Celcomponenten van bacteriën

Celcomponenten van bacteriën
1 / 16
volgende
Slide 1: Tekstslide

In deze les zitten 16 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Celcomponenten van bacteriën

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen
  • Aan het einde van de les kun je de functies en kenmerken van de verschillende celcomponenten van bacteriën uitleggen.
  • Aan het einde van de les kun je het belang van deze celcomponenten in de celbiologie en hun rol in de algemene functie van de cel begrijpen.

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat weet je al over celcomponenten van bacteriën?

Slide 3 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Ribosomen
  • Eiwitsynthesemachines in de cel

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Plasmide
  • Kleine, cirkelvormige stukjes DNA die buiten het chromosoom in de cel leven

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Pili
  • Dunne, haarachtige structuren op het celoppervlak die helpen bij beweging en DNA-overdracht

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Cytoplasma
  • Het vloeibare deel van de cel waarin andere celcomponenten zijn ondergedompeld

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Capsule
  • Een kleverige laag die sommige bacteriën omgeeft en hen helpt bij het vasthouden aan oppervlakken en het weerstaan van het immuunsysteem

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Celwand
  • Een stijve structuur die de cel beschermt en haar vorm geeft

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Celmembraan
  • Een dunne laag die de cel omsluit en reguleert welke stoffen erin en eruit kunnen

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Flagellum
  • Een lange, zweepachtige structuur die helpt bij de beweging van de cel

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Nucleotide (cirkelvormig DNA)
  • De bouwstenen van DNA, die de genetische informatie van de cel dragen

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Definitielijst
  • Ribosomen: Eiwitsynthesemachines in de cel
  • Plasmide: Kleine, cirkelvormige stukjes DNA die buiten het chromosoom in de cel leven
  • Pili: Dunne, haarachtige structuren op het celoppervlak die helpen bij beweging en DNA-overdracht
  • Cytoplasma: Het vloeibare deel van de cel waarin andere celcomponenten zijn ondergedompeld
  • Capsule: Een kleverige laag die sommige bacteriën omgeeft en hen helpt bij het vasthouden aan oppervlakken en het weerstaan van het immuunsysteem
  • Celwand: Een stijve structuur die de cel beschermt en haar vorm geeft
  • Celmembraan: Een dunne laag die de cel omsluit en reguleert welke stoffen erin en eruit kunnen
  • Flagellum: Een lange, zweepachtige structuur die helpt bij de beweging van de cel
  • Nucleotide (cirkelvormig DNA): De bouwstenen van DNA, die de genetische informatie van de cel dragen

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Schrijf 3 dingen op die je deze les hebt geleerd.

Slide 14 - Open vraag

De leerlingen voeren hier drie dingen in die ze in deze les hebben geleerd. Hiermee geven ze aan wat hun eigen leerrendement van deze les is.
Schrijf 2 dingen op waarover je meer wilt weten.

Slide 15 - Open vraag

De leerlingen voeren hier twee dingen in waarover ze meer zouden willen weten. Hiermee vergroot je niet alleen betrokkenheid, maar geef je hen ook meer eigenaarschap.
Stel 1 vraag over iets dat je nog niet zo goed hebt begrepen.

Slide 16 - Open vraag

De leerlingen geven hier (in vraagvorm) aan met welk onderdeel van de stof ze nog moeite. Voor de docent biedt dit niet alleen inzicht in de mate waarin de stof de leerlingen begrijpen/beheersen, maar ook een goed startpunt voor een volgende les.