Thema 8 Blok 3 Nederland

Blok 3 Nederland
1 / 39
volgende
Slide 1: Tekstslide
Mens en MaatschappijMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 2

In deze les zitten 39 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 8 videos.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Blok 3 Nederland

Slide 1 - Tekstslide

Wat gaan we doen  in les 1
Nadat er in Frankrijk en de Verenigde Staten een revolutie was uitgebroken, kwamen ook in de Nederlanden de patriotten in opstand tegen het bestaande bestuur. Het Nederlandse bestuur veranderde van conferderatie van zelfstandige gewesten naar een eenheidsstaat. 

Lezen: Waar gaat dit blok over? Onrust in de Republiek, De Bataafse Republiek & Een koning! (p. 56, 57, 59 en 61). 
Maken: opdracht 1 a,b &c, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8 & 9. 

 

Slide 2 - Tekstslide

Deze les gaat over de 18e eeuw. De 18e eeuw is van....
A
1600-1699
B
1700-1799
C
1800-1899
D
Er is helemaal geen 18e eeuw!

Slide 3 - Quizvraag

Onrust in de Republiek


De Republiek was van 1780-1784 in oorlog met Engeland. Tijdens de Amerikaanse Vrijheidsoorlog verkocht de Republiek  munitie aan de pas opgerichte Verenigde Staten. 

De Engelsen waren woedend en verklaarden de oorlog. 
Gevolg > de economie stortte (nog verder) in. 

 

We lezen: Waar gaat dit blok over? t/m Onrust in de Republiek op blz 44 - 46

Slide 4 - Tekstslide

Onrust in de Republiek
Na de welvaart van de Gouden Eeuw ging het in de 18e eeuw veel minder goed in de Republiek. Veel mensen waren erg arm.  Mensen gaven stadhouder Willem V en de regenten de schuld. 

Gevolg > ook in Nederland willen mensen hervormingen en meer democratie. De Patriotten riepen het volk op om in opstand te komen

Willem V (getrouwd met Wilhelmina van Pruisen) krijgt hulp van het Pruisische leger om de orde te herstellen. 
Gevolg > Patriotten vluchtten naar Frankrijk

Slide 5 - Tekstslide

Samengevat: 
Eind 18e eeuw in Nederland
  • De welvaart van de Gouden Eeuw is verdwenen.
  • Zeeoorlogen met Engeland.
  • Willem V + regenten (bestuurders) kregen de schuld.

Boze burgers grepen de macht in veel steden. Deze burgers noemen we: patriotten

Slide 6 - Tekstslide

Patriotten

  • Boze burgers die de macht grijpen: ze willen zelf hun stad besturen.
  • Streven naar vrijheid, gelijkheid en democratie
    .
  • Franse Revolutie als voorbeeld.

Orangisten

  • Steunen de stadhouder (nakomeling van Willem van Oranje).
  • Willen een Republiek blijven.

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Video

Welke overeenkomsten zie je tussen de Franse Revolutie en het streven van de patriotten?

Slide 9 - Open vraag

Bataafse Revolutie

1785: patriotten proberen de macht te grijpen.
  1. Dit mislukt > patriotten vluchtten naar Frankrijk.
  2. 1789 is de revolutie in Frankrijk
  3. Patriotten vragen hulp aan Frankrijk.
  4. 1795: Napoleon bezet Nederland
  5. Willem V vlucht naar Engeland
  6. De Bataafse Revolutie is gelukt!


We lezen De Bataafse Republiek op blz 48

Slide 10 - Tekstslide

De Bataafse Republiek (1795-1806)
Wat was nieuw?
  • Democratische Revolutie, uitgevoerd door burgers (patriotten)
  • Kiesrecht voor (een deel van de) mannen.
  • Centrale overheid (regering)
  • Landelijke belasting
  • openbare scholen



De Bataafse Republiek was echter niet van lange duur....

Slide 11 - Tekstslide

Slide 12 - Video

De Fransen de baas!

  • 1806: Napoleon maakt van de Bataafse Republiek het Koninkrijk Holland.
  • Onder leiding van Frankrijk (Lodewijk Napoleon, broer van keizer Napoleon).
  • Onderdeel van Frankrijk, Franse wetten gaan gelden.
  • Burgerlijke stand, achternamen, metriek stelsel
  • De tijd dat NL deel was van Frankrijk noemen we:
     de Franse tijd (1795-1813)
We lezen Een Koning! op blz 50

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Video

Welke Revolutie was eerst?
A
Franse Revolutie
B
Bataafse Revolutie

Slide 15 - Quizvraag

Patriotten zijn...
A
Mensen die een koning steunen
B
Mensen die kritiek hadden op de stadhouder en regenten.
C
De Fransen die in Nederland woonden
D
Mensen die de stadhouder en regenten steunden.

Slide 16 - Quizvraag

De Bataafse Revolutie is gelukt met hulp van de ....?
A
Pruisen
B
Fransen
C
Engelsen
D
Spanjaarden

Slide 17 - Quizvraag

Het Koninkrijk Holland hoorde bij Frankrijk
A
juist
B
onjuist
C
Koninkrijk Holland?

