Bijbelse roepingsverhalen

Onderweg
Roeping!
1 / 30
volgende
Slide 1: Tekstslide
GodsdienstSecundair onderwijs

In deze les zitten 30 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 120 min

Onderdelen in deze les

Onderweg
Roeping!

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Enkele afspraken

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerplan?
LPD:
4. aan de hand van getuigenissen en verhalen/Bijbelverhalen geloven als ontmoeten concretiseren (begrijpen)
5. vanuit evangelieverhalen toelichten hoe ontmoetingen perspectieven aanreiken (begrijpen);
6. in ontmoetingsverhalen van de christelijke tradities het inspirerende onderscheiden (analyseren);
171-  175 -177 - 186

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerplan?
LPD:
3. onderscheiden hoe het leven beïnvloed wordt door gegevenheid, eigen keuzes en die van anderen (analyseren);
4. Concretiseren hoe levensbeschouwelijke keuzes tot uiting komen in woord en daad (begrijpen)


Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Je krijgt het aanbod om morgen te vertrekken naar een ander land.
Je weet niet waar precies, niet hoe je daar zal leven,
maar iemand belooft: “Het komt goed.”
Ik ga.
Ik twijfel.
Ik blijf.

Slide 6 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Als God je roept? 

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

2. WBL

  • Ga naar Teams > Godsdienst

  • Open Class Notebook
    > eigen mapje
    > 2. Werkbladen en impulsen
    > 3.3. Verhalen over roeping in de Bijbel

  • Lees de Bijbelverhalen in puntje 1 en duid telkens aan: Wie is de geroepene en waartoe wordt deze geroepen (= vocation)?

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

                  Wie? Wat?
Genesis 12, 1-6a
Jahwe zei tot Abram: `Trek weg uit uw land, uw stam en uw familie, naar het land dat Ik u aan zal wijzen.  Ik zal een groot volk van u maken. Ik zal u zegenen en uw naam groot maken, zodat gij een zegen zult zijn.  Ik zal zegenen die u zegenen, maar die u versmaadt zal Ik vervloeken. Door u zal zegen komen over alle geslachten op aarde.'  Toen trok Abram weg, zoals Jahwe hem had opgedragen, en Lot ging met hem mee. Abram was vijfenzeventig jaar toen hij Haran verliet.  Met zijn vrouw Sarai en met Lot, de zoon van zijn broer, met al hun bezittingen en met degenen die zij in Haran in dienst hadden genomen, ging Abram op weg naar Kanaän. In Kanaän aangekomen,  trok Abram het land in,
Exodus 3, 1-11; 4, 11.18
3
1 Mozes hoedde de kudde van zijn schoonvader Jetro, de priester van Midjan. Eens dreef hij de kudde tot ver in de woestijn en kwam hij bij de berg van God, de Horeb. 2 Toen verscheen hem de engel van Jahwe, in een vuur dat opvlamde uit een doornstruik. Mozes keek toe en zag dat de doornstruik in lichter laaie stond en toch niet verbrandde. 3 Hij dacht: `Ik ga er op af om dat vreemde verschijnsel te onderzoeken. Hoe komt het dat die doornstruik niet verbrandt?' 4 Jahwe zag hem naderbij komen om te kijken. En vanuit de doornstruik riep God hem toe: `Mozes, Mozes.' `Hier ben ik,' antwoordde hij. 5 Toen sprak Jahwe: `Kom niet dichterbij en doe uw sandalen uit, want de plaats waar gij staat is heilige grond.' 6 En Hij vervolgde: `Ik ben de God van uw vader, de God van Abraham, de God van Isaak en de God van Jakob.' Toen bedekte Mozes zijn gezicht want hij durfde niet naar God op te zien. 7 Jahwe sprak: `Ik heb de ellende van mijn volk in Egypte gezien, de jammerklachten om zijn onderdrukkers gehoord; ja, Ik ken zijn lijden. 8 Ik daal af om mijn volk te bevrijden uit de macht van Egypte, om het weg te leiden uit dit land naar een land dat goed en ruim is, een land van melk en honing, het gebied van de Kanaänieten, Hethieten, Amorieten, Perizzieten, Chiwwieten en Jebusieten. 9 Het geweeklaag van de Israëlieten is nu tot Mij doorgedrongen en Ik heb ook gezien hoezeer de Egyptenaren hen onderdrukken. 10 Ga er dus heen, Ik zend u naar Farao. Gij moet mijn volk, de Israëlieten, uit Egypte leiden.'  11 Maar Mozes sprak tot God: `Wie ben ik dat ik naar Farao zou gaan en dat ik de Israëlieten uit Egypte zou leiden?' (...) 

4
11 Maar Mozes sprak tot Jahwe: `Neem mij niet kwalijk, Heer, maar ik ben geen redenaar. Ik ben dat nooit geweest, en ik ben het ook nu niet, al hebt Gij dan ook tot uw dienaar gesproken. Ik spreek moeilijk en traag.'  (...)  18 Nu ging Mozes terug naar Jeter, zijn schoonvader, en zei hem: `Ik zou willen terugkeren naar mijn broeders in Egypte 

