2 HAVO Thema 2: BS 3: 'De organen voor vertering'

Thema 2: BS 3:
 'De organen voor vertering''

1 / 13
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 2

In deze les zitten 13 slides, met interactieve quiz, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 35 min

Onderdelen in deze les

Thema 2: BS 3:
 'De organen voor vertering''

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Programma

-BS 3
-Filmpje
-HW tijd

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen
  • Je kunt de werking en functie van darmperistaltiek beschrijven
  • Je kunt de functies en kenmerken van de delen van het verteringsstelsel noemen
  • Je kunt de verteringssappen noemen met hun functies 

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 4 - Video

Schrijf in je schrift welke route voedsel aflegt (juiste volgorde)
Keuze
1) Zelfstandig opdr 1 t/m 10 maken van BS 3 (online)

2) Uitleg BS 3 
(stap voor stap langs de organen)

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Mondholte, keelholte & slokdarm
-Verteringssap = speeksel
Wat is de functie van speeksel?


-Slokdarm: duwt voedsel naar de maag 
Speeksel bestaat uit water, slijm & enzym
-inslikken van voedsel is makkelijker
-enzym in speeksel verteerd zetmeel

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Maag 
-Verteringssap = maagsap
-Bevat lengtespieren en kringspieren
-Maagportier (kringspier) 
sluit de uitgang af
Maagsap bestaat uit:
-Water
-Zoutzuur: dood bacteriën die met het voedsel meekomen
-Enzym: verteerd eiwitten voor een deel
-Afwisselend samentrekken & ontspannen
-> maag constant in beweging
voordeel: voedsel gekneed en vermengt met verteringssappen uit de maagwand
-Laat steeds kleine hoeveelheden voedsel naar de twaalfvingerigedarm
-> maag fungeert als tijdelijke opslagplaats van voedsel

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

twaalfvingerige darm, lever, galblaas & alvleesklier
-twaalfvingerige darm
Wat is de verhouding tussen de lever en de galblaas?


-Gal emulgeert vetten
-Verteerd eiwitten, koolhydraten & vetten


-Via het maagportier komt het voedsel in de twaalfvingerige darm.
-Hier komen verteringssappen uit de lever en alvleesklier bij het voedsel.
-De lever maakt gal, dit wordt opgeslagen in de galblaas 
-Via de galbuis wordt het afgevoerd naar de twaalfvingerige darm. 
-Verdeelt grote druppels in kleinere druppeltjes
-Zorgt voor oppervlakte vergroting
-> beter bereikbaar voor enzymen zodat het sneller verteerd wordt
Gal emulgeert alleen, enzymen verteren vet

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Dunne darm
-Darmsapklieren: darmsap
-Voedselbrij met veel water

-Darmplooien met uitstulpingen: darmvlokken

Waarom gaat de opname snel?

-Verteringssappen bevatten veel water
-Voedingsstoffen en verteringsproducten zijn nu opgelost in water
-> deze worden vervolgens opgenomen in de darmwand
-Plooien zorgen voor een groot oppervlak
-In de darmvlokken liggen direct bloedvaten
-De wand van de darmvlokken is dun
-Darmsap bevat enzymen die de vertering van eiwtten en koolhydraten afmaken.
-De verteringsproducten worden via de darmwand opgenomen in het bloed

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Dikke darm, blindedarm & endeldarm
-blinde darm met appendix
-Dikke darm haalt water uit voedselbrij
-Darm bacteriën voor vertering cellulose
-Endeldarm > anus > ontlasting
-Blinde darm is de overgang tussen de dunne- en dikke darm, deze heeft geen functie bij de vertering
-Uitstulping blinde darm = appendix, dit is ontstoken bij een blindedarm ontsteking
-Mensen kunnen cellulose moeilijk verteren
-Darm bacteriën bevatten een enzym dat dit wel kan (wij hebben zelf dit enzym niet)
Wat als mensen niet genoeg (goede) bacteriën in hun darm hebben?

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 11 - Video

Deze slide heeft geen instructies

MAAG
LEVER
DUNNE DARM
DIKKE 
DARM
TWAALF
VINGERIGE 
DARM
SPEEKSEL

-productie zoutzuur
-enzym verteerd eiwit voor een deel
-Groot oppervlak
-enzymen verteren eiwitten, koolhydraten & vetten
-opname stoffen
-Maakt gal wat vetten emulgeert
-Bevat enzym wat zetmeel verteerd
-onttrekt water uit voedselbrij
-opname water in bloed
-Hier mengen gal & alvleessap met de voedselbrij

Slide 12 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

De volgende les
Als je op schema wil werken:
opdr 1 t/m 10 van BS 3

HW controle: 26 november
SO: 2 december
(zie SOM/Teams)

Slide 13 - Tekstslide

2h2 26 nov & 2 dec
2h1 30 nov & 2 dec