Slide 18 - Quizvraag

Dankzij de Franse Tijd hebben wij in Nederland:
A
achternamen
B
burgerlijke stand
C
het metriek stelsel
D
alle antwoorden zijn goed

Slide 19 - Quizvraag

In 1588 werden 7 gewesten onafhankelijk van Spanje.
Hoe heette de nieuwe staat?
A
De Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden.
B
De Republiek der Nederlanden.
C
Het koninkrijk der Zeven Verenigde Nederlanden.
D
Unie van Utrecht

Slide 20 - Quizvraag

Wat is een gewest?
A
Een soort zelfstandige provincie
B
Een provincie in het westen van Nederland
C
Dat zijn de 7 provinciën
D
Een provincie met eigen regels en wetten.

Slide 21 - Quizvraag

Aan de slag! 
Lezen: Waar gaat dit blok over? Onrust in de Republiek, De Bataafse Republiek & Een koning! (p. 56, 57, 59 en 61).
Maken: opdracht 1 a,b &c, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8 & 9.

Slide 22 - Tekstslide

Wat gaan we doen in les 2? 
Tijdens deze les bespreken we de manier waarop Nederland wordt bestuurd: we kijken naar de rol van de overheid en hoe deze Nederland  bestuurt vanuit de hofstad. De overheid bestuurt volgens het principe van de trias politica: wetgevende, rechtsprekende en uitvoerende macht. 

Lezen: Bestuurscentrum & Taken van de overheid (p. 63, 65)
Maken: opdracht 10, 11, 12, 13 & 14. 

 
 

Slide 23 - Tekstslide

Even terugblikken
  • In de 18e eeuw gaat het economisch niet goed in de Republiek. 
  • De Engelsen startten een zeeoorlog tegen de Republiek en nemen bezittingen van de VOC en WIC in beslag. 
  • Patriotten willen ook in Nederland democratische veranderingen. 
  • Met hulp van Napoleon werd in 1795 de Bataafse Revolutie een succes. Er komt een grondwet, stemrecht voor bepaalde mannen. De Bataafse Republiek bestaat van 1795 tot 1806
  • In 1806  worden we weer een koninkrijk. Koning is Lodewijk Napoleon. De broer van.... Hij probeert een koning voor het volk te zijn. 
  • In 1810 lijft Napoleon Nederland in.  Metriek stelsel, kadaster, burgerlijke stand en het burgerlijk Wetboek (Code Napoleon) worden ingevoerd

Slide 24 - Tekstslide

0

Slide 25 - Video

0

Slide 26 - Video


Welke bestuursvorm heeft Nederland op dit moment?
Maak opdracht 6 als je dat nog niet gedaan hebt. Neem 'm gelijk goed door! 
A
Confederatie
B
Eenheidsstaat
C
Federatie

Slide 27 - Quizvraag

Welke bestuursvorm heeft de Europese Unie?
A
Confederatie
B
Eenheidsstaat
C
Federatie

Slide 28 - Quizvraag

Welke bestuursvorm hebben de Verenigde Staten?
A
Confederatie
B
Eenheidsstaat
C
Federatie

Slide 29 - Quizvraag

Zoek samen op wat het verschil is tussen een federatie en een confederatie.
timer
3:00

Slide 30 - Open vraag

Bestuurscentrum



  • Een hoofdstad van een land is het economisch en politieke centrum van een land. 
  • De hoofdstad van Nederland is Amsterdam maar de overheid zit in de hofstad, Den Haag. 
  • Sinds de Middeleeuwen was het Binnenhof al belangrijk en na de Opstand bleef Den Haag het bestuurscentrum. Tijdens het bewind van Lodewijk Napoleon zetelt het bestuur  is Amsterdam. 
  • Sinds 1813 is de regering weer in Den Haag gevestigd. 
We lezen Bestuurscentrum op blz 52

Slide 31 - Tekstslide

Slide 32 - Video


Trias politica

Scheiding der machten.
  1. Wetgevende macht =>  parlement (en regering)
  2. Uitvoerende macht = regering
  3. Rechtsprekende macht = onafhankelijke rechters
We lezen blz 54! 

Slide 33 - Tekstslide

Slide 34 - Video

Aan de slag! 
Lezen: Bestuurscentrum & Taken van de overheid (p. 63, 65)
Maken: opdracht 1abc, 2 t/m 21


Slide 35 - Tekstslide

Wat gaan we doen in les 3? 
Les 3: 
De laatste les van dit blok gaat over de manier waarop er in Nederland voor elkaar wordt en werd gezorgd. Bijvoorbeeld door middel van sociale uitkeringen. 

Lezen: Zorgen voor elkaar, Gratis kinderopvang voor 120 alleenstaande bijstandsouders & Armenzorg in de achttiende eeuw (p. 66, 67 en 69). 

Maken: opdracht 15, 16, 17, 18, 19, 20, 21. 

Kijken: Klokhuis maakt geschiedenis- Willem Drees

Slide 36 - Tekstslide

0

Slide 37 - Video

Zorgen voor elkaar

Vroeger zorgden de familie of de kerk voor mensen. Tegenwoordig zorgt de overheid voor de burgers. Met sociale uitkeringen worden mensen die dat nodig hebben geholpen. Welke uitkeringen zijn er?
  • Er zijn werknemersverzekeringen  (hiervoor betalen mensen die werken premie)
  • Er zijn volksverzekeringen > AOW, Kinderbijslag (Volksverzekeringen worden betaald uit sociale premies) 
  • Er zijn sociale voorzieningen zoals Bijstand, huurtoeslag en zorgtoeslag. (Deze worden betaald met belastinggeld)

We lezen Zorgen voor elkaar op blz 56

Slide 38 - Tekstslide

Slide 39 - Link