Verzorgend redeneren

Verzorgend redeneren
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 2,3

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Verzorgend redeneren

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Inhoud les
Verzorgend redeneren
Redeneerhulpmiddelen
Oefenen aan de hand van casus
SBARR methode

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Verzorgend redeneren
Gestructureerd waarnemen, interpreteren, beslissen en handelen, en daarna evalueren.

Wat zie ik? (waarnemen, signaleren)

Wat betekent dit voor de cliënt? (interpretatie)

Wat moet ik doen? (beslissen en handelen)

Helpt dit? (evalueren en eventueel bijstellen)

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Verzorgend redeneren
  1. Waarnemen: Welke signalen en observaties vallen jou op.
  2. Interpreteren: Wat zou dit gedrag kunnen betekenen? Denk aan lichamelijke, psychische of sociale oorzaken.
  3. Concluderen: Wat denk je dat er mogelijk aan de hand is.
  4. Plannen: Welke acties onderneem je als verzorgende?
  5. Evalueren: Hoe weet je of je acties effect hebben gehad?

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Redeneerhulpmiddelen?

Slide 5 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Redeneerhulpmiddelen
Bradenschaal

Slide 6 - Tekstslide

https://meetinstrumentenzorg.nl/instrumenten/?zoek=
Valkuilen bij klinisch/verzorgend redeneren
eigen persoonlijke omstandigheden
gedrag van zorgvrager of familie
culturele verschillen
taalbarrière
tunnelvisie


Slide 7 - Tekstslide

vermoeidheid, stress, drukte


Voorbeeld
Mevrouw Jansen, 82 jaar, COPD. Tijdens de zorg merk je dat zij sneller ademt dan normaal en zegt dat ze het benauwd heeft.

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Toegepaste stappen
Stap 1 – Waarnemen
Je ziet: versnelde ademhaling, gebruik van hulpademhalingsspieren, grauwe gelaatskleur.
Je hoort: ze zegt dat ze benauwd is, spreekt korte zinnen.
Je voelt: ze pakt jouw hand stevig vast, lijkt angstig.

Stap 2 – Interpreteren

Mogelijk is de benauwdheid toegenomen door een verkoudheid, longontsteking, inspanning of angst.
Haar angst kan de benauwdheid verergeren.
Er is kans op verslechtering: zuurstoftekort, uitputting.

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 3 – Beslissen en handelen

Direct rust en veiligheid bieden: cliënt rechtop zetten, ramen openen indien gewenst, rustig laten ademen.
Controleren van ademhalingsfrequentie, kleur en saturatie (indien beschikbaar).
Haar hulpmiddelen (inhalator of zuurstof, andere medicatie) aanbieden volgens voorschrift.

Observeren of klachten toenemen.
Zo nodig arts of verpleegkundige waarschuwen.

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 4 – Evalueren

Wordt de ademhaling rustiger?

Voelt mevrouw zich minder angstig?

Zijn de klachten stabiel of nemen ze toe?

Bespreken en rapporteren wat je hebt gedaan en wat het effect was.

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Casus op papier
timer
20:00

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is de situatie?

Slide 14 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Situatie

  • Benoem wie je bent en bij welke cliënt je staat. (naam, geboortedatum, woning)
  • Beschrijf kort en bondig wat er aan de hand is: wat zie je, wat gebeurt er nu? Denk hierbij aan metingen die zijn gedaan, observaties van lichamelijke toestand of gedrag. 

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Background/behandeling
Geef relevante achtergrondinformatie van de cliënt.

Denk aan: diagnose, medische voorgeschiedenis, medicatie, allergieën, recente opname.

Benoem alleen wat nu belangrijk is voor de situatie.

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Analyse van situatie
Geef jouw observaties en wat jij denkt dat er aan de hand is.

Benoem vitale functies (indien gemeten): ademhaling, pols, bloeddruk, temperatuur, saturatie.

Geef je inschatting: is dit acuut, stabiel, zorgelijk?

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Respons/advies
Geef aan wat je wilt dat er gebeurt.

Stel een duidelijke vraag of verzoek om actie.

Benoem eventuele urgentie.

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Repeteer: herhaal wat de ander zegt
Herhaal de instructies die je krijgt, om fouten te voorkomen.

Zorg dat je zeker weet dat je het goed hebt begrepen.

Sluit het gesprek af met duidelijke afspraken.

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 20 - Video

Deze slide heeft geen instructies