Opdracht 2: Personages
Vragen bij een specifiek fragment.
Antwoorden:
- Vraag 1: Romy, haar oma en haar ouders.
- Vraag 2 en 3: Romy, want je hoort haar gedachtes en je volgt haar belevenissen. Als kijker kijk je met Romy mee naar wat er gebeurt.
- Vraag 4: eigen interpretatie. Suggestie: De band tussen Romy en haar oma lijkt niet heel goed. Romy wil bijvoorbeeld liever niet dat haar oma op haar past.
- Vraag 5: eigen interpretatie. Suggestie: Oma Stine lijkt geen hele lieve oma. Ze is streng en wil bijvoorbeeld liever niet dat Romy in de kapsalon langskomt met vriendinnetjes.
Uitleg personage:
Een personage is een verzonnen persoon in een film, toneelstuk of boek.
Uitleg hoofdpersoon:
De hoofdpersoon is het belangrijkste personage in een verhaal. Het is degene die we volgen en met wie we meeleven als kijker. De hoofdpersoon beleeft allerlei avonturen tijdens de film, maakt vaak een verandering door en heeft meestal een droom of wens. Aan het einde van de film zie je vaak of deze droom/wens in vervulling is gegaan.
Uitleg bijrol:
Een bijrol is een rol in een film die geen hoofdrol is, maar die wel belangrijk is voor het verhaal. Een bijrol is dus een kleinere rol dan de hoofdrol.