accepteren

B

Jezelf wegcijferen

C

Passend gedrag kiezen

D

Altijd toegeven

Het onderscheid uit slide 12 is hier belangrijk: aanpassen is passend gedrag kiezen, niet alles accepteren of jezelf verliezen.

Wat helpt het meest als werkwijzen botsen?

1

Afspraken maken

2

Rustig blijven

3

Uitleg geven

4

Feedback vragen

Deze slide heeft geen instructies

Professioneel op de werkvloer

Bij verschil van mening blijf je rustig en luister je naar de ander. Als werkwijzen verschillen, vraag je welke aanpak wordt verwacht en spreek je samen af welke werkwijze je volgt. Daarna kun je leren van feedback.

rustig
verwacht
volgt
sneller
bedacht
kiest
streng
vermijdt

Kern uit slides 13 t/m 15: rustig blijven, verwachtingen checken, afgesproken werkwijze volgen.

Misverstanden ontstaan snel

Een misverstand ontstaat vaak niet door onwil, maar doordat mensen iets anders bedoelen, anders horen of andere verwachtingen hebben.

Deze slide heeft geen instructies

Voorbeelden van misverstanden

In communicatie

  • Iemand werkt sneller dan afgesproken

  • Taken zijn niet duidelijk verdeeld

  • Verwachtingen over pauzes of tijden verschillen

In samenwerken

  • Een directe opmerking komt onvriendelijk over

  • Iemand zegt weinig en lijkt ongeïnteresseerd

  • Een grap wordt verkeerd opgevat

Deze slide heeft geen instructies

Misverstanden voorkomen

  • Maak afspraken duidelijk

  • Vraag na of je het goed hebt begrepen

  • Wees precies over taken, tijd en verantwoordelijkheid

  • Vul niet in wat de ander bedoelt

Deze slide heeft geen instructies

Misverstanden oplossen

  • Bespreek het op tijd

  • Benoem rustig wat er gebeurde

  • Luister naar de uitleg van de ander

  • Zoek samen naar een praktische afspraak

  • Rond af met duidelijkheid voor de volgende keer

Benadruk dat uitstellen vaak zorgt voor meer irritatie of aannames. Snel en rustig bespreken werkt meestal beter.

Waardoor ontstaat een misverstand vaak?

A

Door onwil

B

Door luiheid

C

Door haast

D

Door verwachtingen

De slides noemen dat misverstanden vaak ontstaan doordat mensen iets anders bedoelen, horen of verwachten. 'Door verwachtingen' is daarom de beste keuze.

Wat doe je eerst als er een misverstand is?

Goede antwoorden noemen minstens twee stappen, zoals: op tijd bespreken, rustig benoemen wat er gebeurde, luisteren naar uitleg, samen een afspraak maken, duidelijk afsluiten voor de volgende keer.

Misverstanden voorkomen en oplossen

Om misverstanden te voorkomen, maak je afspraken duidelijk en vraag je na of je het goed hebt begrepen. Ontstaat er toch een probleem, bespreek het dan op tijd en zoek samen naar een praktische afspraak.

afspraken
begrepen
tijd
gevoel
later
ingevuld
taken
vanzelf

Deze woorden komen rechtstreeks uit de laatste inhoudsslides: afspraken, begrepen, tijd.

Wat neem jij mee uit deze les voor je stage?

Reflectie zonder goed of fout. Laat leerlingen één concreet inzicht noemen uit de les, bijvoorbeeld over luisteren, grenzen aangeven, aanpassen of misverstanden voorkomen.

Welk woord past nu het best bij professioneel omgaan met verschillen?

Gebruik de woordwolk als korte afsluiting. Woorden als respect, luisteren, duidelijkheid, aanpassen, rustig of afspraken maken passen goed.

Wat vond jij het lastigste onderdeel van deze les?

Reflectie op het leerproces. Mogelijke thema's: actief luisteren, grenzen aangeven, niet oordelen, werkwijzen afstemmen, misverstanden bespreken.

Begrippenlijst

achtergrond - de cultuur, opvoeding en ervaringen die iemand meebrengt

normen en waarden - ideeën over wat belangrijk, goed of gepast is

communicatiestijl - de manier waarop iemand praat, luistert en reageert

respect - de ander serieus nemen, ook bij verschillen

grenzen aangeven - duidelijk zeggen wat voor jou wel of niet oké is

professioneel gedrag - gedrag dat past bij stage of werk

misverstand - een situatie waarin mensen elkaar verkeerd begrijpen

Deze slide heeft geen instructies