Deze slide heeft geen instructies
JdW-klimwijzer
Lesopbouw:
Vooraf:
Startklaar, Voorkennis activeren, Formatief Handelen
Instructie:
Leerdoelgericht werken, Inclusieve didactiek, Concrete en herkenbare voorbeelden, Formatief Handelen
Toepassing:
Actieve verwerking, Formatief handelen
Evaluatie:
Afsluiting
Deze slide heeft geen instructies
Titel van de les
subtitel
Deze slide heeft geen instructies
Startklaar
Op je plek zitten
Telefoon thuis of in de kluis
Jas over de stoel, oortjes in de tas, tas op de grond
Schoolspullen op tafel: Boek, Chromebook, JdW-map, etui
minute
second
1. Startklaar
Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de deur, noemt hen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent maakt expliciet wat startklaar betekent: telefoons zijn thuis of in de kluis, leerlingen zijn ingelogd in LessonUp en hun schoolspullen liggen klaar op tafel. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit door succescriteria voor gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren expliciet te maken.
JdW-kijkwijzer
Lesopbouw:
Vooraf:
Startklaar, Voorkennis activeren, Formatief Handelen
Instructie:
Leerdoelgericht werken, Inclusieve didactiek, Concrete en herkenbare voorbeelden, Formatief Handelen
Toepassing:
Actieve verwerking, Formatief handelen
Evaluatie:
Afsluiting
Deze slide heeft geen instructies
Registratie.
Deze slide heeft geen instructies
Saludo y presentación.
Terugblik opdracht
2. Voorkennis activeren
De docent laat relevante en voorwaardelijke voorkennis ophalen, bijvoorbeeld met een terugblikopdracht, waarbij ook een beroep op de thuistalen wordt gedaan. Op deze manier biedt de docent een kapstok om nieuwe stof te verbinden aan eerder geleerde kennis en krijgen alle leerlingen voldoende bedenktijd om tot een antwoord te komen. Tegelijkertijd worden misconcepties zichtbaar, waardoor de docent gericht kan inspelen op het denken van leerlingen en kritisch denken stimuleert.
ik begrijp het niet, ¿kunt u hetherhalen alstublieft?
Deze slide heeft geen instructies
Ik ken het Spaanse woord niet.
Deze slide heeft geen instructies
Instructie
Checklist:
Interactieve uitleg (responsief): wisbordjes, LessonUp check-vragen, Cornell-methode.
Een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren.
Meertaligheid functioneel inzetten.
Iedereen bij de les betrekken.
4. Inclusieve didactiek
De docent betrekt álle leerlingen actief, onder andere met paired talk: zo krijgen ook stillere leerlingen ruimte om hun ideeën te delen. Heldere routines voor luisteren en samenwerken bevorderen actieve deelname. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. De docent differentieert flexibel in ondersteuning, instructie, tempo en/of complexiteit en biedt ondersteuning op het moment dat leerlingen deze nodig hebben. Functioneel gebruik van thuistalen en het integreren van (culturele) achtergronden in de lesstof zorgen voor een contextrijke en inclusieve leeromgeving. Door positief, voorspelbaar en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.
Leerdoelen
Ik kan iemand in het Spaans beschrijven.
Ik kan vertellen hoe iemand eruitziet.
Ik kan vertellen hoe iemand is qua karakter.
Ik kan een persoon herkennen aan de hand van een beschrijving.
3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.
¿ Qué adjetivos conoces en español?
Deze slide heeft geen instructies
EL VERBO SER.
1. SER = hoe is iemand?
Gebruik ser voor eigenschappen.
Es alto. → Hij is lang.
Es baja. → Zij is klein.
Es simpático. → Hij is aardig.
Es joven. → Hij is jong.
Deze slide heeft geen instructies
EL VERBO TENER.
2. TENER = wat heeft iemand?
Gebruik tener voor haar, ogen en andere kenmerken.
Tiene el pelo largo. → Hij/zij heeft lang haar.
Tiene el pelo rubio. → Hij/zij heeft blond haar.
Tiene los ojos azules. → Hij/zij heeft blauwe ogen.
Deze slide heeft geen instructies
EL VERBO LLEVAR.
3. LLEVAR = wat draagt iemand?
Gebruik llevar voor kleding en accessoires.
Lleva gafas. → Hij/zij draagt een bril.
Lleva una camiseta. → Hij/zij draagt een T-shirt.
Lleva una gorra. → Hij/zij draagt een pet.
Deze slide heeft geen instructies
Deze slide heeft geen instructies
Deze slide heeft geen instructies
Deze slide heeft geen instructies
Arrastra y suelta.
ser
tener
alto
el pelo corto
delgado/a
inteligente
los ojos verdes
la cara redonda
bueno/a
pecas
simpático
jóven
el pelo rizado
Deze slide heeft geen instructies
Describe tu persona favorita.
Deze slide heeft geen instructies
Deze slide heeft geen instructies
Deze slide heeft geen instructies
Veelvoorkomende vragen en uitdrukkingen uit examens spaans
Deze slide heeft geen instructies
Afsluiting
Checklist:
Zijn de leerdoelen behaald?
Les in context plaatsen van de periode
Het leren en het gedrag samen evalueren
Vooruitblikken adhv JdW-planner
8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en gebruikt hierbij bijvoorbeeld de JdW-planner.
Begrippen
uit deze les
...
...
Deze slide heeft geen instructies
¿Qué aprendiste en esta clase?
Deze slide heeft geen instructies
Que opinas de esta clase.
Deze slide heeft geen instructies
Eindslide.
Ruimte voor een afsluitend woord.
Deze slide heeft geen instructies