Jona 1, 1-3; 3, 1-3
1 
Het woord van Jahwe werd gericht tot Jona, de zoon van Amittai: 2 'Sta op, ga naar Nineve, de grote stad Nineve, en zeg haar aan, dat hun verdorvenheid is doorgedrongen tot Mij in den hoge.'  3 En Jona stond op, maar om te vluchten naar Tarsis, weg van Jahwe. Hij begaf zich naar Jafo en hij vond daar een schip dat op het punt stond naar Tarsis te varen; hij betaalde voor de overtocht en ging aan boord om mee te varen naar Tarsis, weg van Jahwe.  (...)
3  
1
Nu werd het woord van Jahwe voor de tweede maal tot Jona gericht: 
2 'Sta op, ga naar Nineve, de grote stad Nineve, en zeg haar aan wat Ik u te zeggen heb gegeven.'  3 En Jona stond op en ging naar Nineve, zoals Jahwe bevolen had. 
Genesis 17, 1b-4.7-10
1(...) Ik ben God almachtig, richt uw schreden naar Mij en gedraag u onberispelijk. 2 Ik wil een verbond met u aangaan en u zeer talrijk maken.' 3 Toen wierp Abram zich ter aarde, en God sprak tot hem: 4 `Dit is mijn verbond met u: Gij zult de vader worden van een menigte volken. 7 Ik sluit een verbond met u en uw nakomelingen, geslacht na geslacht, een altijddurend verbond: Ik zal uw God zijn en de God van uw nakomelingen. 8 Geheel Kanaän, het land waar gij nu als vreemdeling verblijft, zal Ik aan u en uw nakomelingen geven om het voor altijd te bezitten, en Ik zal hun God zijn.' 9 Verder zei God nog tot Abraham: `Gij van uw kant moet mijn verbond onderhouden, gij en uw nakomelingen, geslacht na geslacht. 10 Dit is mijn verbond, dat gij moet onderhouden, mijn verbond met u en uw nakomelingen: Alle mannelijke personen moeten besneden worden. 

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 10 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Een profeet in de Bijbel
= iemand die een bijzondere Godservaring heeft beleefd
=> voelt zich geroepen een opdracht door te geven
&
spreekt namens God over toekomst
gebaseerd op verleden/heden
&
roept op tot bekering -> beter leven/Gods'droom



Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

2. WBL

  • Ga naar Teams > Godsdienst

  • Open Class Notebook
    > eigen mapje
    > 2. Werkbladen en impulsen
    > 3.4. De roeping van de eerste christenen

  • Bekijk het filmfragment in  puntje 2,
    lees daarna de Bijbeltekst
    en beantwoord de bijhorende vragen.

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Mt 4, 18-22:   18 Eens toen Hij zich bij het meer van Galilea ophield, zag Hij twee broers, Simon die Petrus wordt genoemd en diens broer  Andreas, bezig met het net uit te werpen in het meer. Zij waren namelijk vissers. 19 En Hij sprak tot hen: “Komt, volgt Mij: Ik zal u vissers van mensen maken.” 20 Terstond lieten zij hun netten in de steek en volgden Hem. 21 Iets verder zag Hij nog twee broers, Jakobus en diens broer Johannes; met hun vader Zebedeüs waren zij in de boot de netten aan het klaarmaken. Hij riep hen, 22 en onmiddellijk lieten zij de boot en hun vader achter en volgden Hem. 

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies


LC 5, 1-11 is net zoals Mt 4, 18-22 een roepingsverhaal, maar wat voor een soort verhaal is Lc 5, 1-11 nog?
A
een parabel
B
een genezingsverhaal
C
een wonderverhaal
D
een lijdensverhaal

Slide 15 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welke bewering over ene Simon, Jakobus en Johannes klopt niet?
A
Het waren vissers
B
Ze worden de eerste vervolgers van Jezus
C
Ze worden mensenvisser
D
Ze worden geroepen door Jezus

Slide 16 - Quizvraag

ζωγρέω (zōgreō) is samengesteld uit zōos (levend) en agreō (vangen), wat letterlijk betekent "levend vangen"
2. WBL

  • Ga naar Teams > Godsdienst

  • Open Class Notebook
    > eigen mapje
    > 2. Werkbladen en impulsen
    > 3.4. De roeping van de eerste christenen

  • Bestudeer de tekst in puntje 3.

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

“Het is moeilijker geworden om vandaag openlijk gelovig te zijn dan vroeger.”
Helemaal akkoord
Eerder akkoord
Eerder niet akkoord
Helemaal niet akkoord

Slide 20 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Worden vandaag nog christenen vervolgd?
Ja
Misschien?
neen

Slide 21 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 23 - Link

Godsdienstvrijheid is een mensenrecht.
Toch staat dit mensenrecht in tal van landen onder druk. Dit geldt ook voor christenen.
Bestudeer de website. 
Noteer de top 5 van landen waarin christenen bedreigd en/of vervolgd worden?
Wat kenmerkt 
een 'aanhanger van de weg'?
'

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Zelfstandige Bijbelopdracht
Onderzoeksvraag:
             Wat betekent het om Jezus' weg te bewandelen?
                                  > "Wat moeten we doen?  (vb. Lucas 3, 10-14)
Ontdek enkele antwoorden via
               Galaten 5,1.7-8.13-22
               Handelingen der Apostelen 2,38-47
               1 Korintiërs 12, 28-30

„Handelingen der Apostelen leert ons dat ook de eerste christenen worstelden met hun geloof”, vervolgt Ella Deweerdt. „Het is iets van alle tijden, iets dat iedere christen wel eens ervaart. Dat besef werkt verbindend. Het is bovendien inspirerend te zien hoe gedreven de apostelen, Paulus en diens volgelingen hun geloof verkondigen. Nochtans zijn ze zich scherp bewust van het gevaar. Zelfs voor ons, die leven in een samenleving waarin geloven niet meteen je leven in gevaar brengt, is het niet altijd makkelijk om te getuigen over dat geloof. Hoe moeten de eerste christenen zich niet hebben gevoeld toen ze dat deden met gevaar voor eigen leven?”

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Einde lesonderdeel



In de volgende slides vrijblijvend nog enkele extra's

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Extra fragment 'Durf te vragen'
= vrijblijvend 

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 30 - Video

Deze slide heeft geen instructies